Remi kan tapdansen; Alleen op de wereld in het theater

Opus One danst Alleen op de wereld dit seizoen 80 keer in heel Nederland. 23 dec in theater Zuidplein Rotterdam, 26 dec Cultureel Centrum Amstelveen, 29 en 30 dec Jeugtheater de Krakeling Amsterdam. Inl. 020-6125034.

Toen ik Alleen op de wereld van Hector Malot voor de eerste keer las, was het winter. Tenminste, dat denk ik. Maar het kan ook zijn dat ik zelf bijna bibberde bij het lezen. Want wat was het zielig dat het jongetje Remi, de straatmuzikant Vitalis en de zwerfhond Capi buiten in de vrieskou moesten slapen. En dat Vitalis, die zijn enige warme jas over Remi legde om hem niet dood te laten vriezen, zèlf stierf van de kou. Nog lang nadat ik het boek had gelezen, keek ik op straat uit naar zwerfkinderen. Als ik er eentje zou vinden, mocht die wel bij mij wonen. En ik hoopte dat hij dan ook een hond mee zou nemen...

Zondag zag ik Remi. Hij danste over het toneel van de Amsterdamse Schouwburg. Ik was erbij toen zijn valse stiefvader Jerôme hem uit de armen van moeder Barberin rukte. Toen hij verkocht werd aan Vitalis en het grappige aapje Joli-Coeur en verliefd raakte op het mooie meisje Lize. Ik zag hoe de arme Vitalis werd gearresteerd op de kermis. En hoe, toen hij weer werd vrijgelaten, Joli-Coeur van blijdschap doodging aan een hartstilstand.

Op weg naar Parijs sluiten Vitalis en Remi vriendschap met de hond Capi. Met z'n drieën trekken ze verder. Maar in de grote stad verdwaalt Remi. Hij komt terecht bij de gemene schurk Garafoli, die allerlei zwervertjes laat zakkenrollen. Gelukkig vindt Vitalis hem weer, maar nog meer donkere wolken pakken zich samen. Het gaat sneeuwen. Als Remi rilt wanneeer Vitalis hem toedekt en Capi de vlokken uit z'n vacht schudt, weet ik al dat Vitalis het niet zal overleven.

Alleen op de wereld. Ik geloof niet dat ik een ander boek ken dat zo mooi zielig is. Het dansgezelschap Opus One maakt er een fantastische voorstelling van. Op prachtige muziek en met mooie droevige liedjes. En met een èchte hond als Capi, die je zo mee naar huis zou willen nemen.

In het toverlicht danst het verhaal voorbij. Lize hoog op haar tenen, Remi springend en buitelend als een acrobaat. Door het woud, in de stad, waar hij met de zakkenrollers een ijzersterk tapdansnummer laat zien. Onder de grond met de mijnwerkers in de instortende schacht, waar de mijngeesten bovenmenselijke bewegingen maken. Dwarrelende sneeuwvlokken. Ik kom ogen tekort.

Pas als Remi zijn moeder heeft gevonden en Lize terugziet, herinner ik me dat ik in de schouwburg zit. Als het voorgordijn plotseling te vroeg dichtschuift. En als aan het eind de dansers naar voren komen om te buigen. Want dan is daar ineens weer Vitalis. “Die was toch dood?” zegt een klein meisje naast mij. Ja, maar op het toneel kan alles.

    • Michiel Nales