Fluim

De KNVB heeft ooit een Engelse bondscoach in dienst gehad, die na drie maanden alweer was verdwenen. Zijn naam was Tom Sneddon en hij vertoefde in ons midden van oktober 1948 tot januari 1949. Toen groette hij ons koeltjes en vertrok naar zijn dierbaar Albion. Zijn landgenoot George Hardwick, eens een beroemde back van Arsenal, hield het hier nauwelijks zes maanden uit, terwijl Jesse Carver tegen het einde van de jaren veertig anderhalf jaar in Nederland zijn werk deed.

Ik meen te weten dat zij allen met een zucht van opluchting dit lage land vaarwel zeiden en dat zij van diverse vaderlandse spelers het heilige kruis na kregen. Continentaal voetbal lag hen niet. Zij waren té Brits om ook maar enig kwaad over de Engelse spelopvattingen te willen horen en daarmee gedroegen zij zich precies als de grote menigte soccer-liefhebbers in hun Verenigd Koninkrijk. Pas eind 1953 - nu veertig jaar geleden - zorgden de Hongaren van Puskas en de zijnen ervoor dat de ogen op het Britse eiland open gingen. Waarachtig - er waren andere methoden dan de Engelse om topvoetbal succesvol te bedrijven. Het werd 6-3 voor het Pusta-volk, dat overigens grotendeels uit de arbeiderswijken van Boedapest afkomstig was.

Leo Horn zal er ook nog wel eens aan terugdenken, want hij leidde die fantastische krachtmeting, welke zelfs de bekwaamste Engelse verdedigers tot zoutpilaren transformeerde, zo waren zij in de ban van het intelligente, gevarieerde, bliksemsnel uitgevoerde aanvalsspel van de Hongaren. Ik kan mij niet herinneren dat als gevolg van deze afstraffing de Engelse coach ontslagen is. Ik vind nog steeds dat een bond die zijn coach ontslaat zichzelf een brevet van onbekwaamheid verschaft. Toen men hem aanstelde vond men hem de beste die te krijgen was, maar toen een bepaald doel in gevaar kwam of gemist werd, kreeg hij misschien wat geld mee, maar in elk geval een trap na.

Deze sombere overpeinzing werd ingegeven door het ontslag van Graham Taylor, dat dezer dagen bekend werd. En nog sterker door de sfeer welke er lag rondom het functioneren van deze toegewijde man. Zijn vrouw werd bespuwd, hijzelf voelde zich verkocht en verraden. Taylor kreeg het dermate benauwd in zijn werk dat hij aan zelfmoord heeft gedacht. Was hij een vrijgezel geweest, hij zou het gedaan hebben. Een zich fan van Leeds United noemende jongen sprong op Taylors auto en spuwde in de richting van diens echtgenote. Een groot deel van de sportpers haalde de manager met overgave door de modder. Typerend was dat zij - na enkele giftige vragen te hebben afgevuurd - vervolgens Taylor aan de vooravond van Nederland-Engeland een handje kwamen geven en hem veel succes toewensten. Waarschijnlijk gehard in hun beroep.

Heeft die Taylor dan geen fouten gemaakt? Vermoedelijk wel. Werd het dan geen tijd dat iemand hem de laan uitstuurde? Niet als hij vervangen zou worden door iemand die eveneens fouten zou gaan maken - en dat geldt voor de hele meute. Natuurlijk is de een een groter vakman dan de ander, maar ik moet - bij het vertrek van Taylor - maar steeds denken aan die beide spetters welke de doelpaal naast Ed de Goey troffen en die, mits een paar centimeter naar binnen gericht, feilloze treffers zouden zijn geweest. Dat zou wellicht de uitschakeling van Oranje hebben betekend.

Maar wat zegt dat over de mate van bekwaamheid van Taylor en/of Advocaat? Niets. Dan zou evenwel Taylor nog achter zijn bureau zitten en bezig zijn met de organisatie van zijn elftal ten tijde van het WK. Het kan zijn dat die jongen uit Leeds opnieuw op de auto van de manager zou zijn geklommen en dat hij opnieuw een fluim in de richting van mrs. Taylor had afgevuurd. Maar volgens verstandiger lieden zou Taylor enige lof toegezwaaid hebben gekregen. Want het ging om plaatsen en aan die voorwaarde was voldaan.

    • Herman Kuiphof