Cuijk toont cultuur pre-colombiaans Amerika

Amerika-Museum, Grotestraat 62, Cuijk, di-vr 10-12.30 en 13.30-16.30 uur, zo 12-16.30 uur.

CUIJK, 4 DEC. Het Amerika-Museum in Cuijk is verhuisd, in een nieuw jasje gestoken en weer opengesteld voor het publiek. Het in 1973 opgerichte museum zit nu in het centrum van de stad en de presentatie is gemoderniseerd. Het Amerika-Museum is een klein, volkenkundig museum dat zich toelegt op de oorspronkelijke culturen van het Amerikaanse continent. De collectie bestaat uit ruim drieduizend voorwerpen (ter vergelijking, het Rijksmuseum voor Volkenkunde in Leiden heeft er 200.000), waarvan de oudste dateren van ongeveer 3000 jaar voor Christus. Een belangrijk deel van de verzameling wordt gevormd door materiaal over de Inuit (eskimo's) van Noord-Canada. Aan de Inuit is dan ook de openingstentoonstelling Nunavut - Ons Land gewijd.

Daarnaast bezit het museum veel voorwerpen van de indianen in de Verenigde Staten en de pre-columbiaanse culturen van Midden- en Zuid-Amerika, waaronder aardewerk, maskers, textiel en oude stempels. Tot de topstukken hoort een huisaltaartje van de Nayarit uit Mexico van ongeveer 300 jaar voor Christus en een negentiende-eeuws initiatiekleed van de teffé-indianen uit het noorden van Brazilië, versierd met kleurrijke stammotieven en veren. Nu liggen ze in depot en komen later weer aan bod, want het museum wil twee keer per jaar wisselende thematentoonstellingen houden, waarin een bepaalde cultuur of een aspect daarvan nader wordt belicht. Daarbij wil men laten zien hoe de culturen gunstig of ongunstig zijn beïnvloed door de moderne ontwikkelingen. De volgende tentoonstelling zal Midden-Amerika als onderwerp hebben, en er zijn plannen voor exposities over indianen in Noord-Amerika en oude textielkunst.

De verzameling is grotendeels bijeengebracht door de orde Paters Oblaten van Maria, missionarissen over de hele wereld. De basis is gelegd door een pater Oblaat die zelf niet in een exotisch land verbleef, maar de voorwerpen bijeen bracht door ze te kopen van missionarissen of te ruilen. “We beschikken over heel bijzonder materiaal en krijgen regelmatig verzoeken uit landen van herkomst om inlichtingen. Mensen uit die landen komen hier ook wel kijken”, zegt dr. C.H.W. Remie, universitair hoofddocent aan het instituut voor culturele en sociale antropologie van de Katholieke Universiteit Nijmegen. “Vooral de Inuit-collectie is uniek. Hij is voor het grootste deel op één lokatie verzameld en geeft een vrijwel compleet beeld van het leven van de Inuit in Noord-Canada. Het Museum voor Volkenkunde in Leiden heeft ook Inuit-materiaal, maar is meer in Groenland gespecialiseerd.”

Vroeger had het museum, dat geheel op vrijwilligers drijft, een permanente opstelling, waarbij het accent op de esthetische kant van de voorwerpen lag. “Dat gaf het museum een statisch karakter,” zegt Remie, “We richten ons nu op cultuureducatie. Onze doelgroep bestaat vooral uit scholieren van 12 tot 17 jaar. Aan de hand van teksten, foto's, jachtmateriaal, kunst- en gebruiksvoorwerpen vertellen we een verhaal, waarbij we proberen aan te haken bij de actualiteit.”

Bij de tentoonstelling Nunavut - Ons Land ligt het verband met de actualiteit in de ondertekening in mei 1993 van een overeenkomst die de Inuit in beperkte mate zelfbestuur geeft over een deel van hun woongebied. Nunavut was de titel van de eerste grote landclaim die de Inuit, een volk dat zich duizenden jaren in het barre poolgebied heeft weten te handhaven, indienden in 1976. Na jaren getouwtrek werd dit jaar een compromis bereikt.

Het museum, dat onder één dak zit met de Streekschouwburg, beschikt over een bibliotheek van ongeveer duizend boeken. Het heeft geen aankoopbudget, alleen een exploitatiebudget van 4 tot 5000 gulden. Voor de rest is men afhankelijk van giften en bruiklenen. Met het Afrika Museum in Berg en Dal en het Volkenkundig Museum in Nijmegen (Zuidoost-Azië, Pacific en het Verre Oosten) vormt het Amerika-museum een driehoek van musea in het oosten van het land, die elk een eigen deel van de niet-westerse wereld voor hun rekening nemen.