Groningen; 'Stadjers' willen markt met grandeur

Bewoners proberen uit alle macht te verhinderen dat op de Grote Markt in Groningen een hoog gebouw verrijst. Maar de gemeente vindt het te laat voor actie.

GRONINGEN, 25 NOV. “Al gooien ze mij in die bouwput, dat gebouw komt er niet.” H.M. Wester-De Vries uit Groningen strijdt voor het behoud van een 'open' Grote Markt. Ze schrok toen ze de gemeentelijke plannen om de markt te verfraaien goed bestudeerde. Het 23 meter hoge, vijf verdiepingen tellende gebouw dat op de Brede Markt - de noordelijke kant van het plein - moet verrijzen vindt ze “monsterachtig”. “De proporties zijn zoek. De Grote Markt is ons stadshart en dat bouw je niet vol. Wij willen dit stuk van de markt niet kwijt. Er vinden zoveel leuke evenementen plaats: de kermis, de Uitmarkt, Sinterklaas, optredens van evenwichtskunstenaars.”

Bovendien wordt het uitzicht op de Martinitoren belemmerd en het Middeleeuwse Goudkantoortje aan het zicht onttrokken, stelt Wester. Ze is zelf naast de toren geboren, op de Grote Markt, waar haar vader een bonthuis had. Een oproep om steun in de Groninger Gezinsbode leverde haar in korte tijd 640 handtekeningen van eveneens geschrokken 'stadjers' op. “Ik kreeg reacties van jong en oud. Eén reactie sprak boekdelen. Op het kaartje stond alleen: 'Ruimte!' ”

Inmiddels heeft Wester, met 25 andere Groningers, officieel bezwaar aangetekend tegen de bouw. Volgens haar mag de gemeente geen artikel-19-procedure op de ruimtelijke ordening toepassen. “Dat mag alleen bij kleine afwijkingen van een bestemmingsplan. Nou, daarin staat dat de Grote Markt niet bebouwd mag worden. Dit plan kun je toch geen kleine afwijking noemen.”

Met het Waagstraatproject, waarvan de bouw van het gewraakte gebouw deel uitmaakt, beoogt de gemeente Groningen een verbetering van het centrum van de Martinistad. Nieuwe bebouwing moet het stadshart aantrekkelijker maken voor bewoners, winkeliers en bedrijfsleven. De Grote Markt moet functioneler worden. Het uit de jaren zestig stammende stadhuis, met onbruikbare staatsietrap en luchtbrug, wordt gesloopt.

De Groningers is gevraagd een voorkeur uit te spreken over plannen van vier architecten. Uit deze enquête bleek dat 83,6 procent van de Groningers (5.875 mensen retourneerden het formulier) voor het plan van de Italiaanse architect Natalini koos. De raad nam de voorkeur unaniem over. Het plan van Natalini voorziet in nieuwbouw op de plaats van het 'oude' stadhuis en haaks daarop aan de noordzijde van de Grote Markt de realisatie van het gebouw. De bestuursdienst van de gemeente Groningen krijgt hier onder meer onderdak.

Wester-de Vries noemt de enquête een lachertje. “Ze hebben het steeds over de meerderheid, maar die 5.000 mensen vormen nog geen vier procent van de 170.000 inwoners die Groningen telt. Bovendien is niet de keuzemogelijkheid geboden om de Grote Markt te laten zoals hij is.”

De Stichting Vrienden van de stad Groningen steunt Wester in haar protest, evenals de Bond Heemschut, een vereniging tot bescherming van cultuurmonumenten. Volgens ir. P. Reijenga van de Groninger commissie van de Bond is de Grote Markt een beschermd stadsgezicht. Natalini's gebouw berooft de Brede Markt van zijn grandeur, vindt hij. “Het stadhuis is een kloek neo-classisistisch gebouw, dat ruimte nodig heeft. De Grote Markt heeft nu een geweldige uitstraling. Straks is het geamputeerd, omdat de ruimtelijke conceptie is verdwenen.” Er ligt al een bezwaar van de Bond bij de Kroon tegen het formeel “onttrekken van een stuk grond aan het openbaar verkeer”. Maar er wordt ook een procedure aangespannen bij de Raad van State.

Een andere groep die de protesten van Wester steunt is de Stichting Vrienden van de Stad Groningen. Ook zij hebben een bezwaar tegen het bouwplan ingediend bij de gemeente Groningen. Volgens W.D. Klijn-van Woerden is de noodzaak van bebouwing van de noordzijde van de Markt niet aangetoond. Ze vraagt zich af of het plan wel strookt met het Streekplan van de provincie Groningen, waarin staat dat open ruimtes en pleinen in steden behouden moeten blijven.

Woordvoerder L. Hajema van de gemeente Groningen betitelt de protesten als “een achterhoedegevecht”. “De besluitvorming heeft allang plaatsgevonden. De raad koos al in april vorig jaar unaniem voor het plan-Natalini.” Er is volgens hem een uitgebreide inspraakprocedure aan vooraf gegaan. “De burgers hebben veel inspraak gehad. Het plan is op grond daarvan al eens bijgesteld.” Hajema verklaart dat Wester maar namens een “piepkleine meerderheid” spreekt en wijst op de uitslag van de publieksenquête. “Als je bijna 6.000 formulieren terugkrijgt van de 85.000 die je verspreidt, is dat heel veel. Ik denk dat ze zich vergist in het draagvlak dat het project in de stad heeft.”

    • Karin de Mik