Navo zegt 'bezorgd' te zijn over Oekraïens kernwapenbeleid

BRUSSEL, 3 DEC. De NAVO is zeer bezorgd over de beslissing van de Oekraïne om een groot deel van zijn nucleaire arsenaal niet te vernietigen, maar aan te houden. Volgens sommige deelnemers aan de ministerraad van de NAVO gisteren, dreigt de Oekraïne een partnerschapsovereenkomst met het bondgenootschap te verspelen.

De Belgische minister Claes noemde gisteren zo'n 'partnerschap voor vrede', dat volgend jaar alle Midden- en Oosteuropese landen wordt aangeboden, voor een nucleaire Oekraïne 'ondenkbaar'. Een economisch samenwerkingsverdrag met de Europese Unie, waarvan België nu het raadsvoorzitterschap bekleedt, is volgens Claes eveneens in gevaar. De Amerikaanse minister Christopher zei dat de Oekraïne wel in aanmerking komt voor een NAVO-partnerverdrag. Maar hij zei Kiev wel te zullen “aanmoedigen” de verplichting tot nucleaire ontwapening na te komen. De Duitse minister Kinkel noemde de Oekraïne het 'zorgenkind' van de NAVO. Een hoge Britse diplomaat, die anoniem wilde blijven, vond dat het bondgenootschap een 'straf-en-beloningsbeleid' jegens Kiev moet volgen. Secretaris-generaal Wörner is door de ministers opgedragen in een brief de Oekraïense leiding uit te leggen welke economische voordelen zijn verbonden aan een partnerschapsovereenkomst. Tegelijk zal de NAVO duidelijk maken dat de Oekraïne het verdrag voor nucleaire non-proliferatie moet tekenen om daarvoor in aanmerking te komen. Vandaag vergaderen de NAVO-ministers met hun Oosteuropese partners in de Noordatlantische Samenwerkingsraad.

Het parlement van de Oekraïne besliste vorige maand het START 1-verdrag voor nucleaire ontwapening te tekenen onder voorbehoud van artikel 5 van het zogeheten 'protocol van Lissabon'. Dat verplicht START-ondertekenaars ook het non-proliferatieverdrag van 1968 te ondertekenen. Kiev verklaarde het START verdrag alleen van toepassing op 36 procent van alle raketten en 42 procent van alle nucleaire ladingen.

Wörner zei gisteren dat er over een partnerschapsverdrag met de Oekraïne nog geen beslissing was genomen. Tijdens de lunch had de secretaris-generaal de ministers ingelicht over een uitgebreide brief die hij van de Oekraïense minister van buitenlandse zaken, Zlenko, had gekregen. Daarin vroeg deze onder meer om veiligheidsgaranties van de NAVO, in ruil voor toetreding van de Oekraïne tot de groep van niet-nucleaire landen. Minister Kooijmans achtte dat alvast uitgesloten. Hij zei dat “het natuurlijk een merkwaardige basis is om garanties te geven aan een land dat zich niet zelf aan z'n verplichtingen houdt”. Kooijmans verklaarde de Oekraïense houding uit de 'algemene misère' waarin het land zich bevindt. De nucleaire bewapening is een van de laatste 'schatten' waar de verarmde Oekraïne over beschikt; die zou het zo goed mogelijk willen benutten, zowel politiek als economisch.

De NAVO-ministers gingen gisteren in principe akkoord met het Amerikaanse voorstel toetreding van nieuwe leden op termijn te regelen via zogenoemde 'partnerschap-voor-vrede'-verdragen. Op de top van 10 januari met president Clinton zal de NAVO besluiten alle ongebonden Europese landen dezelfde bilaterale verdragen met de NAVO aan te bieden. Het gaat om programma's voor intensieve militaire samenwerking met het oog op vredesoperaties, rampenbestrijding en reddingsmissies.