Mafiabaas en spijtoptant maken elkaar zwart

ROME, 20 NOV. Het was een confrontatie tussen twee mafia-giganten. Tommaso Buscetta, de eerste spijtoptant van de mafia en aanklager van bijna alle peetvaders, en Totò Riina, de baas der bazen, de man die de meeste bloedige aanslagen van de afgelopen jaren heeft uitgebroed, samen in de rechtszaal.

Riina had om de confrontatie verzocht, maar schrok daar op het laatste moment toch voor terug. “Met deze immorele man praat ik niet. Hij heeft teveel vrouwen gehad”, zei hij, strak voor zich uit kijkend, gekleed in een ruitjesbloes en een simpel groengrijs jasje, zonder das.

“Ik hoef geen verantwoording af te leggen aan Riina over mijn moraliteit”, zei Buscetta woedend op een stoel drie meter verder, aan het gezicht van het publiek onttrokken door een haag van vier agenten. “Hij die zoveel onschuldigen heeft gedood. Laat hij zijn eigen moraliteit eens laten zien.”

Hoewel hij weigerde in te gaan op de beschuldigingen van Buscetta, probeerde Riina hem zwart te maken, en voorbeeld van de manier waarop de mafia op grotere schaal bezig is met een campagne om de geloofwaardigheid van de spijtoptanten te ondermijnen. Buscetta heeft drie vrouwen gehad en daarnaast een aantal minnaressen. In het gewone Italië eerder regel dan uitzondering. Maar een echte man van eer doet zoiets niet, aldus Riina. Wie zijn driften niet in bedwang heeft, vormt een gevaar voor de mafia. Een jaloerse bedrogen echtgenote betekent een veiligheidsrisico.

“Mijn grootvader bleef vanaf zijn veertigste een weduwnaar en zocht geen andere vrouwen,” zei Riina. “In mijn stad doen we de dingen netjes.”

Waarop Buscetta boos herinnerde aan al zijn familieleden die in opdracht van Riina zijn vermoord: een broer, twee zoons, een neef, een zwager, en nog een dertigtal anderen.

Buscetta was voor het proces in een rechtszaal onder de Romeinse Rebibbia-gevangenis, over de moord op een aantal Siciliaanse politici in het begin van de jaren tachtig, overgevlogen uit de Verenigde Staten, waar hij leeft onder het Witness Protection Program, dat hem bescherming biedt. In een lange verklaring schetste hij de opkomst van Riina, van een beginnend mafioso die in de jaren vijftig helpt de peetvader van Corleone te vermoorden, tot de machtigste man van de Siciliaanse mafia. In tegenstelling tot sommige andere mafiosi die al gaan sidderen bij Riina's naam, was Buscetta niet geïntimideerd door de man die de bijnaam 'het zwijn' heeft gekregen. “Ik verwachtte het geschreeuw van een leeuw,” zei hij toen Riina weer naar zijn cel was gebracht. “Maar ik heb alleen het gepiep van een muis gehoord.”

    • Marc Leijendekker