Oliecrisis

In de reconstructie 'Doelwit Rotterdam' (Zaterdags Bijvoegsel, 30 oktober) worden de zaken rondom de olieboycot van 1973 gedegen en objectief op een rijtje gezet.

Een schijn van eenzijdigheid wordt vermeden door te spreken van Oktoberoorlog en niet van Yom-Kippur- of Ramadanoorlog. Ook wordt het door Egypte en Syrië beoogde doel van de oorlog genoemd: de herovering van de sinds 1967 door Israel bezette gebieden. Het was dus geen aanval ter vernietiging van de staat Israel.

De geschiedenis heeft Sadat inmiddels recht gedaan. Het wordt in brede kring immers geaccepteerd, dat hij de toenmalige Israelische onwil om gevolg te geven aan VR-resolutie 242 wilde doorbreken door via het (gedeeltelijke) succes van een geslaagde Suez-kanaalovergang (een beperkt militair doel) een goede politieke uitgangsbasis te verwerven voor latere vredesgesprekken met Israel.

Bij de beoordeling op 6 en 7 oktober 1973 op het hoogste Haagse niveau van de militaire situatie in het Midden-Oosten zal de kernvraag of Israels voortbestaan op het spel stond, zeker aan de orde zijn geweest. Dit onder beschouwing van aspecten als het aan de aanval voorafgaande vertrek van de Sovjet-adviseurs en de militaire onmogelijkheid van Egypte en Syrië om Israel van de kaart te vegen. Ondanks de verrassing waren de militaire krachtsverhoudingen immers in Israels voordeel, met als zwaartepunt een ongenaakbare luchtmacht. Tot slot had Israel nucleaire wapens (hoewel dit niet werd toegegeven) in strategische reserve.

De brede Nederlandse sympathie voor Israel ten tijde van de vele Midden-Oostenoorlogen is verklaarbaar. Dat oud-minister Vredeling verblind door sympathie echter destijds met militaire middelen op eigen houtje buitenlandse politiek ging bedrijven - een ernstiger aantasting van de taakstelling van zijn collega van buitenlandse zaken lijkt niet mogelijk - op basis van een bovendien onjuiste analyse is ongelofelijk. Hij rechtvaardigt immers nu nog zijn daden door over 'afslachting' van Israel en een 'volstrekte noodsituatie' te spreken, terwijl slechts een deel van de door Israel bezette gebieden verloren dreigde te gaan. Het voortbestaan van Israel stond in 1973 niet op het spel. Wel het bestaan van Eretz-Israel.