DARGAN

De lijst van kerken beslaat maar liefst zeven volle pagina's van de Gouden gids van Durham, North Carolina, wat neerkomt op één kerk per vijfhonderd inwoners. Ik zit midden in de 'bible belt', en als ik iets wil weten over de zwarte kerk, moet ik hier zijn. Tijdens en vlak na de afschaffing van de slavernij was de kerk de enige vrijplaats voor de zwarten, de enige plek waar ze de dienst konden uitmaken en hardop mochten nadenken. De afro-Amerikaanse kerk is daarom nooit alleen een gebedsplaats geweest: het zwarte bewustzijn is eruit voortgekomen, de unieke identiteit van de zwarte Amerikanen, hun muziek, veel van hun literatuur, en hun belangrijkste politieke verworvenheid, de burgerrechtenrevolutie van Martin Luther King. Maar ondanks de gemeenschappelijke achtergrond en de uiterlijke overeenkomsten (het beroemde zingen en dansen, het vurige preken met retorische vragen en luide bevestigingen) is er nooit eenheid geweest. De 'Church of Christ' is bijvoorbeeld een heel andere dan de 'Church of Jesus Christ'. De kerken in de grote steden prediken de bevrijdingstheologie uit Latijns Amerika, de kerken in het zuiden zijn behoudender, op het fundamentalistische af.

Met gesloten ogen kies ik uit de Gouden gids een kerk, de 'Mt. Zion Christian Church'. De vrouw die de telefoon beantwoordt roept eerst heel hard 'Praise The Lord'' in mijn oor, alvorens me vriendelijk te woord te staan. Ik kan worden ontvangen door een van de hulppredikanten, meneer William Dargan.

Dargan is een korte, niet al te donkere man met een snorretje, een driedelig kostuum en een geruite pet, waardoor hij iets heeft van een figurant uit de geluidloze Hollywoodfilm. Het is trouwens doctor Dargan, zegt hij met nadruk, afgestudeerd in de etno-musicologie. Het predikantenwerk doet hij naast zijn docentschap aan een particuliere college voor zwarte kinderen. Het liefst zou hij full-time prediken, maar de kerk kan zich nog niet meer dan drie betaalde predikanten veroorloven. Als hij hard werkt, en veel mensen tot deze kerk bekeert, krijgt hij een vaste baan.

De Mt. Zion Christian Church is ondergebracht in een pand dat groot genoeg is voor een popconcert. Het is luxueus ingericht en heeft vier miljoen dollar gekost, opgebracht door de gelovigen zelf, evenals de Mercedes-Benz van de hoofdpredikant, neem ik aan. In het gebouw is een school gevestigd, een crèche en een recreatieruimte.

Twintig jaar geleden kwam Dargan uit South Carolina naar Durham om te studeren. Hij was een doorsnee-student, waarmee hij bedoelt dat hij wel eens een joint rookte, in jazzcafés rondhing en plezier had in zijn leven. Maar toen overkwam hem iets merkwaardigs. Hij werd onrustig, zijn hart klopte wild en hij kreeg rare dromen. Neen, het kwam niet door de joints, verzekert hij. Hij hoorde stemmen, en langzaam-aan werd het één stem. Ja, de stem sprak Engels. Dargan besloot de volgende dag naar de Methodisten te gaan, die hij tot dan toe had gemeden omdat hij het enge mensen vond. Maar zij begrepen onmiddellijk wat er aan de hand was: het waren zijn eigen barensweeën voor zijn wedergeboorte in de leer van Christus.

De Mt. Zion Church was toen klein, met niet meer dan honderd leden. Nu hebben ze er wel vierduizend. 'Steeds meer mensen zien in dat je de bijbel niet lukraak kunt interpreteren'', vertelt Dargan. 'Wij staan een letterlijke lezing voor.'' Het scheppingsverhaal incluis? 'Jazeker'', zegt Dargan beslist, met de handen in de broekzakken.

Hij nodigt mij uit om bij hem thuis de lunch te gebruiken. De buurt waarin hij woont ziet er lieflijk uit, met zijn fraaie witte huizen en groene houten ramen in oud-Creoolse stijl. 'Maar je kunt er niet zomaar rondlopen'', zegt Dargan. 'Het is hier misschien geen Washington, maar zelfs in deze kleine zuidelijke stad beëindigen kinderen hun onderlinge onenigheden met pistoolschoten.''

Mevrouw Dargan komt uit dezelfde streek als haar man en ze heeft ook een academische graad. Maar ze dient zwijgzaam de maaltijd op en verdwijnt dan naar de kamer ernaast, om haar twee jongens van elf en zes jaar les te geven. De twee kinderen zijn nog nooit op school geweest, zegt Dargan trots. 'Alle scholen, ook de christelijke, zijn geïnfecteerd door de ideeën van de zogenaamde humanisten van Amerika. Het onderwijs en de media worden door deze anti-christelijke humanisten gebruikt om onze jeugd te indoctrineren. De kinderen leren dat ze hun eigen waarden moeten bepalen en hun eigen inzichten moeten volgen, in plaats van de tien geboden te gehoorzamen. Ze leren dat ze vrije mensen zijn die alles moeten kunnen lezen, ook pornografie, en ze moeten alles kunnen zien, ook al dat geweld op televisie.''

Dargan is wel consequent: hij heeft in zijn sober gemeubileerde woning, merk ik nu, geen televisietoestel. Maar hoe benauwd ik ook word van zijn fundamentalistische praatjes, op een wrange manier lijkt hij een beetje gelijk te hebben. De zwarte jongeren zijn misschien nog niet toe aan de moderne humanistische vrijheden en de daarmee gepaard gaande persoonlijke verantwoordelijkheden. Hoe moet een kind dat opgroeit in een armoedig, chaotisch en steeds van samenstelling wisselend gezin, de 'individuele autonomie' die op school wordt gepredikt interpreteren?

Aan de andere kant, zelfs als je een eind met Dargans autoritaire visie meegaat, is de vraag wanneer je afhaakt: als hij over een komplot van de blanken begint om zwarte kinderen te criminaliseren, of als hij homoseksualiteit uitlegt als een truc van Satan om mannen hun mannelijkheid te ontnemen, of als hij abortus gelijk stelt aan moord waar de doodstraf op zou moeten volgen? Dat is de moeilijkheid met fundamentalisten: als ze één idee hebben waar je nog je gedachten over zou willen laten gaan, wordt het overvleugeld door een heleboel andere die te stompzinnig zijn om bij stil te staan.

Vanavond zal Dargan in de kerk preken over het vaderloze gezin, een situatie waarin een op de twee zwarte kinderen verkeert. Er was een tijd waarin feministen en begripvolle sociologen beweerden dat er niets fouts was aan vaderloosheid, en dat zwarte vrouwen van nature de kracht hadden om beide rollen te vervullen. Maar tegenwoordig lijken links en rechts te erkennen dat het probleem van de groeiende zwarte 'onderklasse' in ieder geval iets te maken heeft met de trouweloosheid van zwarte mannen.

Als we 's avonds in de kerk komen is de dienst al aan de gang.

Onder begeleiding van drums en een piano zingen vier vrouwen gospels, het publiek klapt en danst. Het is een intrigerend gezicht om al die gezonde zwarte mensen het ene moment te zien springen en het andere moment te zien draaien met het hoofd, de ogen devoot gesloten, alsof de heilige geest een gigantische teddybeer in de lucht is, waar ze met hun neus in woelen. Dargan klemt een draadloos microfoontje aan zijn das vast en begint zijn preek. De diepgang valt tegen, maar zijn stijl is opzwepender dan ik van dit mannetje had verwacht. De mannen die hun huiselijke verplichtingen ontlopen, zegt hij zacht, deze schaamteloze bedriegers, zegt hij met stemverheffing, zullen niet ontkomen aan hun straf, roept hij uit. Amen, antwoordt het publiek. Het zijn geen echte mannen, maar slappelingen. Amen. De veelwijverij, zegt Dargan, en hij pauzeert enkele seconden om toe te werken naar zijn climax: de veelwijverij... is misschien net zo erg als homoseksualiteit! Hallelujah, joelt het publiek luidkeels, waarop de muziek weer inzet, ten teken dat de voorstelling is afgelopen.