De Kadt

Zoals Wouter Gortzak in de boekenbijlage van 20 november vermeldt, werd Jacques de Kadt in 1929 lid van de SDAP.

Ik was in die tijd als jong student lid van de afdeling Haarlem Noord, waar hij zich aanmeldde. Zijn komst bracht enige consternatie te weeg, want deze oud-communist had een reputatie van radicaliteit en ongemakkelijkheid. Naar al gauw bleek terecht, want er ging geen vergadering voorbij of hij was bezig de partij 'om te turnen', te beginnen met onze eens zo rustige afdeling. Wie hem tegensprak kreeg er van langs, met ongehoord verbaal geweld. Dat gold vooral de voorzitter, die het tot zijn taak rekende De Kadt, net als iedere andere spreker, bij de punten van de agenda te bepalen. Maar De Kadt was met heel andere zaken bezig: de toekomst van het socialisme, de omvorming van onze Nederlandse samenleving, zo niet van Europa. Met dit voorzittertje, en zijn agenda, veegde hij de vloer aan. Tenminste, zo leek het soms. Alleen stond na het geweld het voorzittertje (mijn oude onderwijzer P. van Gessel) nog koeltjes recht overeind en werd de agenda verder afgewerkt.

De Kadt zocht al gauw andere terreinen om zijn veldheerschap te bewijzen en wij waren blij toe. Maar wat mij toch voor altijd voor hem innam, was een ervaring met hem in een andere kwaliteit: zijn dagelijks werk. Dat was het verkopen van postzegels en andere waarden op een bijkantoor van de PTT. Deze man met een groot gevoel van politieke roeping en een briljant verstand, zoon van welgestelde ouders, had voor zijn levensonderhoud een betrekking gekozen die hem geestelijk niet in beslag nam en veel tijd liet voor studie en actie op politiek gebied. Promotie bij de Post weerde hij af, hij bleef achter het loket.

Daar sloeg ik hem eens gade, bezig met het helpen van een oud vrouwtje dat geen weg wist met haar rentezegels. Het was merkwaardig deze geweldenaar in woord en geschrift, deze Napoleon van het politieke strijdtoneel - zo werd hij door zijn getrouwen gezien! - daar bezig te zien, intens vriendelijk, met groot geduld, bijwijzend met zijn vinger, iets uit te leggen aan een medemensje in verwarring. Zo was hij: onverdraagzaam, onverdraaglijk, maar ook: aimabel.