De vis wordt duur betaald

Zoals u weet zijn wij, Nederlanders, de beste glasbakgooiers, huisvuilscheiders, papierbewaarders en 'ongewenst drukwerk wordt niet geretouneerd'ers van Europa, ik denk van de wereld.

Al heel snel hadden wij het 'milieu' in de gaten (ze zouden je in 1955 vragend aankijken als je dat zei), de autoloze zondag, het afplakken van de kieren, het 'andere' gas, het gekuilde gras en de spaarlamp.

Is dat omdat we zoveel om de Umwelt geven?

Ben je gek, nee hoor. Het is omdat we zo ongelooflijk zuinig zijn. Zuiniger dan de Schotten en wie dan ook. Vraag maar aan België.

Maar waarom?

Je kunt niet alle schuld aan de reformatie geven, aan de dijken, aan het gebrek aan land. We zijn gewoon van huis uit geen uitgevers.

En als er iemand over kan meespreken ben ik het wel. Er werd al vroeg een gevoelige snaar geraakt toen ik het boek Cheaper by the dozen las, van Gilbreth als ik het wel heb, met de aardige acteur Clifton Webb als de excentrieke vader van twaalf kinderen die het gezin als een fabriek runt.

Die trend werd voortgezet via een DBX-cursus van Berenschot, waar me de basisstructuur van efficiency werd bijgebracht - een aanwensel dat ik nooit meer kon kwijtraken. Nog steeds denk ik bij alles aan de 'routing' en de volgorde van werkzaamheden, of zoals dat bij veel gezinnen heet: 'Nooit met lege handen naar de keuken.''

Ook de Tweede Wereldoorlog heeft het zijne aan die houding bijgedragen. Men kan het direct zien aan de manier waarop ik een jampot leegschraap, of het margarine-kuipje. Al eerder schreef ik over het blije moment van het aanbreken van een nieuwe zeep, tandpasta of handdoek, maar de oude tandpasta moet echt HELEMAAL op zijn, tot aan het peuren met de borstel bovenin het tuitje toe.

Het is zo erg met me gesteld dat ik gerede kans maak zo'n nagewezen vrek te worden, wiens zolders kraken onder de bewaarde spulletjes van nul en generlei waarde.

Ik schep er een vreemd genoegen in iets echt 'op' te maken, dat bewaarde touwtje ergens voor te kunnen gebruiken, dat stapeltje etiketten te zien slinken, of het aantal enveloppen-zonder-postcode.

Het doet me ook fysiek plezier als ik het glas in de glasbak hoor vallen, of de dikke stapels kranten in de papiergleuf zie verdwijnen. Ik kàn eenvoudigweg geen batterijtje in de vuilniszak doen nu ik weet dat dat schadelijk is. Zelfs terwijl me duidelijk gemaakt wordt dat er allerlei door ons zorgvuldig gescheiden afval toch weer bij mekaar gegooid wordt.

Het lukt me gewoon niet.

Ik moet ook het dopje op het uitgeknepen tubetje doen voordat ik het weggooi, dus ga maar na.

Om u, indien u aan dezelfde afwijking lijdt - en er zijn veel lijders in dit land naar ik lees - een hart onder de riem te steken, zal ik u verklappen wat ik met ongewenste post doe.

Ik kijk of er A 4 velletjes bij zitten die slechts aan één zijde met tekst bedrukt zijn. Die haal ik er uit - die gaan dus niet naar de papierbak - maar die hergebruik ik in mijn archief of als achterkant voor faxboodschappen. Zo zie ik zelfs op de achterzijde van mijn geprinte stukjes in de Ordner over welke datum het gaat, want die wil er nog wel eens op staan.

Ik heb nu zo'n grote stapel half gebruikte A 4-tjes dat ik nooit meer nieuw hoef te kopen, althans bijna niet, terwijl er voorheen dikke pakken doorheen vlogen, met bomen tegelijk.

Natuurlijk hergebruik ik ook aangeleverde paperclips, van die dikke enveloppen voor boeken, elastiek-van-de-PTT, en ongebruikte postzegels. Met kartonnen dozen wordt de haard aangemaakt. Daarin, in de haard, gaan ook kurk en andere brandbare dingen, maar nooit aanmaakhout, of van die haardbranders.

Ik schroef overal waar het maar kan spaarbranders in - maar ik hoor dat de neon-buis nog goedkoper is. Ik zit echter ongaarne onder neon bij de haard.

Even er tussendoor: SVP geen brieven over de schadelijkheid van het branden van een haard. Dat is me nou net te gezellig, die warmte, en trouwens, ik hou kantoor aan huis, en dat scheelt enorm veel schadelijke benzine of electriciteitskilometers.

Er brandt geen lamp te veel, de verwarming staat uit in ongebruikte ruimtes, behalve als het fors vriest, en ik draai de kraan meteen dicht bij het tandenpoetsen en scheren. Ik gebruik geen 'altijd warme voorraad water' van de geiser. En altijd grauw WC-papier.

En vuilniszakken van hergebruikt plastic.

En nooit bleekmiddel in het waspoeder.

Maar ik gooi wel eens brood weg, want ik heb sterk het idee dat je dat niet aan duiven moet geven die naast mijn huis bivakkeren. En ik heb ook geen composthoop, geef ik toe.

Het viel me op dat de Consumentenbond wel wijst op de hoge kosten van het inktverbruik van de diverse printers, maar dat ze niet aangeven dat je die patronen heel gemakkelijk kunt bijvullen met door de kantoorboekhandel geleverde injectienaalden-met-inkt. Veel goedkoper.

Zo, nu moet ik gaan open doen om het oude bloemenwater mee te geven voor hergebruik in droge gebieden.