Vermeerdering tulp uit bolrok is mogelijk

Het is mogelijk om tulpen te vermeerderen uit bolrokken. Dat is voor het eerst aangetoond door dr. Jan Koster die 17 november op dit onderwerp promoveerde aan de Rijksuniversiteit Leiden. Al eerder is bewezen dat weefselkweek van nieuwe tulpen mogelijk is op basis van schijfjes jonge bloemstelen.

Natuurlijke vermeerdering van een tulp in de grond gaat langzaam. Een bol vormt binnen een jaar slechts drie dochterbollen en sterft daarna af. Op deze manier duurt het lang voordat een nieuwe kweekvorm in de handel verkrijgbaar is. Via de ontwikkelde in vitro methode kunnen de rokken van een tulpebol binnen vier maanden circa 300 plantjes voortbrengen, waarvan een derde aanzet tot bolvorming. Jan Koster werkte met de rode cultivar Apeldoorn (Tulipa gesneriana).

De techniek werkt als volgt. Uit de bolrokken worden reepjes gesneden en daarna in een reageerbuis verder gekweekt op een voedingsbodem met ondermeer plantehormonen. Na zeven weken ontstaan hieruit plantjes. Een tiende deel van het gebruikte bolrokweefsel kleurt echter snel bruin en sterft af.

Koster ontdekte de optimale groeiomstandigheden. Zo dienen de bollen, waarvan de rokken worden gebruikt, niet eerder dan eind juni te worden geoogst. De beste resultaten geven kleine, niet beschadigde bollen. De explantaten (reepjes) dienen niet te worden gesneden uit de buitenste rok. De bewaartijd en -temperatuur is eveneens bepalend. De bollen mogen niet langer dan een à twee weken worden opgeslagen bij een temperatuur van 23 à 30 graden Celsius.

Uiteraard dienen de ontstane plantjes vervolgens te worden aangezet tot bolvorming. Hiertoe blijkt een temperatuur van 4 graden het beste. Onder de meest gunstige omstandigheden is een derde van de plantjes in staat tot bolvorming.

Volgens Koster is zijn methode, die een voortzetting is van Japans onderzoek, ook geschikt voor andere cultivars. Nodig is alleen een aanpassing van de samenstelling van de voedingsbodem.