Europa en VS vervreemden van elkaar; Europese atlantici ongerust

BRUSSEL, 4 DEC. Brusselse atlantici slapen slecht. Pas wanneer Europa zichzelf overwint en een GATT-akkoord sluit, kan de vernieuwing van de NAVO onder VS-leiding een succes worden. Tot dat ogenblik blijven de betrekkingen tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten in woelig vaarwater verkeren.

En toch lijkt de lucht te klaren. Bijna een jaar lang is Europa tamelijk nerveus geweest over de ware bedoelingen van de nieuwe Amerikaanse president, Bill Clinton. Maar na het slagen van het NAFTA-akkoord tussen de VS, Canada en Mexico weet Brussel nu waar het aan toe is. Want Clinton koos daarmee definitief voor vrijhandel, economische integratie, grote regionale binnenmarkten - precies die concepten waar Europa in eigen huis al decennia mee bezig is. Nu staan de klokken in Washington en Brussel in elk geval weer gelijk.

Politiek-psychologisch is het klimaat in Europa en de VS het afgelopen jaar op dezelfde manier veranderd. De Europese Unie van Maastricht werd maar net binnengesleept, vóór een rijzend tij van antifederale emoties. De recessie prikte de dromen over 'open grenzen' door - de Unie moest voor banen en bescherming zorgen en verder haar mond houden. Het isolationisme en nationalisme leken in Europa toe te slaan.

De nieuwe Amerikaanse minister Christopher kwam eind februari met een vrijwel identieke boodschap van Clinton naar Europa. Hij introduceerde het begrip 'economische veiligheid' als toetssteen van al het Amerikaanse buitenlands-politiek handelen jegens Europa. Het was overigens een unieke gebeurtenis: tot verbazing van Brussel koos Christopher de NAVO uit als forum om het handelsbeleid van de VS te presenteren.

Pag.5: Kloof VS-Europa te overbruggen met GATT-akkoord

Christopher kondigde aan naar het voorbeeld van Dean Acheson voortaan 'totaal-diplomatie' te zullen bedrijven. Uitsluitend de Amerikaanse binnenlandse belangen zouden voor Clinton richtinggevend zijn voor de buitenlandse politiek. Binnen- en buitenlandse politiek zouden voortaan 'naadloos' in elkaar overgaan.

Wat kon dat betekenen, vroeg Brussel zich af. Zou Amerika nog meer soldaten uit Europa terugtrekken, als de Europeanen geen handelsconcessies doen? Speelde de ideologische verwantschap dan geen rol meer? De 'westerse waarden', de liberale ideologie, de vrijhandelsgedachte, de mensenrechten, waarvoor de VS en Europa zich altijd de rol van cultuurdragers in de wereld hadden aangemeten?

Iedere uitspraak en maatregel van Washington werd onder het vergrootglas gelegd. De VS legden dit voorjaar anti-dumping heffingen op staal en sloten Europese bedrijven van federale overheidscontracten uit. Clinton haalde in toespraken fel uit naar de '26 miljard dollar' die Europa in Airbus-industrie zou steken. Het NAFTA-akkoord moest 'verbeterd' worden, met nieuwe sociale en milieu-afspraken. Het Amerikaanse begrip 'economische veiligheid' begon een verdacht protectionistische kleur te krijgen.

Langzaam groeide in Brussel de vrees dat de VS zich op het eigen continent zouden terugtrekken, danwel aan de handelsrelaties met Azië de voorkeur zou gaan geven. Dat zou niet minder dan een ramp zijn: de VS en de Unie zijn de grootste wereldhandelaars, samen verantwoordelijk voor meer dan een derde van het totale handelsvolume. Onderling verhandelen ze voor ongeveer 200 miljard dollar: ze zijn elkaars grootste handelspartners. In Brussel worden de VS steevast als 'de locomotief' van de Europese economie aangeduid. Traditioneel zien Europese ondernemers de VS als hun natuurlijke handelspartner, innovatie-bron, kapitalistische thuishaven en model-arbeidsmarkt. Die vrees voor een nieuw VS-isolationisme werd nog groter toen Clinton vorige maand met veel fanfare in Seattle met de Aziatische landen opeens een 'gemeenschap' leek op te richten.

Tegelijk dachten de Brusselse politici in Bill Clinton juist de meest 'Europese' president aller tijden te herkennen. De gedeeltelijk in Oxford opgeleide bestuurder-pur-sang debuteerde in februari met een economisch herstelplan dat naadloos aansloot bij het Europese denken. Clinton wilde wegen, spoorlijnen en een super-datanetwerk aanleggen, particuliere investeringen stimuleren en tegelijk het overheidstekort beperken. Daarnaast wilde de president het Amerikaanse onderwijs verbeteren en de gezondheidszorg hervormen. Er leek zelfs even een Amerikaanse 'ecotax' (milieubelasting) aan te komen. Als alle bezuinigingsplannen worden doorgevoerd, voldoen de VS zelfs aan de normen voor de Europese monetaire unie, zo zei de Amerikaanse EG-ambassadeur trots.

De Commissie had vrijwel identieke plannen voor Europa. 'Netwerken' waarmee Oost-Europa aansluiting krijgt en de werkgelegenheid wordt verbeterd. Zowel voor goederen, energie als data. Verbetering van het onderwijs, stimulering van het wetenschappelijk en technologisch onderzoek om Azië bij te houden. Clinton stal het hart van de socialist Delors door een strategische verbond met de Detroitse autofabrikanten voor de zuinige 'auto van de toekomst' te sluiten. Precies het soort allianties tussen overheid en bedrijven waarmee Delors Europa graag in de elektronica zou willen opstuwen. Bij het publiek, vooral in de noordelijke lidstaten maakte Clinton een goede beurt door de homo-boycot in het Amerikaanse leger aan te pakken. Ook de milieu-ideeën van vice-president Gore leken recht uit Europa te komen.

Tegelijk is de mythe van Amerika als het land van onbegrensde mogelijkheden aan Europese kant behoorlijk afgebladderd. De brute moorden op willekeurige Britse en Duitse toeristen in Florida hebben in Europa diepe indruk gemaakt. Kennelijk is een Europeaan in een huurauto bij een Amerikaans vliegveld z'n leven niet zeker. Horror-stories over de vuurwapen epidemie in de Amerikaanse binnensteden keren regelmatig terug in Europese tv-rubrieken.

Heel Europa kan tegenwoordig de Amerikaanse '911-' en andere 'reality-shows' zien, waarin echte misdaden en rampen worden getoond. De agenten, verplegers en brandweerlui zijn er de helden, het Amerikaanse imago in Europa onwillekeurig het slachtoffer. De straten in Amerika zijn niet geplaveid met zilveren dollars, maar met lege patroonhulzen. Iedere Europeaan weet van het Amerikaanse falen in de sociale gezondheidszorg, de geringe resultaten van het onderwijs, de verkrampte politiek rond drugs, wapens, abortus, euthanasie en seksualiteit.

De weerstand in Europa tegen het Amerikaanse 'cultuur-imperialisme' lijkt te groeien. Europese filmregisseurs beschuldigden dit najaar in Brussel de Amerikaanse audiovisuele industrie van opzettelijke broodroof, met de bedoeling Europa 'over te nemen'. Over enkele decennia zal er geen enkele zelfstandige Europese film meer geproduceerd worden, voorspellen zij.

Brussel heeft de Europese tv-stations al voorgeschreven dat minimaal 51 procent van het uitgezonden materiaal van Europese herkomst moet zijn. België probeerde vorige maand het Amerikaanse kabelstation TNT/Cartoon van CNN-eigenaar Ted Turner om die reden van de Brusselse kabel te weren. Turner gaf toe: hij zendt nu ook oude Europese films en tekenfilms uit. Alle Amerikaanse films zijn Frans nagesynchroniseerd. De Europese Commissie probeert intussen de Amerikanisering van het tv-nieuws tegen te gaan. Er worden forse subsidies betaald aan Euro-News, in de hoop een Europese tegenhanger van het Amerikaanse CNN te creëren.

Zeer opvallend is het falen van Euro-Disney: hetzelfde onschuldige, attractieve tekenfilmplezier waarvoor Europeanen massaal naar de Californische zon vliegen, bezorgt ze in het druilerige Noord-Franse landschap kennelijk kippevel. Het is Amerika in het klein, maar dan anders. Steriel, geforceerd, onecht. Een preuts produkt in schelle kleuren, onder een plastic vernis in een kitsch-landschap.

Ook in de veiligheidsrelatie met de VS is dit jaar een kloof gaan gapen. De nieuwe Amerikaanse regering gedroeg zich almaar afzijdiger bij het grootste veiligheidsprobleem voor Europa, de burgeroorlog in Joegoslavië. Van Clintons verkiezingsbeloften over fors ingrijpen kwam niets terecht. Washington deed weliswaar flink mee aan het afwerpen van hulp boven Bosnië en het afdwingen van het vliegverbod. Maar de animo om militair of politiek voorop te lopen was zeer gering. Ook hier gold dat de Amerikaanse binnenlandse politiek er niet om vroeg - en dus gebeurde het niet.

Alleen in de lente deed Clinton een halfhartige poging. Hij bepleitte toen, tegen de zin van Europa, opheffing van het wapenembargo voor Bosnië. Clinton stelde ook voor Servische artillerie uit de lucht aan te vallen, om zo de moslims te beschermen. Christopher kwam over dit idee Brussel 'consulteren', hetgeen tot verbazing van de Europeanen ook echt zo bedoeld was. Toen de Europese geallieerden nee zeiden, was het plan opeens van de baan. Brussel had voor het eerst in de geschiedenis een militair plan van Washington afgeschoten.

De Westerse koers voor Bosnië werd uiteindelijk in de Veiligheidsraad bepaald, nota bene op Russisch initiatief. Een Russisch idee om moslims in 'veilige gebieden' onder te brengen werd aanvaard. Om die gebieden te beschermen wilden de VS eventueel wel luchtaanvallen uitvoeren, mits de VN dat vroeg, zo bleek deze zomer in Athene. Maar voor het militair beschermen van hulpkonvooien, waartoe de Europese Unie deze maand besloot, hebben de Amerikanen geen belangstelling.

De Amerikanen zijn niet meer zo geïnteresseerd in Europa, heeft Brussel moeten ervaren. Het heeft z'n uitwerking op de GATT-onderhandelingen niet gemist. Tot het laatst toe hebben de VS zich afwerend opgesteld. De NAFTA had prioriteit; daarna kwam de Azië-top in Seattle. Nu lopen Washington en Brussel weer in dezelfde richting: de race naar de GATT-deadline van 15 december gaat minder over wereldhandel, dan over de toekomstige relatie met de VS. En Europa is weer de vragende partij.