GEKOZEN PREMIER [1]

Als ik het artikel van H.A.F.M.O. van Mierlo en J.J. Vis (NRC Handelsblad, 13 november) goed begrijp, wijkt het door hen voorgestane systeem in zoverre af van het bestaande, dat na de verkiezingen vast staat dat de partij van de gekozen premier-formateur aan de regering zal deelnemen. De theoretische mogelijkheid dat de gekozen premier partijloos is laat ik buiten beschouwing.

Denkbaar is, dat de gekozen premier niet behoort tot een van de partijen die op grond van de uitslag van de parlementsverkiezing in de eerste plaats in aanmerking komt om de regering te vormen. De eventuele voorkeur van die partijen om samen de regering te vormen, wordt dan in zekere zin beperkt door de omstandigheid dat zij de regeermacht met de partij van de gekozen premier moeten delen. De motieven van de kiezers bij het uitbrengen van hun stem op een premier kunnen andere zijn dan bij het stemmen op een partij.

Van Mierlo en Vis dragen voor het voorgestelde systeem belangwekkende argumenten aan. Eén is dat de kiezers zich in het resultaat van het uitbrengen van hun stem eerder zullen herkennen. Maar roept dat systeem in de door mij bedoelde situatie niet het risico op dat de kiezers - behalve toch reeds de voorziene tweede verkiezingsronde voor de premier - nogmaals naar de stembus zullen moeten gaan omdat de gekozen premier niet slaagt in zijn formatie? En leert niet de ervaring, dat de belangstelling voor de politiek niet wordt aangewakkerd door het herhaaldelijk ter stembus moeten tijgen?