De Vries zet steun aan havenpools nog jaar voort

DEN HAAG, 2 DEC. Minister De Vries zet de steun aan de havenpools nog één jaar voort. Maar na 1994 kunnen de bedrijven in tijden waarin er weinig werk is voor hun personeel geen beroep meer doen op het Algemeen Werkloosheidsfonds (AWF).

Dit heeft de minister gisteren laten weten in een gesprek met vertegenwoordigers van havenwerkgevers en -werknemers. De minister had al eerder laten weten van de regeling, die hij uit de tijd vindt, af te willen. Als de deelnemende bedrijven in de pool te weinig werk hebben, worden hun werknemers in die periode toch voor de volle 100 procent betaald. De werkgevers betalen dan ongeveer 40 procent. De rest wordt aangevuld via het AWF, dat gevuld is met de WW-premies die werknemers en werkgevers maandelijks betalen.

De minister stelt zich op het standpunt dat het louter voor de havens in stand houden van zo'n subsidieregeling - die uit het begin van deze eeuw stamt - niet gerechtvaardigd is, omdat ook andere bedrijfstakken pieken en dalen kennen.

De bedoeling is dat werkgevers en werknemers het komende jaar gebruiken om tot een andere opzet voor deze arbeidspools te komen. Volgens De Vries is de bedrijfstak met een loonsom van ongeveer 1,7 miljard gulden in staat zelf de pools in stand te houden.

De grootste havenpool is de SHB in Rotterdam, die zo'n 1400 werknemers telt waar havenbedrijven in tijden van drukte een beroep op kunnen doen. Tot nu toe nemen daaraan dertig bedrijven deel - zij betalen dus de 40 procent van het loon van de SHB-werknemers wanneer er geen werk is. Maar inmiddels hebben twaalf bedrijven laten weten dat zij van deze garantie afwillen, omdat ze de kosten te hoog vinden. De bedrijven betaalden vorig jaar 11,65 miljoen gulden voor de pool; het AWF legde er 9,29 miljoen bij.