Kabinet: fonds voor bouw gezondheidszorg

DEN HAAG, 6 DEC. Het kabinet stelt een waarborgfonds in voor de volksgezondheid. Staatssecretaris Simons (volksgezondheid) heeft het parlement meegedeeld dat de overheid een eerste storting van 125 miljoen gulden in het fonds zal doen.

Dat bedrag komt uit het fonds van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). Het tekort dat daardoor ontstaat wordt in principe gecompenseerd door een tragere uitvoering van bouwplannen in de sector gezondheidszorg. Het waarborgfonds zal het instellingen voor gezondheidszorg gemakkelijker maken bij banken tegen een redelijke rente leningen voor investeringen af te sluiten.

Simons' voorstel gaat ook uit van een eenmalige storting door de deelnemende instellingen. De hoogte daarvan zal afhankelijk zijn van de risicograad van de lening waar het fonds borg voor staat en zal in de praktijk tussen de één de 1,5 procent schommelen.

Instellingen die meedoen moeten daarnaast een door de beheerders vast te stellen jaarlijkse premie betalen. Tot slot komt er een verplichting om een extra storting te doen als de reserves van het fonds onder een bepaalde grens zakken. Als het desondanks toch in geldnood komt, verschaft de overheid een tijdelijk overbruggingskrediet. Per jaar wordt in de gezondheidszorg meer dan twee miljard geïnvesteerd in ziekenhuizen en andere instellingen.

In 1989 zijn de rijksgaranties afgeschaft. Sindsdien zijn de instellingen voor het financieren van investeringen volledig op de banken aangewezen. Die stellen nu hogere eisen aan hun financiële positie. Instellingen met weinig vermogen kunnen daardoor steeds moeilijker aan geld komen. Het waarborgfonds zal, zo meent het kabinet, aan deze situatie een eind maken.