Het harde materiaal is voor de ware gewichtheffer ...

Het harde materiaal is voor de ware gewichtheffer geen dood ding maar een geduchte tegenstander, meldt Jan Liber in zijn Blueband-sportboek.

Het gewicht moet met tact en door een goede concentratie overwonnen worden. Hij schreef dit in de tijd van Bram Charité, die in 1948 een bronzen plak won en jarenlang het gewichtheffen verpersoonlijkte. Charité woog aan het begin van zijn loopbaan 65 kilogram, tien jaar later meer dan honderd kilo. De laatste jaren zijn de Nederlanders minder succesvol, of minder behendig met de toediening van anabolen. De huidige generatie gewichtheffers ziet er een stuk minder gezond uit dan de poserende heren op bovenstaande foto uit 1935. Op het WK in Australië van afgelopen week zat er wederom geen medaille in.

Het gewichtheffen inspireerde de Griekse dichter Homerus tot een heroïsch verhaal over de strijd tussen Ajax en Ulysses. In de Oudheid tilden de atleten geen halters maar zware stenen. Uit de zesde eeuw na Christus, the age of strengh, dateert een inscriptie met de vermelding dat Bybon met één hand een steen van 143 kilo over zijn schouder zou hebben getild. Het steenheffen wordt nog steeds beoefend in Duitsland, Zwitserland en franstalig Canada.

Gewichtheffen vormt samen met worstelen sinds 1903 de Nederlandse Krachtsportbond (KNKB). De meeste beoefenaars combineerden in het begin beide disciplines. Piet van der Kruk was later, in de zestiger jaren, een buitenbeentje. Hij was een begenadigd gewichtheffer die in Mexico negende werd bij het gewichtheffen. Van der Kruk had tot 1967 ook het kogelstoten en in mindere mate het discuswerpen onder de knie. Tijdens het WK van vorige week was Van der Kruk voor het laatst actief als bondscoach. Zelf heeft hij ooit een halter laten vallen op een fraai uitgestalde prijzentafel. Hij was uit balans geraakt, de verfomfaaide bekers werden niet meer uitgereikt.