Financiën wil de PTT in buitenland noteren

ROTTERDAM, 27 NOV. Het ministerie van financiën dringt er bij Koninklijke PTT Nederland (KPN) op aan akkoord te gaan met noteringen op buitenlandse beurzen, waaronder Wall Street. De onderneming zelf voelt daar op korte termijn niet voor. Dat stellen direkt betrokkenen.

Woordvoerders van ministerie en onderneming bevestigen dat over de mogelijkheid van buitenlandse noteringen wordt gesproken, maar ze onthouden zich verder van commentaar. KPN, nu nog in handen van de Nederlandse staat wordt volgend jaar naar de beurs gebracht.

Het zal gaan om de grootste emmissie ooit in Nederland gedaan. Analisten schatten de waarde van de totale transactie op tussen 16 miljard en 22 miljard gulden. De omvang van de emissie maakt notering op meer beurzen aantrekkelijk. Een buitenlandse en dan met name een Amerikaanse notering kan, wegens een grotere verhandelbaarheid van de aandelen, leiden tot een hogere opbrengst voor de staat.

Notering in de Verenigde Staten vereist evenwel een ingrijpende wijziging van de interne financiële methoden en stelt hoge eisen aan de rapportage van financiële gegevens.

Betrokkenen verwachten binnen enkele weken een besluit over de buitenlandse noteringen. KPN moet zijn bezwaren nu op een rijtje zetten. De beursgang zal plaatsvinden in vier tranches. De eerste aandelen moeten al in de eerste helft van volgend jaar op de markt worden gebracht.

Vorige maand werd ABN Amro door de Nederlandse Staat uitverkozen als de bank die de PTT naar de beurs mag brengen. De ING bank en Rabo Bank zijn benoemd tot 'mede-leadmanagers' van het bankensyndicaat dat de PTT-aandelen in Nederland zal plaatsen. Minister Kok (financiën) en Maij-Weggen (verkeer en waterstaat) hebben nog niet besloten welke banken zullen optreden als regionale leadmanagers voor de KPN-aandelen die in het buitenland worden geplaatst. Naar verwachting zullen buitenlandse beleggers de helft van de KPN-aandelen kopen.