Nieuwe klappen voor oud bewind Italië

Italië zal zich morgen weer een forse stap verder verwijderen van het oude bewind, dat in diskrediet is geraakt door de tientallen corruptie-affaires.

ROME, 20 NOV. Bijna elf miljoen Italiaanse kiezers, ongeveer een kwart van het totale electoraat, kan morgen zijn stem uitbrengen in tussentijdse lokale verkiezingen die verspreid over het land worden gehouden. Daarmee wordt dit de belangrijkste kiezerspeiling sinds de corruptie- en mafiaschandalen anderhalf jaar geleden zijn uitgebroken. Het is een voorbode van wat vervroegde parlementsverkiezingen, mogelijk komend voorjaar, kunnen brengen. En als er, bij alle plaatselijke verschillen, één gemeenschappelijk kenmerk is van deze verkiezingen, is het de angst van de christen-democraten te worden gedegradeerd naar een bijrol.

Mino Martinazzoli, de partijleider van de christen-democraten, loopt al dagen wanhopig rond. Traditionele bolwerken als Rome, Napels en Palermo gaan vrijwel zeker verloren. De partij die ruim 45 jaar lang het land heeft gedomineerd, is er op de meeste plaatsen niet in geslaagd presentabele kandidaten te vinden. Ondanks hulp van de katholieke kerk heeft het grote moeite gekost christen-democraten te vinden die zowel electorale aantrekkingskracht als een schoon strafblad hebben.

Onder het nieuwe kiessysteem, waarin de evenredige vertegenwoordiging is vervangen door een meerderheidsstelsel, loopt de partij groot gevaar verpletterd te worden tussen de oud-communisten en de protestpartij Lega Nord in het noorden, en de oud-communisten en de neo-fascisten in het zuiden. Van de centrumrol die de partij pretendeert te vervullen, is dan niet veel meer over.

De spanning loopt zo hoog op dat een enkeling speculeert op een scheuring binnen de partij. Dat lijkt onwaarschijnlijk, want de christen-democraten vechten per traditie hun ruzies in eigen huis uit. Maar het tekent de verdeeldheid die binnen de partij is ontstaan. Martinazzoli koerst in de richting van een katholieke volkspartij, politiek gezien in het centrum, gezuiverd van politici die betrokken zijn geraakt bij corruptie-affaires. Zijn tegenstanders binnen de partij praten minder over zuivering en meer over het lonken naar rechtse kiezers. Volgens hen zit daar het electoraat van de christen-democraten.

De ontwikkelingen in Rome, een van de steden waar morgen wordt gestemd, lijken hen gelijk te geven. Nog maar een paar jaar geleden was de stad in handen van christen-democraten als Vittorio Sbardella, een voormalige medestander van Giulio Andreotti die in de verpieterde buitenwijken tienduizenden stemmen kon regelen. Sbardella en zijn ploeg zijn niet presentabel meer, en het kostte grote moeite een andere kandidaat te vinden, in de vorm van oud-prefect Carmelo Caruso. Voor een deel van de partij was die te links. Hij had bovendien weinig kans omdat de kiezers hem niet kennen. Daarom koos bijvoorbeeld de machtige bouwlobby, een traditioneel steunpunt van de christen-democraten, voor de neo-fascistische leider Gianfranco Fini. Volgens de opiniepeilingen zal Fini doorgaan naar de tweede ronde. Daarbij zal hij het moeten opnemen tegen de koploper in Rome, de Groene parlementariër Franco Rutelli, die wordt gesteund door een brede linkse coalitie en rondrijdt op een brommer ter onderstreping van zijn stelling dat er te veel auto's zijn in de hoofdstad.

De Italiaanse Sociale Beweging MSI, zoals de neo-fascistische partij officieel heet, hoopt op een groot succes bij deze verkiezingen. Zij hoopt in Rome en verder naar het zuiden de rol van protestpartij te spelen die de Lega Nord in het noorden heeft. Verzet tegen ieder voorstel om het land te verdelen moet de MSI onderscheiden van de Lega, en de belofte van orde en een grote schoonmaak moet de partij stemmen opleveren van kiezers die niets meer te maken willen hebben met de in diskrediet geraakte christen-democraten - over de socialisten wordt al bijna niet meer gesproken, die zijn helemaal gereduceerd tot een bijrol.

De MSI speelt haar belangrijkste troef uit in Napels, met Alessandra Mussolini als kandidaat-burgemeester. De 31-jarige Alessandra is de kleindochter van de fascistische dictator Benito Mussolini en veel Napolitanen zien alleen haar aanwezigheid al als een garantie voor meer orde in een volledig chaotische stad. Het fascisme betekent voor haar vooral nationale trots, geen corruptie, en daadkrachtig bestuur - de rassenwetten van haar grootvader heeft ze afgedaan als een vergissing.

Hoewel Alessandra Mussolini een groot aantal nostalgische oudjes de hand moet drukken, is het succes van de partij in de campagne geen heropleving van het fascisme. Tekenend zijn de plannen om, als de partij het zo goed doet als de opiniepeilingen voorspellen, de naam te veranderen en van de MSI een gewone rechtse partij te maken.

'La Mussolini' doet het bijzonder goed in Napels. In de volkswijken en op de markten schermt ze niet alleen met haar opa, maar ook met haar tante: Sofia Loren, met wie ze een deel van de good looks gemeen heeft. Veel kiezers die in het verleden op de christen-democraten hebben gestemd, scharen zich nu achter haar. Vertwijfeld roept Martinazzoli dat dit “de democratie van het boudoir” is, maar hij zal daar de kiezersleegloop niet mee kunnen stoppen.

In de ruim vierhonderd gemeentes waar morgen wordt gestemd, zullen de kiezers voor het eerst direct hun burgemeester kunnen kiezen. Als een kandidaat meteen een absolute meerderheid behaalt, is geen tweede ronde meer nodig, anders moeten de twee koplopers het op 5 december uitvechten.

De meeste aandacht gaat uit naar de grote steden waar wordt gestemd. Behalve Rome en Napels zijn dat Genua, Trieste, Venetië en Palermo. In Palermo is mogelijk geen tweede ronde nodig, want de koploper, Leoluca Orlando, is zo populair dat hij volgens sommige opiniepeilingen al morgen over de vereiste vijftig procent komt. Orlando was eind jaren tachtig voor de christen-democratische partij burgemeester van Palermo. Daarna heeft hij gebroken met de christen-democraten om een anti-mafiapartij op te richten, en zijn tegenstanders vinden dat hij daarbij zo fel en absoluut te werk gaat dat zij hem de ayatollah van Palermo noemen. Orlando is razend populair in de Siciliaanse hoofdstad, en veel kiezers hebben gezegd op hem te zullen stemmen in de hoop op een 'Palermitaanse lente', waarin de stad probeert zich te bevrijden van de greep van de mafia. Een overwinning voor Orlando is een duidelijke stem tegen de mafia, en een bewijs dat de politiek in Palermo, net als in andere Italiaanse steden, ingrijpend aan het veranderen is.

    • Marc Leijendekker