Vrijdag 26; Bouwbaarheid

Groningen is de stad van referenda over architectuur, een ongebruikelijk onderwerp voor volksstemmingen. Twee jaar geleden werd een enquête gehouden onder de bevolking over vier ontwerpen voor nieuwbouw aan de Waagstraat. Zesduizend van de 90.000 Groningers deden er aan mee en kozen in meerderheid voor het historiserende ontwerp van de Italiaanse architect Adolfo Natalini. De enquête-uitslag werd overgenomen door B & W, tot grote woede van de plaatselijke architect Gunnar Daan, wiens ontwerp door een commissie van deskundigen was uitverkoren.

Vorige week stelden twee Groningse PvdA-raadsleden in hun vragen aan B & W opnieuw een referendum voor, nu over het ontwerp van het Weense architectenbureau Coop Himmelblau voor het dak van een van de vier paviljoens van het in aanbouw zijnde Groninger Museum. De indieners, W. Haans en ex-wethouder P. Huisman, maken zich zorgen over de waterdichtheid van het dak dat zal bestaan uit schots en scheve glas- en staalplaten. Ze zijn bang dat de verschillen in trek- en krimpspanningen van de platen zullen leiden tot scheuren in het dak die hoge onderhoudskosten noodzakelijk maken.

In het antwoord van B & W, waaruit blijkt dat zij niet van plan zijn de bouw van het dak te heroverwegen, wordt niet expliciet ingegaan op het referendumvoorstel. Maar er is niets dat ervoor pleit. De twee PvdA-ers wekken stellig de indruk dat het hun vooral te doen is om de bouwbaarheid van het dak. Maar een referendum daarover zou belachelijk zijn, want de gemiddelde Groninger weet helemaal niets over de bouwbaarheid van het dak en kan daar dus ook geen uitspraak over doen. Wat dit betreft zit er niets anders op dan de normale procedure te volgen: men stelt een budget vast, laat een ontwerp maken en neemt een aannemer in de arm die zegt het voor dat budget te kunnen bouwen.

Blijft dus over een referendum over de schoonheid van het dak. Sommigen deskundigen zullen zeggen dat ook hier de gemiddelde Groninger geen verstand van heeft, maar dit heeft het eerdere referendum over de nieuwbouw aan de Waagstraat niet verhinderd. (Er is trouwens wel wat voor te zeggen om de stem des volks bij architectuur niet helemaal te negeren. Voor schilderijen en moderne muziek moet men naar een museum of een concertzaal, maar met gebouwen wordt iedereen elke dag geconfronteerd.)

In dit geval is een volksstemming onredelijk. Het dak vormt immers slechts een onderdeel van een verder ook kakelbont museum waarover de Groningers niets te zeggen hebben gehad en een stemming over gebouwonderdelen is belachelijk. Bovendien vervangt het Himmelblau-dak een niet minder vreemd kabouterdakontwerp van Frank Stella, dat wegens te hoge kosten geen doorgang vond en ook nooit ter discussie heeft gestaan om zijn architectonische waarde. Natuurlijk kan men het hele museum-ontwerp aan een referendum onderwerpen, maar daarvoor is het nu te laat: het gebouw is al bijna klaar en een scheepswerf in de buurt van Groningen breekt zich op dit moment het hoofd over de constructie van het Himmelblau-dak.

    • Bernard Hulsman