Abchaziërs en Georgiërs worden het eens

GENÈVE, 2 DEC. De Georgische regering en de regering van de Abchazische separatisten hebben gisteren in Genève een akkoord bereikt over een reeks vertrouwenwekkende maatregelen, die 200.000 vluchtelingen in staat zouden moeten stellen naar Abchazië terug te keren.

Het acht punten tellende memorandum voorziet, afgezien van het scheppen van de mogelijkheid voor de “vrijwillige, spoedige, veilige en onvoorwaardelijke” terugkeer van de vluchtelingen, onder andere in een oproep aan de Verenigde Naties om een vredesmacht naar Abchazië te sturen en in de vrijlating, vóór 20 december, van krijgsgevangenen over en weer. Bovendien wordt in het memorandum afgesproken dat binnen enkele dagen in Moskou besprekingen beginnen over een duurzame regeling van het conflict om Abchazië en dat geen gebruik van geweld zal worden gemaakt zolang de besprekingen voortduren. Het aantal internationale waarnemers in Abchazië moet worden uitgebreid.

In het akkoord wordt de terugkeer van de vluchtelingen - in overgrote meerderheid etnische Georgiërs - de teruggave van hun bezittingen, inclusief hun woning en grond, beloofd. In de loop van de bloedige oorlog tussen de Abchazische separatisten en het Georgische regeringsleger zijn veel van de Georgische inwoners van Abchazië tijdens 'etnische zuiveringen' verdreven op grond van hun afkomst. Vóór de oorlog vormden de Georgiërs de grootste bevolkingsgroep in Abchazië.

Volgens Edouard Brunner, de speciale bemiddelaar van de Verenigde Naties in het conflict tussen de Georgiërs en de Abchaziërs, is met het akkoord over de vertrouwenwekkende maatregelen een “dynamisch vredesproces” op gang gekomen waaraan beide partijen “serieus willen meewerken” en dat moet uitlopen op “een politieke en menselijke oplossing”. Brunner bemiddelt in het conflict, samen met de Russische onderminister van buitenlandse zaken Boris Pastoechov. (AFP, Reuter)