Dikke benen geen probleem voor stayer in vorm Ritsma

ROTTERDAM, 7 DEC. Ard Schenk was ooit van mening dat Ritsma's benen veel te dik waren om een goede tien kilometer te schaatsen. Maar hij benaderde gisteren het wereldrecord op de langste schaatsafstand tot op minder dan vier seconden, 13.47,14. Ritsma werd tweede achter Johan Olav Koss maar reed beduidend sneller dan erkende stayers als Zandstra en Veldkamp. De Noor deed op de laatste dag van de wereldbekerwedstrijden in Hamar een vergeefse poging zijn eigen wereldrecord uit 1991 te verbeteren. Drie ronden voor het einde moest hij zijn streven bijstellen, 13.44,61. Ruim een seconde te veel.

Koss, die in Hamar drie afstanden won, is terug op het niveau van het seizoen 1990/91. Toen veroverde hij de Europese- en wereldtitel met overmacht. De Nederlanders kregen een Koss-complex aangepraat en de Noorse student medicijnen zou de schaatswereld in de jaren negentig regeren zoals het Amerikaanse fenomeen Eric Heiden vijftien jaar geleden deed. Die won alle afstanden met overmacht, Koss zou alleen op de sprint tegenstand dulden, luidde de voorspelling.

Dankzij de opkomst van Zandstra, de wederopstanding van Veldkamp en misschien ook wel de lichte terugval van Koss, kwam de spanning terug. Dit jaar lijkt Ritsma in staat de kloof met de twee beste allrounders, Zandstra en Koss, te dichten. Hij lijkt sterker dan ooit. “Al drie weken schaats ik zo. Dat kun je geen toeval meer noemen, anders houd je het niet zo lang vol. Er kan dus nog meer worden verwacht. Ik denk dat ik pas op negentig procent zit.” Door technische aanpassingen kan Ritsma gemakkelijker zijn kracht op het ijs kwijt. Zijn bewegingen zijn meer voorwaarts gericht. Alleen zijn rondetijden vertonen nog te veel verschillen.

De Fries haalde negen seconden af van zijn persoonlijk record dat hij in Heerenveen (EK 1993) vestigde. “Toen was ik kapot. Nu lekker moe.” Ritsma miste net als op de 5000 meter het nationale record van Bart Veldkamp op een fractie. De drie tweede plekken achter Koss vergoeden veel. Al lijkt de vrees gerechtvaardigd dat hij wederom, na twee jaar in de schaduw van Zandstra te hebben gereden, achter een kampioen moeten rijden: Koss.

Bart Veldkamp hield zich in Hamar op de achtergrond. Bondscoach Ab Krook maakt zich daar niet al te veel zorgen om. Hij ziet de olympische tien-kilometerkampioen als het voorbeeld van de ideale sporter. “Bart wil altijd winnen. Kan dat niet altijd. Maar hij is consequent en serieus. Dat komt wel goed.” Veldkamp zei na afloop “nog nooit zo'n goede tijd in zo'n slechte vorm gereden te hebben”.

Falko Zandstra reed de slotafstand op halve kracht. Hij was misselijk en grieperig. Na een bezoek aan een Noorse dokter en telefonische raadpleging van KNSB-arts Frank Nusse mocht hij alsnog starten. Op halve kracht eindigde Zandstra als vijfde: 13.43,54.

Enige uren eerder had Dan Jansen eveneens vergeefs op een record gemikt. De 1000-metertijd (1.12,58) van Pavel Pegov en Igor Zjelezovski lag te hoog. Voor Jansen is de kilometer vaak een paar meter te lang. Hij is en blijft de specialist op de 500 meter, de afstand die hij zaterdag en zondag als enige rijder ter wereld onder de 36 seconden reed. Het blijft opmerkelijk dat de records op zowel de 1000 als de 1500 meter al jaren niet zijn verbeterd. Afgelopen weekeinde kwamen de allrounders niet toe aan de tijd van de (Oost)duitser Hoffmann op de mijl.

Arie Loef voldeed op de 1000 meter aan de olympische limiet. Loef reed 1.14,47 en werd veertiende. Gerard van Velde (1.14,35) en Arjan Schreuder (1.13,80) waren al genomineerd voor. Als Loef vormbehoud toont, kan hij in februari starten voor zijn tweede Olympische Winterspelen. Na Van Velde en Christine Aaftink is hij de derde Nederlandse sprinter op de voorlopige deelnemerslijst.

Door de nieuwe toptijd van Gunda Niemann is Yvonne van Gennip haar laatste wereldrecord kwijt. De Duitse reed gistermorgen 7.13,29, bijna een seconde sneller dan het oude record dat Van Gennip in 1988 in Calgary reed. Carla Zijlstra eindigde als tweede, met een achterstand van bijna elf seconden op Niemann. Annamarie Thomas werd negende.

Niemann won in Hamar ook de 1500 en de 3000 meter. Vanzelfsprekend geldt de tweevoudige winnares van het goud in Albertvile als favoriet op de drie olympische afstanden in Hamar. Ze schaatst nog even lelijk als voorheen, maar haar stijl blijft heel efficiënt.