Lubbers: makkelijker met voorkeurstemmen Kamer in

DEN HAAG, 2 DEC. Minister-president R. Lubbers wil het makkelijker maken om met voorkeurstemmen in de Tweede Kamer te worden gekozen. Hij zei dit vanmorgen in zijn antwoord aan de Tweede Kamer, die gisteren debatteerde over de verbetering van de relatie tussen kiezer en gekozene. Gisteren sprak een meerderheid van de Kamer zich ook al uit voor verlaging van de drempel. Lubbers riep de politieke partijen op mee te helpen de toetreding van kandidaten op grond van voorkeurstemmen te vergemakkelijken.

Het aantal stemmen dat nu nodig is om via voorkeurstemmen rechtstreeks een Kamerzetel in de wacht te slepen bedraagt 50 procent van de kiesdeler (het aantal stemmen dat vereist is voor een zetel). Wat de Kamer betreft kan die drempel omlaag naar 25 procent. VVD-leider Bolkestein zou zelfs helemaal geen drempel willen, maar hij staat binnen zijn fractie alleen.

Het kiezen van een kabinetsformateur door de Tweede Kamer, ook een van de voorstellen die gisteren werd bediscussieerd, heeft niet de voorkeur van het kabinet. Volgens minister-president Lubbers hoeft dit niet bij te dragen tot een kabinetsformatie die sneller verloopt dan in de huidige procedure, waarbij de koningin advies inwint bij de fractievoorzitters en vervolgens een (in)formateur aanwijst.

Wel noemde Lubbers het “pleitbaar” dat, als daar aanleiding voor is, de Tweede Kamer in een stemming laat blijken of de door de koningin aangewezen formateur nog politieke steun heeft. Ook kan de Tweede Kamer de formateur eerder en uitgebreider om een tussentijds verslag vragen. Een en ander hoeft echter niet in een wet te worden vastgelegd, aldus Lubbers. De huidige, ongeschreven praktijk geeft volgens hem meer vrijheid om een snelle formatie mogelijk te maken. “Als je bij wet een informateur uitsluit, en de formateur sneeft, geeft dat een ongemakkelijke situatie”, aldus Lubbers.

Gisteren werd niet duidelijk of de meerderheid van de Tweede Kamer zo'n gekozen formateur verkiest boven de huidige procedure. PvdA, D66, en GroenLinks waren voor dit voorstel van de commissie-De Koning, een van de adviescommissies voor staatkundige vernieuwing. Het CDA en de kleine christelijke partijen waren tegen. De VVD stond er neutraal tegenover.

Hoewel fractieleider E. Brinkman (CDA) eerder had ingestemd met een studie naar het referendum, wees zijn fractie, net als de VVD, gisteren zo'n volksraadpleging af. De meerderheid van de commissie-De Koning wilde dat burgers de mogelijkheid zouden krijgen om door de Tweede en Eerste Kamer aangenomen wetsontwerpen alsnog te verwerpen. CDA-woordvoerder W. Mateman wees er gisteren echter op dat het erom gaat de band tussen kiezer en gekozene te verbeteren. Een correctief referendum relativeert juist de rol van die gekozene. “Als je de band tussen de kruidenier en zijn klant wilt verbeteren moet je ook geen postorderbedrijf inschakelen”, aldus Mateman.