Archetypes

Frank Arnesen bij Willem II? Zeg dat het waar is en ik laat meteen mijn wollen ondergoed verven in de Tilburgse clubkleuren, sjaaltje toe. Ik zal geen training, geen wedstrijd van hem missen. Eindelijk weer eens een mooie jongenskop in de dug-out. La coiffure incertaine, een gezicht waarin je nog kan zien wat iemand denkt, de ogen vol toverwater als hij lacht. Met deze coach ook geen rauwe kreten langs de lijn; woorden als vallende ijsblokjes in het kristallen glas. Frank Arnesen: een mens van plezierige waaierigheid, van altijd zondag. En toch alert op de dodelijke leegte om hem heen.

Het Nederlandse trainersgild is een wat treurig gezelschap dat de authenticiteit graag zoekt in karikaturen. De heren opereren doorgaans met een geleende autoriteit. Enkele archetypes bestrijken het hele landschap: Norman Schwarzkopf (Michels, De Mos); een dominee van nette misère (Baan, De Haan); een aangespoelde Hollywood-god (Haan, Spelbos). En dan is er nog Piet Schrijvers als de typische Konsalik-lezer. Willem van Hanegem en Louis van Gaal zijn van hen zelf gebleven. Zo ook Frank Arnesen die met een ethisch mandaat op de wereld is gekomen. Hoewel destijds een trance-speler pur sang heeft niemand hem ooit op een vulgariteit in woord en gebaar kunnen betrappen. Later, als assistent-coach, werd hij helemaal een herensociëteit in z'n uppie. Winst of verlies, het maakte niet uit, hij bleef door de catacombe lopen met een tred voor Victoriaanse herenhuizen.

Frank Arnesen heeft PSV jarenlang een couleur locale gegeven die de club van de witte maskers broodnodig had om de illusie van collectief volksvermaak nog enigszins overeind te houden. Na een schreeuw van pijn om het sportieve verval moest de assistent-coach opstappen. De boodschapper kreeg de kogel. Vandaag triomfeert in de bestuurskamer de erotiek van spruitjes als vanouds en op de bank zit nu een turbo-schlemiel. Nog drie maanden De Mos en PSV staat te voetballen met het degradatiespook in de nek. Het wordt hem, vreemd genoeg, niet eens kwalijk genomen. Technische voetballers als Numan, Hoekstra en Kieft zijn onder de inspirerende leiding van De Mos weggedoezeld tot comateuze zonderlingen die hun eigen wereld niet meer begrijpen. Zelfs de oude Van Breukelen - de enige Griek binnen de Romeinse selectie - mept er nu ook al buiten het veld met de vuisten op los. Iedereen in Eindhoven is wild en gek gemaakt. Er wordt op de bal gejaagd alsof er een klokhuisje vol anabole steroïden in verborgen zit. Vergeleken met Van Mol en Linskens speelde John de Wolf vorige zondag als een saletjonker.

Arnesen mag de hemel danken dat hij het allemaal niet meer moet meemaken. Nu nog in de dug-out van PSV zitten zou voor een beetje lijflustige seigneur pas echt beschadigend zijn. En de toekomst kan voor Frank nog wat worden. Het is een publiek geheim dat de oude mandarijn Vanden Stock de Deen graag naar Anderlecht had gehaald. Uit gêne voor het succes van Boskamp is het er niet van gekomen. Ajax was ook een club voor Arnesen geweest. Aanvallend voetbal, technische hoogstandjes, een goedlachse sfeer... de raakvlakken tussen club en coach zijn zelfs onderhuids. Ook de cohabitation tussen Van Gaal en Arnesen zou van een grote schoonheid kunnen zijn. En grensverleggend: Ajax als de eerste club met een vader en een moeder op de bank.

Het wordt dus Willem II.

Het bestuur zegt gelukkig te zijn met de komst van Arnesen en de beoogde assistent-coach is alvast gecharmeerd van het stadion nu die vreselijke sintelbaan is opgeruimd. Taalproblemen zijn er ook niet: De Deense gastarbeider is al een tijdje vertrouwd met het gregoriaanse gemompel in Brabant. Blijft het salaris. Frank is een dure jongen. Maar voor hoofdcoach Jan Reker is geen barricade te hoog: “Desnoods ben ik bereid een deel van mijn salaris in te leveren voor de komst van Arnesen.”

Een mens van goede wil, waar vind je die nog in de topsport? In Tilburg dus. De trainer die zijn assistent uit eigen zak betaalt: een absolute primeur. Het omgekeerde komt vaker voor, maar dit!

Na zo'n epos van liefde wil ik weer een kerstboom in huis.