CDA trekt platteland op om boerenstem veilig te stellen

Het CDA is een offensief begonnen op het platteland. Boer en tuinder moeten als kiezer behouden blijven. Het meest trouwe deel van het electoraat mort over 'boeronvriendelijk' beleid.

DEN HAAG, 1 DEC. Overal waar boeren en tuinders bijeenkomen, duiken ze op: CDA-leden die uitleggen waarom de partij goed voor hen is. En het zijn niet de minsten die zich op het slagveld begeven. Minister Bukman, staatssecretaris Gabor, partijvoorzitter Van Velzen fungeren als legerleiders, gespecialiseerde Kamerleden en statenleden treden op als trouwe adjudanten. En vanuit het Torentje, zijn werkvertrek aan het Binnenhof, voert minister-president en leider van de partij Lubbers de regie.

De strategie bij het uitleg-offensief is: vertrouwen wekken en 'de lijnen' naar de agrarische sector openhouden. Daarvoor wordt de regio veelvuldig opgezocht, maar is er ook intensief overleg in Den Haag met de partijverwante boerenleiders. In de regio hanteert het CDA de tactiek van het 'wij-gevoel': het uitstralen van begrip en belangstelling. Wat men schenkt zijn warme woorden, wat men zorgvuldig nalaat is het doen van toezeggingen. Want het CDA houdt vast aan het uitgezette kabinetsbeleid “Er is absoluut geen sprake van dat er regelingen worden teruggedraaid”, verklaart een woordvoerder van de partij.

Bang dat de agrarische achterban massaal de partij zal verlaten zegt de partijtop niet te zijn. “Die mensen weten toch dat het CDA de partij is die zich het meeste inleeft in de agrarische sector. Men richt zich op het CDA, omdat men van het CDA het meeste verwacht”, aldus de woordvoerder.

Uit de bedreigde gebieden - Noord-Brabant, het Westland en de noordelijke provincies - komen nog geen georganiseerde opzeggingen binnen. Het ledental van het het CDA daalt, maar voorlopig het meest als gevolg van overlijden.

In Brabant, waar het boerenelectoraat ernstig mort, heeft provinciaal voorzitter W. Thuis “geen indicatie dat veel boeren de partij zullen verlaten”. De massale opkomst afgelopen maandag bij een partijbijeenkomst in het Oostbrabantse Wanroij is voor hem een teken dat de beroepsgroep nog zeer aan het CDA is gehecht. Ook het Tweede-Kamerlid J. van Noord, die meer dan welk ander Kamerlid in de afgelopen jaren boerenbijeenkomsten bezocht, trekt die conclusie: “Op basis van de sfeer die ik daar heb geproefd en de gesprekken die ik met boeren in de wandelgangen heb gevoerd, denk ik dat het allemaal erg meevalt.”

Op de bijeenkomst in Wanroij waren 1.500 mensen, merendeels boeren, die ontevreden zijn over het mestbeleid van het CDA/PvdA-kabinet. “Ze hadden ook weg kunnen blijven”, aldus Thuis. Dat er op sommige spandoeken werd gezinspeeld op een mogelijk stemmen door boeren op de Centrum Democraten van Janmaat beschouwt Thuis als “een handeling van mensen die niet weten waar ze het over hebben. De CD heeft de boeren niets te bieden en ik heb ook geen aanwijzing dat een massale overloop naar die partij serieus moet worden genomen”, aldus Thuis.

Ferme teksten op spandoeken en uit boerenkelen zijn volgens Van Noord bedoeld “om naar buiten toe aandacht te trekken voor de problemen met de mestoverschotten in de varkenshouderij”.

Pag.7: 'Moeite met de politiek, niet met CDA'

Van Noord noemt de gemeenteraadsverkiezingen die vandaag in een aantal gemeenten in Oost-Brabant worden gehouden een goede graadmeter voor de populariteit van de partij. De aanwezigheid van een groot aantal lokale partijen in deze regio maakt het tegelijk moeilijk landelijke conclusies aan de uitslag te verbinden.

“Boeren hebben het niet moeilijk met het CDA, maar met de politiek. En daar is het CDA onderdeel van”, zegt de Brabantse gedeputeerde N. Jacobs-Aarts. Behalve provinciebestuurder is ze boerin, op een melkveehouderij in Deurne. Ze kent de boeren, ze kent de politiek. “Wij vertellen de boeren een helder verhaal en stellen het niet mooier voor dan het is. Op milieugebied vragen we veel van hen, maar niet het onmogelijke.” Van afvallige CDA'ers merkt Jacobs weinig. Daarentegen komt ze wel meer dan in het verleden mensen tegen die zich melden als CDA-lid. “Juist door de problematiek van de laatste jaren beseffen agrariërs dat ze de politiek nodig hebben om iets te bereiken.”

Toch neemt het aantal CDA-leden in Brabant af. Volgens Thuis houdt die daling gelijke tred met de landelijke trend. Veel zal afhangen van de uitkomst van het debat in de Tweede Kamer, op 13 december, over de mestplannen van de ministers Bukman (landbouw) en Alders (milieu). Thuis is voor de uitslag van dat debat niet bang. Want, zo zegt hij, “ik zie de laatste maanden een toenemend begrip van de landelijke politiek voor de problemen van de boeren. Ik heb er vertrouwen in dat de juiste balans tussen milieu en economie er komt”. Van Noord deelt dat vertrouwen: “Als het eind december is en men ziet wat er uit het debat is gekomen, zal blijken dat het allemaal best meevalt.”

Drs. B. Vries, voorzitter van het CDA Friesland en burgemeester van Dantumadeel, ziet in zijn regio de onvrede niet cumuleren in het vertrek van boeren. “Van opzeggingen is nog niets gebleken”, zegt hij. De betrekkelijke trouw van de Friese boer aan de partij kan een rol spelen, maar ook het feit dat de partij een aantal maatregelen heeft genomen in het voordeel van de boeren. Vries noemt onder meer het voortouw dat de statenfractie van het CDA nam in haar protest tegen het omvormen van 1.500 hectare landbouwgrond in de provincie tot beheersgebied (waar maatregelen gelden om de natuur te beschermen, zoals later maaien). In Friesland sloten Gedeputeerde staten een overeenkomst met het Rijk om 14.580 hectare te onttrekken aan de landbouw, waarvan 5.000 beheerd zou worden door boeren. Het CDA verzette zich tegen de overeenkomst en kreeg steun van de meerderheid van de Staten.

P. Miedema, voorzitter van de Christelijke Boeren- en Tuinders Bond in Friesland, signaleert ontevredenheid onder de boeren die CDA stemmen maar reden om de partij de rug toe te keren vormt dat echter niet. “Ik hoor wel kritische geluiden, maar het beleid is geen breekpunt.”

De Brabantse gedeputeerde Jacobs stelt vast dat het afgelopen is met het automatisme bij boeren om op het CDA te stemmen. “Latijnhouwers (voorzitter van de machtige Noordbrabantse Christelijke Boerenbond, red.) had gelijk toen hij maandag in Wanroij zei dat het CDA het vertrouwen van de boeren moet verdienen. Die boodschap is heel duidelijk.” Dat boeren niet langer uit traditie op het CDA zullen stemmen, wil volgens Jacobs niet zeggen dat ze in grote getale zullen overstappen naar bijvoorbeeld een nieuwe boerenpartij, zoals de Algemene Democratische Partij die deze week in het oosten van het land is opgericht. “Dat is geen partij die bij de moderne, goed ontwikkelde boeren aansluiting zal vinden. Het CDA en de boer blijven bondgenoten, maar dat wil niet zeggen dat de boeren op hun wenken bediend worden.”