De exegese van artikel 26

Het nieuwe belastingverdrag tussen Nederland en de Verenigde Staten vervangt de overeenkomst van 1948, die in 1965 is geamendeerd. Het oude verdrag kent geen lijst van criteria waaraan een onderneming moet voldoen om een beroep te kunnen doen op het belastingverdrag, de zogeheten limitation on benefits-bepaling. Het predicaat 'Nederlands' was voldoende.

De limitation on benefits-bepaling domineerde de afgelopen twaalf jaar de onderhandelingen. En nog zijn sommige criteria voor meerdere uitleg vatbaar. De 'exegese van artikel 26' is brood op de plank voor belastingadviseurs en organisatoren van fiscale congressen.

Om een beroep te kunnen doen op het nieuwe belastingverdrag moet een bedrijf aan één van de volgende eisen voldoen:

Beurstoets

De aandelen moeten aan de beurs zijn genoteerd in Nederland of de VS en de aandelen moeten 'regelmatig' en 'in voldoende mate' worden verhandeld. Om aan te tonen dat de aandelen in voldoende mate worden verhandeld, mag ook de handel op een aantal buitenlandse beurzen meetellen.

Aandeelhouderstoets

Worden de aandelen niet op een beurs verhandeld dan moet meer dan de helft van de aandelen van een onderneming in handen zijn van inwoners van Nederland of de VS. Voor Nederland geldt de uitzondering dat ook inwoners van andere EU-landen meetellen, mits de VS een belastingverdrag met dit land hebben gesloten.

Activiteitentoets

De onderneming moet 'substantiële activiteiten' ontplooien in het land van vestiging. Als maatstaven gelden onder meer de bezittingen van een bedrijf (activa), de bruto-winst en de salariskosten. Om rekening te houden met de kleinere omvang van de Nederlandse economie in vergelijking met die van de VS, mogen de activiteiten van een in Nederland gevestigde onderneming ten minste tien procent zijn van de activiteiten in de VS. In sommige gevallen mogen activiteiten die een onderming in andere EG-landen verricht worden meegeteld.

Hoofdkantoor

Een in Nederland gevestigd hoofdkantoor moet de activiteiten in ten minste vijf landen leiden. Het hoofdkantoor moet diverse activiteiten verrichten, zoals bij voorbeeld het toezicht op en het bestuur van een onderneming. Ook financiering kan tot die activiteiten behoren, maar dit mag niet de hoofdactiviteit van het hoofdkantoor zijn. Deze eis moet een dam opwerpen tegen de zogeheten brievenbusmaatschappij.

Vangnetbepaling

Als een onderneming niet aan één van de bovenstaand eisen voldoet, dan biedt het belastingverdrag de Nederlandse of Amerikaanse autoriteiten de mogelijkheid de verdragsbepalingen alsnog te verlenen op basis van de zogeheten vangnet-bepaling. Daarbij geldt de voorwaarde dat het belastingverdrag niet de belangrijkste reden voor vestiging in Nederland of de VS mag zijn geweest.