'Nederland blijft te veel mest in Noordzee lozen'

ROTTERDAM, 4 DEC. Met het huidige mestbeleid kan Nederland niet aan de internationale verplichtingen voldoen. Nog altijd wordt te veel stikstof in de Noordzee geloosd.

Dit staat in een gisteren openbaar gemaakt rapport van het Waterpakt, een samenwerkingsverband van drie milieu-organisaties.

De drie milieu-organisaties - de Werkgroep Noordzee, de Landelijke Vereniging tot Behoud van de Waddenzee en de Vereniging tot Behoud van het IJsselmeer - vellen hun oordeel aan de vooravond van een internationale ministersconferentie over de Noordzee, volgende week in Kopenhagen. De tweedaagse bijeenkomst gaat vooral over de vervuiling van de Noordzee door landbouwactiviteiten. Van Nederlandse kant nemen de ministers Maij-Weggen (verkeer en waterstaat) en Bukman (landbouw) deel. Kort daarna, op 13 december, bespreekt de Tweede Kamer het Nederlandse mestbeleid voor de periode 1994-2000.

De nota van het Waterpakt, die tot stand kwam in samenwerking met andere milieugroepen, is grotendeels gewijd aan de belasting van de Noordzee met fosfaten en stikstof. Hierdoor kan overvloedige algenbloei optreden, die weer ernstige zuurstoftekorten tot gevolg heeft en het ecologisch evenwicht ontregelt. In 1987 hebben de Noordzeestaten daarom afgesproken de toevoer van deze voedingsstoffen, die vooral door uitspoeling van drijfmest in de rivier en vervolgens in zee belanden, met de helft te verminderen. Dit doel moet in 1995 bereikt zijn.

Het Waterpakt stelt echter vast dat de lozing van stikstof de laatste jaren nauwelijks is gedaald. In de afvoeren van de grote rivieren naar de Noordzee is volgens de organisaties zelfs geen enkele vooruitgang zichtbaar. Ze wijten dit onder meer aan het uitblijven van verbeteringen in de agrarische sector. “Voor verdergaande doelstellingen in het jaar 2000 en daarna ziet het er helemaal somber uit”, aldus het rapport.

De hoeveelheid geloosde fosfaten is de laatste jaren wel aanzienlijk gedaald, zodat de doelstelling van het Noordzeebeleid - vijftig procent vermindering in 1995 - op dit onderdeel “nagenoeg zal worden gehaald”. De nota van het Waterpakt toont echter aan dat reducties van 75 à 90 procent noodzakelijk zijn om de ongewenste effecten van 'vermesting' uit te bannen. De milieu-organisaties achten dit onhaalbaar als het beleid niet wordt gewijzigd.

Het rapport besluit met aanbevelingen, die neerkomen op een aanscherping van de kwaliteitsnormen voor oppervlakte- en grondwater. Instellingen die verantwoordelijk zijn voor de waterkwaliteit dienen daartoe plannen op te stellen, gericht op bestrijding van fosfaat- en stikstoflozingen. Ook het uitspoelen van chemische bestrijdingsmiddelen zou drastisch moeten verminderen.

Een ander advies luidt om de ecologische landbouw, die werkt zonder kunstmest en chemicaliën, meer kansen te geven. In het jaar 2000 zou ten minste twintig procent van de landbouwprodukten het predikaat 'ecologisch geteeld' moeten dragen.