Braziliaanse Sepultura brengt hardcorepunk van weleer; Brave, lange death metaldreun

Concert: Sepultura. Gehoord: 26/11 Paradiso, Amsterdam. Herhaling: 27/11 Nighttown, Rotterdam, 28/11 Noorderligt, Tilburg.

De Braziliaanse rockgroep Sepultura doet moeizame pogingen om zich van het death metal-imago los te worstelen. Met zo'n groepsnaam - Sepultura is Latijn voor grafveld - valt dat niet mee. Ook de muziek voldoet aan de meeste kenmerken van het door hel en verdoemenis geobsedeerde genre. Drums en gitaren klinken als mitrailleursalvo's en de enige variatie in de mechanisch voortjakkerende nummers schuilt in de verplichte tempowisseling halverwege.

Vergeleken bij de ruigere jongens als Deicide en Morbid Angel bedient Sepultura's zanger en gitarist Max Cavalera zich van een betrekkelijk milde 'death grunt': de laag rochelende grafstem die bij death metal hoort. Zijn teksten staan bol van woede om het onrecht en de onmenselijkheid, die onze wereld volgens de groep uit Belo Horizonte aan de rand van de afgrond hebben gebracht. In boos kijken toonde drummer Igor Cavalera zich een kampioen, vooral toen tijdens het optreden een welgemikte rol wc-papier op een van zijn bekkens belandde.

Een meer dan levensgrote mummie hing omgekeerd aan het plafond van een uitverkocht Paradiso, dat van tevoren al flink in de mist was gezet door een puffende rookmachine. In overeenstemming met de naam van het gezaghebbende fanblad Violent Moshground, ging het er ruig aan toe bij het moshen (springen, duwen en stampen) in het midden van de zaal. Opvallend veel meisjes waren gekomen om de voor buitenstaanders volstrekt onverstaanbare teksten mee te brullen. Sepultura bezigt een soort rock & roll-esperanto, waarin universele woorden als Amen en Propaganda tot songtitel gebombardeerd werden. Jello Biafra van punkgroep The Dead Kennedys schreef de tekst van het nauwelijks twee minuten lange Biotech Is Godzilla, dat vanwege het hoge tempo en de monotoon geschreeuwde woorden herinnerde aan de Californische hardcorepunk van tien jaar geleden.

Op het vijfde en meest recente album Chaos A.D.liet Sepultura de Braziliaanse achtergrond doorschemeren in het akoestische en instrumentale nummer Kaiowas, over de gelijknamige indianenstam die liever collectief zelfmoord pleegde dan zich te laten verdrijven uit het regenwoud. Het subtiele oerwoudrime bleef bij het optreden achterwege, terwijl de voorspelbare death metaldreun bijna anderhalf uur aanhield. Op den duur onderstreepte het keiharde gitaargeweld vooral hoe braaf deze muziek eigenlijk is, want muzikaal avontuur behoort niet tot de prioriteiten. Om een reactie uit te lokken, nam Max Cavalera zijn toevlucht tot de stoere kreet 'Fuck the police!' Het publiek hield zich rustig en ook de mummie, die op de hoes van Chaos A.D. het middelpunt vormt van een Frankenstein-achtig tafereel, kwam niet tot leven. Moeders hoeven er hun dochters niet voor thuis te houden, want de ware helse taferelen vind je eerder bij houseparties dan bij gezapige metal-avondjes als deze.

    • Jan Vollaard