De monarchie moet humaner worden

“Kijk uit dat je je niet laat verkeizeren”, zo hield Marcus Aurelius zichzelf voor tegen het jaar 180. De keizer van het Romeinse miljoenenrijk nam deze aansporing op in zijn Ta eis heauton (Tot zichzelf). De stoïsche wijsgeer in hem waarschuwde aldus tegen de besmettende invloed van het hofleven, dat mensen hun humaniteit ontneemt.

Hoe actueel zijn vermaningen zijn, heeft prins Willem-Alexander tijdens zijn 'coming-out' voor de televisie duidelijk gemaakt. Wat monarchisten door een Oranjefilter als het veelbelovend debuut van een bezadigd toekomstig vorst zagen, was in feite het akelig gekunstelde optreden van een jonge doctorandus die in een corset was geregen. De kroonprins sprak bestudeerd langzaam in het bange bewustzijn iets te kunnen miszeggen. Zijn moeder en premier zouden immers straks kritisch de beeldband bekijken. De ooit scherpe journalist Ed van Westerloo smolt in de Oranjezon weg tot lakei. Terecht stelde keizer Marcus vast dat het hof iedereen denatureert. Een beetje besef van de onnatuurlijkheid van zijn omgeving, bleek uit des prinsen klacht dat hij door ja-knikkers is omgeven.

Misschien heeft hij wel spijt gehad van deze boude uitspraak. Zijn adhesiebetuiging aan de dienstplicht kon natuurlijk niet door de constitutionele beugel: het formele staatshoofd is nu eenmaal de enige staatsburger die geen politieke mening mag uiten. Juist bij een jongeman wordt het schrijnende van de situatie zichtbaar. Het is moeilijk voor te stellen dat de prins, die nu als voortijdig bejaarde voor de camera poseerde, de leeftijd heeft van de afstudeerders die op mijn spreekuur verschijnen om te overleggen over hun toekomst. Zij zijn vol energie, en vastbesloten om hun eigen toekomst te maken. De 26-jarige doctorandus in de geschiedenis daarentegen vertelde hoe moeilijk het voor hem is zich neer te leggen in het gespreide bed.

Familiefirma's hebben allang ontdekt dat nepotisme in de bedrijfsleiding dodelijk is. Een vereniging die vastlegt dat het voorzitterschap altijd overgaat op het oudste kind van de zittende functionaris, heeft in Nederland geen rechtsgeldige statuten. Ze voldoen niet aan de drie basisprincipes van de democratie: roulatie, verantwoordingsplicht, mandaat door verkiezing. Waarom gelden die beginselen niet voor de alomvattende democratische vereniging van Nederland? Er zijn zoveel betere kandidaten voor de functie van staatshoofd: Van Agt als we het zuiver ornamentele van een prins carnaval willen of Van Mierlo als we een schoolmeester prefereren. Mijn persoonlijke voorkeur zou uitgaan naar Ien Dales, een pronte vrouw, direct in haar uitingen, zonder gewilde charme en zonder kapsones, kortom Nederland op zijn best.

Ik zou best wel eens met drs. W.A. van Oranje Nassau als collega willen praten over het koningschap als een fossiel en over het onhistorische van de Nederlandse monarchie. Misschien kunnen we tijdens het spreekuur ook praten over een echte loopbaan: de perspectieven voor geschiedenisleraren zijn nu weer wat beter.

Als de kroonprins volhardt in het voornemen zich te laten 'verkoninklijken', zou de Nederlandse natie kunnen pogen zijn lot dragelijker te maken. Zij zou kunnen duidelijk maken dat hij als staatshoofd gewild is door om de vier jaar, bijvoorbeeld gekoppeld aan de parlementsverkiezingen, de kiezers te laten uitspreken dat zij deze Oranje weer voor vier jaar willen. Gezien de brede steun die het Oranjehuis heet te genieten, kan het risico in de ogen van overtuigde of pragmatische royalisten toch niet groot zijn. Wij zouden de jonge vorst de psychische steun kunnen geven dat hij zijn baan verdient en een zeker mandaat heeft om als politieke factor bij kabinetsformaties te fungeren.

Er is ook een weg in de andere richting. De constitutionele monarchie kan nog wel principiëler worden teruggebracht tot een symbool. De franje van edelmetalen rijtuigen, ongemakkelijke zetels en desnoods van militaire uniformen kan blijven bestaan, als de vorst maar geen politieke macht heeft. Kabinetten kunnen worden geformeerd buiten het paleis om. De waarlijk constitutionele monarch zal niet meer voorlezen uit andermans werk, maar in de Ridderzaal op zijn troon luisteren naar het uitspreken van de jaarlijkse regeringsverklaring - precies zoals zijn Zweedse collega doet. Niet alleen zal het democratische gehalte van onze staat erbij winnen, de vorst zal ook het keurslijf afleggen, dat zo pijnlijk zichtbaar werd tijdens het debutanteninterview. Als hij niet meer onder de politieke curatele van de regering staat, zullen zijn uitlatingen geen politiek gewicht meer hebben: eindelijk krijgt hij dan de vrijheid van meningsuiting die iedere Nederlander geniet. De hier bepleite ontpolitisering van het koningschap verzekert het voortbestaan van de Oranjemonarchie en geeft aan een jong mens de mogelijkheid zichzelf te zijn.

    • Anton van Hooff