Kogelvis lijkt ideaal modelorganisme door klein pakket aan DNA

De kogelvis Fugu rubipres zou wel eens een gewild proefdiermodel kunnen worden voor DNA-studies. Dat komt doordat deze soort het kleinste genoom (complement aan erfelijke informatie) bezit van alle onderzochte gewervelde dieren tot nu toe. DNA-volgordebepaling aan het kogelvisje kan dus veel sneller dan bij de mens en dat maakt weer versnelde opsporing mogelijk van nieuwe menselijke genen.

Dit schrijven de Britse moleculair-bioloog Sydney Brenner en medewerkers uit Cambridge in een artikel in het blad Nature (366, 265-268). Brenner, een uit Zuid-Afrika afkomstige moleculair-bioloog van het eerste uur, introduceerde al eerder met succes een nieuw modelorganisme: de nematodeworm Caenorhabditis elegans. Gebruik van dit kleine wurmpje heeft overal ingang gevonden bij moleculaire studies in de ontwikkelingsbiologie.

De kogelvis Fugu rubipres is vooral bekend doordat hij in Japan wordt gegeten. In Europa komt hij niet voor en hij wordt ook nog niet in gevangenschap gekweekt. Ondanks deze minpunten is de vis een serieuze kandidaat voor grootscheeps DNA-onderzoek. In zijn cellen zit namelijk zo'n 7,5 maal minder DNA dan in de cellen van een mens. Bij de huidige stand van de techniek van de DNA-volgordebepaling is het bepalen van de volledige DNA-volgorde van het menselijk genoom nog geen realistische opgave. Een factor 7,5 daarentegen is een aanzienlijke stap voorwaarts.

Een kogelvis is uiteraard wat anders dan een mens, maar de verwachting is dat veel belangrijke genen in de evolutie onder de gewervelde dieren zullen zijn geconserveerd. De kogelvis zal (versies van die) genen net zo goed hebben als de mens, het enige verschil is dat ze gemakkelijker zijn op te sporen.

De voornaamste reden van het grootteverschil in het genoom van de mens en de kogelvis is namelijk dat er in het DNA van de mens veel meer 'rotzooi' zit, dat wil zeggen lange stukken betekenisloos DNA. De genetische code van de kogelvis is veel 'kernachtiger': minder gerepeteerd DNA, minder pseudogenen, minder en kortere introns (onderbrekingen) in de functionele genen.

Niet bekend

Het nut van de kogelvis is dat men zijn DNA als referentie-archief kan gebruiken voor studies aan de mens. Vindt men een nieuw onbekend gen in Fugu rubripes, dan kan men gaan vissen in menselijke kloonbanken om te kijken of het ook bij de mens voorkomt. Langs deze omweg, zo verachten de auteurs van het artikel, moet het mogelijk zijn om belangrijke nieuwe menselijke genen op het sporen.