Eerste stap naar delen macht in Zuid-Afrika

KAAPSTAD, 7 DEC. De politieke toekomst van Zuid-Afrika is vanmorgen begonnen. In een statig gebouw in Kaapstad, symbolisch gesitueerd naast het kantoor van de staatspresident en de gebouwen van het oude parlement dat op sterven na dood is, is de Uitvoerende Overgangsraad (UOR) van zwarte en blanke partijen geïnstalleerd. De plechtigheid was het begin van het einde aan de blanke heerschappij - vlak bij de plaats waar de Nederlander Jan van Riebeeck haar 341 jaar geleden aan wal bracht.

De raad zal tot aan de verkiezingen van 27 april 1994 als een schaduwregering het land meebesturen. Hij kan besluiten van de regering ongedaan maken, zelf initiatieven nemen, ministers op de vingers tikken en zorgen dat de staatsmacht niet wordt misbruikt om kiezers te winnen. De raad kan de plaag van politiek geweld en criminaliteit effectiever bestrijden, want zwarte medezeggenschap kan de geloofwaardigheid van het leger en de politie in de 'townships' vergroten.

Extreem-rechtse blanken reageerden 1500 kilometer verderop met de symbolische bezetting van Fort Schanskop, nu een militair museum nabij Pretoria. Tien leden van het 'Boerekommando' verschansten zich vanmorgen met proviand en wapens in het fort, uit protest tegen de Overgangsraad die zij beschouwen als een “oorlogsverklaring” aan blanken die een eigen staat in Zuid-Afrika eisen. Het Zuidafrikaanse leger omsingelde het fort en stuurde er rond het middaguur extra troepen naar toe.

Met de UOR betreedt Zuid-Afrika een nieuwe fase in de overgang van apartheid naar democratie. De blanke minderheid krijgt de kans te wennen aan het afstaan van de macht. Maar ook voor zwarte partijen als het ANC voltrekt zich een wezenlijke psychologische ommekeer: de politieke cultuur van protest en verzet wordt verruild voor mede-verantwoordelijkheid. Na de installering in Kaapstad verhuist de UOR naar Pretoria, tot nu toe het bolwerk van exclusief-blanke macht. Daar betrekt de Overgangsraad een gebouw in het centrum van de stad dat voorheen toebehoorde tot een bank: Saambou.

De 19 partijen die deelnamen aan de onderhandelingen over de nieuwe grondwet hebben hun belangrijkste onderhandelaars afgevaardigd in de UOR. Voor het Afrikaans Nationaal Congres neemt secretaris-generaal Cyril Ramaphosa zitting in de raad, voor de regering minister van grondwetszaken Roelf Meyer.

“De overgangsraad is tekenend voor de nieuwe compromispolitiek”, zegt Dawid van Wijk, hoogleraar staats-en volkenrecht in Pretoria, die als technisch deskundige de wetgeving hielp opstellen. “Zuid-Afrika is er werkelijk in geslaagd een brug te slaan tussen de apartheid, met al haar negatieve en onmenselijke elementen, en een liberaal-democratisch model. Dat is een wonder”.

Pag.4: Raad effent weg voor verkiezingen

Het compromis van de Uitvoerende Overgangsraad schuilt in de semantiek. De regering wilde niet meer dan een adviesraad voor de voorbereiding van de verkiezingen die zich niet zou mengen in staatszaken. Het ANC, bevreesd voor mede-verantwoordelijkheid zonder bevoegdheden, eiste een overgangsbestuur met uitvoerende macht. De partijen leggen de betekenis van de UOR dan ook verschillend uit. President De Klerk probeert zijn aanhang gerust te stellen en verklaart dat de regering tot aan de verkiezingen niets uit handen geeft. Volgens het ANC is de overdracht van de staatsmacht begonnen. “We moeten weigeren een machteloos advieslichaam te zijn”, riep Ramaphosa de raad vanmorgen in zijn toespraak op. “We moeten waardigheid, vastberadenheid en moed tonen en als het moet zelfs tegen wetten van de regering ingaan. De Nationale Partij moet eindelijk aanvaarden dat de dagen van minderheidsbestuur in Zuid-Afrika voorbij zijn.”

De jurist Van Wijk, die de onderhandelingen van nabij volgde, verwacht dat die tweeslachtigheid zal voortduren. “De regering kan al geruime tijd niet meer op eigen houtje besluiten nemen. In praktijk zal de soevereiniteit van de regering verschuiven naar de raad, en zal het voor de Nationale Partij steeds moeilijker worden te beweren dat het slechts een adviesorgaan is.” Hij wijst erop dat de raad elke voorgestelde wetgeving van de regering kan blokkeren, wanneer hij die in strijd acht met zijn taken. “Als dat geen ruime uitvoerende bevoegdheid is, dan weet ik het niet meer”, aldus Van Wijk.

De eerste functie van het overgangsbestuur is “het gelijk maken van het speelveld voor de verkiezingen”, zoals het hier in politiek jargon heet. Eerlijke verkiezingen lijken in het huidige klimaat van geweld en intimidatie een illusie: in de zwarte woongebieden worden dagelijks mensen vermoord omdat ze lid zijn van de “verkeerde” partij. De Nationale Partij en de Democratische Partij kunnen de townships vaak niet in om hun boodschap te verkondigen, en extreem-rechts staat in dorpen op het platteland gewapend de ANC-aanhangers op te wachten die er willen vergaderen.

“Het zal mij niet verbazen als de raad zodra hij is ingesteld zal proberen het geweld de kop in te drukken”, zegt Van Wijk, hoogleraar aan de schriftelijke universiteit Unisa - met 120.000 studenten (50.000 zwarten) de grootste instelling voor hoger onderwijs in Zuid-Afrika. “Leger en politie kunnen met steun van de UOR hard optreden tegen geweldplegers van links en rechts. Ik betwijfel of de noodtoestand zal worden uitgeroepen, maar ik voorzie wel drastische maatregelen als wegblokkades, arrestaties en het uitroepen van meer onrustgebieden. Het zal heel interessant zijn om te zien wat het ANC gaat doen tegen het geweld. Tot nu toe is het ANC huiverig om op te treden tegen zijn eigen aanhangers die geweld plegen”.

Inkatha-leider Mangosuthu Buthelezi, de blanke Konservatieve Partij en de in naam onafhankelijke etnische thuislanden Bophuthatswana en Ciskei erkennen de Overgangsraad tot nu toe niet en maken er geen deel van uit. Onderhandelingen tussen deze Vrijheidsalliantie, de regering en het ANC liepen gisteren vast. De leiders van de alliantie beraden zich vandaag op deelneming aan de verkiezingen. Die eis willen de andere partijen ingewilligd zien, voordat zij de dwarsliggers eventueel tegemoetkomen via aanpassingen in de grondwet.

Maar hun afwezigheid betekent geenszins dat de partijen van de Vrijheidsalliantie de invloed van de UOR niet zullen ondervinden. De thuislanden en Buthelezi's gebied KwaZulu zijn voor hun voortbestaan vrijwel geheel afhankelijk van geld uit Pretoria. Hun voornaamste politieke tegenstander, het ANC, zit in de UOR voor het eerst met de hand bij de geldkraan. Van Wijk: “De Overgangsraad kan besluiten geen fondsen meer te verstrekken aan KwaZulu en de thuislanden, en hun werk laten overnemen door Zuidafrikaanse ministeries. Dan heeft Buthelezi echt een probleem. Zijn retoriek luidt dat de andere partijen KwaZulu willen vernietigen, maar constitutioneel bestaat die mogelijkheid nu. Als partijen de verkiezingen willen tegenhouden en mensen intimideren die wel willen stemmen, dan sluit ik niet uit dat de regering onder druk van de UOR de kraan moet dichtdraaien. Wie buiten het proces blijft staan, pleegt dus politieke zelfmoord”