VS willen sancties tegen Irak handhaven

WASHINGTON, 30 NOV. De Amerikaanse president Bill Clinton acht het van het grootste belang dat de huidige sancties van de Verenigde Naties tegen Irak voorlopig gehandhaafd blijven, gezien “de vastbeslotenheid van Saddam Hussein om zijn arsenaal van massa-vernietigingswapens te herstellen”, met name kernwapens.

Clinton liet dit gisteren weten in een brief aan het Congres. De brief volgt op de onverwachte en onvoorwaardelijke aanvaarding door de Iraakse regering van resolutie 715 van de Veiligheidsraad van de VN, die voorziet in lange-termijncontrole op de Iraakse bewapeningsprogramma's.

Daarmee voldeed Irak afgelopen vrijdag aan een van de hoofdvoorwaarden voor intrekking van het VN-verbod om olie te exporteren, dat samen met andere sancties werd afgekondigd na de Iraakse invasie van Koeweit in augustus 1990. De Iraakse stap werd dezelfde dag verwelkomd door het hoofd van de Speciale ontwapeningscommissie voor Irak, de Zweed Rolf Ekeus, die er wel op wees dat Irak de commissie nog informatie over bepaalde wapenprogramma's schuldig is. De Amerikaanse VN-ambassadeur, Madeleine Albright, had echter onmiddellijk vraagtekens gezet bij de betrouwbaarheid van de Iraakse belofte.

Clinton stelde dat Saddam daarnaast “hoogstwaarschijnlijk nog steeds activiteit die met zijn bewapening te maken heeft voor de VN verborgen houdt”. Irak moet volgens hem eerst maar over een periode van tijd bewijzen dat het aan de voorwaarden van de Veiligheidsraad heeft voldaan.

De VS lijken zich hiermee veel harder op te stellen dan de andere permanente leden van de Veiligheidsraad (die over vetorecht beschikken). Frankrijk heeft recentelijk laten weten voorstander te zijn van strikte toepassing van de bepalingen van relevante resoluties van de Veiligheidsraad en dus van opheffing van het verbod om olie te exporteren zodra alle openstaande vragen van de Speciale commissie zijn geregeld. China, dat zich “zeer bemoedigd” heeft getoond over de recente ontwikkelingen aan Iraakse zijde, heeft Ekeus gevraagd zich te haasten bij de installatie van controlemechanismen. Groot-Brittannië en Moskou willen de Irakezen een kans geven en kijken hoe ze zich ontwikkelen. “We kunnen niet blijven zeggen dat alles wat de Irakezen doen verkeerd is”, zei een VN-ambassadeur gisteren.

Hoe dan ook zal de installatie van controlemechanismen tijd vergen. Ekeus zei gisteren erop te rekenen hiermee in februari klaar te zijn. Hij suggereerde vervolgens gedurende een periode van zes maanden de goede wil van Bagdad te testen.

In zijn brief verweet Clinton Saddam eveneens zijn voortdurende weigering gebruik te maken van een aanbod van de Veiligheidsraad om voor een bedrag van 1,6 miljard dollar olie te verkopen, onder andere om levensmiddelen en medicijnen voor zijn bevolking aan te schaffen. Daarom “dragen de Iraakse autoriteiten de volledige verantwoordelijkheid voor elk lijden in Irak dat het resultaat is van hun weigering” op dit aanbod in te gaan. (Reuter, AP, AFP)