Hevige twist Aziatische oeverstaten over Mekong

BANGKOK, 2 DEC. Langs de benedenloop van de Mekong, de grootste rivier van Zuid-Oost Azië, worstelen dagelijks zo'n tweeënvijftig miljoen mensen (80 procent zijn boeren) met de grillen van de 4.200 kilometer lange, op de Tibetaanse hoogvlakte ontspringende waterstroom.

Het economisch voortjakkerende Thailand zucht onder de zoveelste watercrisis. In de zinderende hitte van de tropenzon staat de rieten hut van Huynh Van Thuong (39) keurig langs het vers door de overheid gegraven irrigatiekanaal. “In de droge tijd is er op veel plaatsen toch te weinig water om rijst te verbouwen”, zegt hij. De Thaise regering maakt plannen om nieuwe rivierdammen te bouwen en op grote schaal water uit de - negenhonderd kilometer langs de grens met Laos stromende - Mekong te pompen. Stroomafwaarts, in Cambodja en Vietnam zou dat het leven van Huynh en andere boeren echter nog moeilijker kunnen maken.

“Goddank, het Mekong Comité is dood”, valt de laatste tijd in Thailands hoogste overheidsburelen te horen. De deuren van het Mekong Secretariaat in het centrum van de Thaise hoofdstad zijn echter nog open, er is nog geen sprake van een déconfiture van deze internationale organisatie, die onder auspiciën van de Verenigde Naties probeert het beleid van de vier benedenstroomse oeverstaten (Vietnam, Thailand, Laos en Cambodja) te coördineren, om de natuurlijke schatkamer van de Mekong aan de bevolking ten goede te laten komen komen.

“De Mekong-rivier is een natuurlijke rijkdom met enorme economische potentie voor een regio met een bevolking die tot de armste ter wereld behoort”, zegt de Amerikaanse waterrecht-expert George E. Radosevich op het VN-kantoor in Bangkok, die is ingehuurd om het Mekong-overleg door de zoveelste crisis in zijn bestaan te loodsen.

Ingenieurs en politici dromen al jaren over de maximaal achtenvijftigduizend megawatt die via waterkracht uit de Mekong is op te wekken; genoeg om 25 maal een miljoenenstad als Bangkok van elektriciteit te voorzien. In de jaren '50 en '60 hoopte het Westen dat de economische ontwikkeling van Indo-China de bevolking van de volgelingen van Ho Chi Minh zou doen afkeren. Het secretariaat van het Mekong Comité, met miljoenen westers ontwikkelingsgeld en legers consultants, plande er op los. Gebouwd zou er echter niet veel worden. De miljarden kostende constructie - na jaren van studie - van acht gigantische dammen op de Mekong strandde op decennia van oorlogsgeweld, een fanatieke milieubeweging en een hopeloos bureaucratisch Mekong Secretariaat. “De drie communistische landen hielden alles tegen”, vertelt de Nederlandse ingenieur dr. W.J. van Liere in Bangkok, die lang voor het comité heeft gewerkt. Het bouwplan voor de 'Hoge Pa Mong' - een gigantische 110 meter hoge dam op de Mekong - was Van Lieres troetelkindje. Voor de milieubeweging was het echter een kwaad symbool voor elke dam, groot of klein, waarvoor in de buurt wonende boeren dienden te verhuizen en uniek natuurgebied teloor dreigde te gaan.

Toen de drie communistische landen - na hun overwinning in 1975 - het Mekong-overleg voor gezien hielden, overleefde het secretariaat dankzij een Nederlandse gift van 15 miljoen dollar. Drie jaar later verbeterde het politieke klimaat en richtten Thailand, Laos en Vietnam het Interim Mekong Comité (IMC) op. Door de afwezigheid van Cambodja kon het IMC zich in de volgende 14 jaar slechts bezighouden met kleinere projecten op zijrivieren van de Mekong. Op de hoofdrivier is tot de dag van vandaag slechts één procent van de potentiële achtenvijftigduizend megawatt gerealiseerd.

“Bij het secretariaat zitten ze teveel achter een bureau”, meent Van Liere. Weinig medewerkers weten volgens hem voldoende over de Mekong. Philipe Annez, de tot verleden jaar in Bangkok regionaal vertegenwoordiger van de Wereldbank, prijst de goede hydrologische databank, maar vindt de mensen van het secretariaat nu overbodig. Als één van de belangrijkste financiers van de Mekong-projecten mocht Nederland in het verleden tot tweemaal toe de hoogste baas van het secretariaat leveren. Het maakte het moederland bij de Thaise top-econoom Phisit Pakkasem niet populair. “Ik wil met die internationale bureaucratische jungle en de Nederlandse mafia daar, niets meer te maken hebben”, is de geërgerde reactie van de secretaris-generaal van het economisch bureau dat Thailands economische vijf-jarenplannen maakt.

De Thais hebben haast. De Koude Oorlog is voorbij en het volgens ingewijden zo 'unieke forum' voor informeel politiek overleg dat het Mekong Comité jarenlang bood, is niet meer nodig. Phisit propageert bij investeerders zijn land als 'springplank' naar Indo-China waar samen met de Zuidchinese Yunnan-provincie een markt van 100 miljoen potentiële consumenten lokt. Hoewel het wantrouwen bij de Thais nog groot is zijn de regionale handelsmissies en regeringsbezoeken nauwelijks bij te houden. Plannen voor nieuwe wegen ('politieke luchtballonnen', zeggen Thaise deskundigen) zouden binnen enkele jaren in het oosten - dwars door Laos - Vietnamese zeehavens als Da Nang en Ho Chi Minh City binnen bereik brengen en Thailands noordelijke provincies - via Mianmar (Birma) - doen aansluiten op de 37 miljoen inwoners tellende Zuidchinese Yunnan-provincie.

Een Thaise springplank zonder voldoende water is echter weinig aantrekkelijk. Ook aan energie dreigt een tekort. Door de verbeterde bilaterale contacten hebben de Thais weinig zin op de bemoeizuchtige Mekong-bureaucraten te wachten. Philipe Annez vergelijkt het Mekong Comité met een tafel waaraan vier muisjes zitten waarvan er eentje in een (economische) olifant is veranderd die de overige muisjes plattrapt. Een nog veel grotere 'olifant' - China - wil bovendien graag aanschuiven.

In juni van dit jaar werd het krap bij kas zittende Laos overgehaald aan de Thais 1500 MW elektriciteit te leveren waarvoor Laos op een zijrivier van de Mekong - door het secretariaat goedgekeurd - dammen zal bouwen. Nog meer omstreden zijn de - naar Thaise rivieren genoemde - prestige-projecten als 'Khon-Chi-Moon' en 'Kok-Yom-Ing-Nam' waarbij het - tot schrik van de Vietnamezen - de bedoeling is op grote schaal water uit de Mekong te pompen. Via een uitgebreid netwerk van kanalen, tunnels, dammen en waterkrachtcentrales moet het de Thais meer water en elektriciteit opleveren.

“Ik heb ervan gehoord”, zegt een stuurs kijkende Hoang Trong Quang in Vietnams hoofdstad Hanoi. Quang weet als secretaris van Vietnams nationale Mekong Comité dat de Zuidvietnamse Mekongdelta voor de helft van 's lands rijstproduktie zorgt en dat er in het droge seizoen nu al tekort aan water is.

“We hebben geen oorlog meer over politieke ideologieën maar strijden nu over het gebruiksrecht van onze laatste ongerepte natuurlijke rijkdommen”, zegt de Thaise econoom Apichai Puntasen van Bangkoks Thammasat universiteit. De bodemerosie als gevolg van Thailands ontbossing (in dertig jaar tijd meer dan de helft) zal de rivierdammen, volgens een Nederlandse milieuconsultant in Bangkok, doen dichtslibben en hen economisch onrendabel maken. “Het secretariaat bestudeert afzonderlijke projecten. Ze weten er na al die jaren nog steeds niet wat voor invloed de ene dam op de andere heeft, of wat het totale milieu-effect van alle projecten is”, zegt Vitoon Permpongsacharoen van 'Project for Ecological Recovery', een door NOVIB gesteunde milieugroepering in Bangkok.

De Thaise plannen verstoorden de hoop - na de vrede in Cambodja in oktober 1991 - op de wedergeboorte van het oorspronkelijke Mekong Comité. “Het zou ook het vetorecht van elk van de vier landen in ere hersteld hebben waarmee sommigen (lees: Vietnam, JWP) de uitvoering van onze waterwerken zouden kunnen blokkeren”, zegt Kriengkorn Bejraputra, van Thailands Nationale Energie Beleids Bureau. Dat risico konden de Thais niet nemen. Er diende een nieuwe structuur van het Mekong-overleg te komen en de te hulp geroepen Radosevich hoopt - na maandenlange onderhandelingen - eind dit jaar de vier landen daarover op een lijn te hebben. Het secretariaat moet worden opgedoekt of afgeslankt tot een clubje van twintig of dertig technici, vindt men. In de nieuwe opzet moeten ook Birma en China gaan meedoen. De twee landen aan de bovenloop van de Mekong zullen Thailands positie binnen het overleg versterken. Intussen voltooide China, ongehinderd door publiciteitsgevoelige westerse geldschieters, milieu-activisten of andere lastige pottenkijkers zijn 1500 megawatt 'Manwan' dam, momenteel de enige op de hele Mekong-rivier.