'Er is geen werk voor meer vluchtelingen'; Kosto over terugsturen van vluchtelingen naar regio van herkomst

ATHENE, 20 NOV. Zelf is hij is niet ontevreden over het resultaat van de conferentie. “Hier in Athene was er aardig wat belangstelling voor mijn voorstel in die zin dat de tekst van mijn rede opmerkelijk gretig aftrek vond.” Staatssecretaris Kosto (justitie) op een bank in de lobby van het hotel Atheneum Intercontinental, waar donderdag en vrijdag de vijfde conferentie van migratieministers van de Raad van Europa werd gehouden. Kosto lanceerde de gedachte om asielzoekers terug te sturen naar hun regio van herkomst. “Dat moet dan een plek zijn waar men veilig is uiteraard”, zo licht de bewindsman toe, “en het land van ontvangst in die regio moet financiële steun krijgen van de Westerse industrielanden. Op dit moment hebben we tientallen procenten van asielzoekers die hun documenten waarschijnlijk hebben weggemaakt. Die zijn nauwelijks uit te zetten, omdat er geen land is waar je ze naar terug kunt sturen. Dat probleem zou met dit voorstel opgelost kunnen worden.”

Maar er hier zijn verder geen besluiten genomen.

“Ik verwachtte ook niet dat er nu concreet zaken zouden worden gedaan. Terugverwijzend naar deze conferentie zal ik proberen deze gedachte verder te dragen in bilateralen met verantwoordelijke bewindslieden van andere landen.”

Op deze conferentie is een reeks hoog-ethische conclusies getrokken over het migratieprobleem. In de praktijk wordt het Vluchtelingenverdrag steeds beperkter uitgelegd. Zelf bent u nu voor het terugsturen van mensen naar veilige landen, terwijl u het twee jaar geleden nog een ongewenst signaal vond.

“Nee, dat heeft weinig met het Vluchtelingenverdrag te maken. Het is van meet af aan zo geweest dat je mensen kon terugsturen naar een land waar ze veilig waren. Dat is legitiem. Er is nu alleen een verschuiving aan de orde die te maken heeft met burden sharing: het gelijkmatig verdelen van de aantallen vluchtelingen. Dat is met name in Duitsland actueel, waar men van mening is dat het niet noodzakelijkerwijs zo hoeft te zijn dat zij alle mensen met een goed vluchtmotief moeten opnemen. Er zijn heel wat vluchtelingen die absoluut veilig waren in een land waar ze eerder verbleven, nadat ze hun land van herkomst verlaten hadden. Daar gaan ze terug naartoe.

“Bij ons was het zo dat wij dat eigenlijk ook wel konden doen. Maar op grond van jurisprudentie van de Raad van State en de uitdrukkelijke wens van de Tweede Kamer namen we toch het asielverzoek in behandeling. Het nieuwe van het veilige-landen-van-herkomst-beginsel is, dat je iemand voordat je de zaak behandelt al naar dat derde land stuurt, nadat je hebt vastgesteld dat dat een veilig land is. Dat wil zeggen, een achtenswaardig land dat het Vluchtelingenverdrag mede-ondertekend heeft.”

Toch komt dat soms neer op afschuiven, omdat landen waarnaar zo iemand dan wordt teruggewezen soms strengere normen voor toelating hanteren dan Nederland.

“Die discussie krijgen we nog. Duitsland loopt nu voorop. Wij hebben een voorstel voor advies naar de Raad van State gestuurd. Daarna bekijken we of wij het ook gaan doen. Mijn persoonlijke opvatting is dat we er niet onderuit kunnen.”

Nu is er de afgelopen weken in Nederland gediscussieerd over de vraag of het land vol is of niet. Al enige jaren staat u ook in uw eigen kring te boek als degene die de vreemdelingen buiten wil houden. Heeft u langzamerhand niet het gevoel dat u tegengas moet geven omdat iedereen harder begint te lopen dan Kosto?

“Ik heb het verhaal door de jaren heen vrij consistent verteld. Ik zeg niet: Nederland is vol. Nederland heeft de opdracht die mensen die worden toegelaten te integreren in de samenleving. Daar moet tegenover staan dat we ons beperken tot die groep. Dat betekent dat we onze inspanning moeten richten op het verwijderen of het tegenhouden aan de grens van alle anderen. Dat is mijn verhaal aldoor geweest. Ik heb inderdaad de indruk dat de aandacht zich nu eenzijdig op het laatste onderdeel richt.

“Het zijn meestal de mensen uit pakweg Blaricum die roepen om tolerantie in de oude wijken. Het is een kwestie van perceptie. Is Nederland vol, zijn er wel of niet veel migranten? Als je ze nooit ziet, zijn er geen vreemdelingen. Maar als je ergens woont tussen de buitenlanders dan hoor je oorspronkelijke bewoners van die buurten zich ongenuanceerd uitlaten. Blaricum, of spraakmakend Nederland, valt zulke mensen dan aan.”

Draagt uw vreemdelingenbeleid niet bij tot de versmalling van het draagvlak? Het signaal is toch steeds: er komen er te veel.

“Dat denk ik nu juist niet. Ik breng mijn verhaal altijd tweezijdig. De integratie-opdracht van de mensen die mogen komen, staat tegenover de overheid die de toelating wil beperken tot degenen die mogen blijven, en dat zijn er nog altijd enkele tienduizenden per jaar. Ik vind dat een goed verhaal in zijn evenwicht. Wat mij wel overkomt, is dat ik eenzijdig het stempel van de afhouder krijg, omdat ik wel eens uitspraken doe in acute situaties. Maar als men mij laat uitspreken, merkt men dat ik er altijd ook bij zeg: Nederland, u zult vreemdelingen als gelijkwaardigen in uw midden moeten opnemen.”

Nu zijn er mensen binnen uw partij, zoals minister Pronk, die vinden dat Nederland best een groter deel van de migratiestroom zou kunnen opnemen.

“Ik kies daar dus niet voor. Mijn bezwaar is dat die discussie eenzijdig gevoerd wordt. Natuurlijk kunnen we nog wel meer mensen opnemen dan we nu doen. Dan worden we de facto een immigratieland. De prijs daarvoor is dat we geen arbeid voor die mensen voor handen hebben, dat betekent een zwaardere druk op de sociale verzieningen. Dus per saldo zal dat in een tijd van hoge werkloosheid een beroep doen op de financiële voorzieningen. Dat kun je berekenen. Het is een absoluut legitieme discussie, maar je moet hem wel in die context voeren. Ben je bereid in te schikken, langer te wachten op een toegewezen woning of een hogere premie voor de sociale zekerheid en meer belasting te betalen? De PvdA is daar niet aan toe en daarom hebben wij in ons verkiezingsprogramma niet voor immigratie gekozen.”

Het vreemdelingenbeleid zal een grote rol spelen bij de verkiezingen. Wat is daarin uw lijn?

“Ik vind dat wij als bewindspersonen het onderwerp niet mogen ontlopen. Maar je moet het verhaal niet eenzijdig vertellen, zoals ik net zei. Op verkiezingstoernee zal ik het opvangverhaal met evenveel nadruk naar voren brengen als het toelatingsverhaal.”

Ook in de Rotterdamse wijk Spangen? Daar kiest men ogenblikkelijk voor de Centrumdemocraten van Janmaat.

“Ook in Spangen. En bedreig mij niet met die oen, die is helemaal niet relevant. Als iémand het verhaal eenzijdig brengt, is hij het. Ik vertrouw op mijn eigen overtuigingskracht.”

    • Frank Vermeulen