Van Binnen

“Rothuis is dit. Kijk, allemaal vlekken op de muur en het plafond door de lekkage. Het stinkt er ook altijd naar schimmel. Het is een leuke, rustige buurt en we hebben heel aardige buren, echt waar, maar als ik thuis kom en de deur open doe, denk ik: bah, wat stinkt het. Hier in de woonkamer staat altijd de kachel aan, dat moet wel. Dit is ook de enige warme plek hier in huis. In de keuken is het koud, en in de badkamer héél koud, dat is aan de achterkant van het huis aangebouwd. Deze kamer heb ik al drie keer behangen, het valt er steeds af omdat de muren vochtig zijn. We lopen twee jaar bij de gemeente om een ander huis, maar ze luisteren helemaal niks. Zelfs kom ik met een briefje van de doktor bij de wethouder, dat ik allergie heb en een ander huis nodig heb. Niks. Gelukkig ben ik niet de hele dag thuis, ik werk 's ochtends en een paar uur aan het eind van de middag als schoonmaakster.

De huizen van onze familie en vrienden zien er net zo Hollands uit, ook allemaal met een bankstel en een wandmeubel en een televisie. Het kanten kleedje komt geloof ik uit Canada. We wonen toch in Holland? Nederland verandert ook. Toen ik hier als meisje van dertien met mijn ouders uit Marokko kwam was Nederland plat en nu zijn er wolkenkrabbers. Ik kan niet meer op de grond zitten, ik ben het niet meer gewend. Als we met vakantie in Marokko zijn drink ik mijn koffie staand. Alleen die trommel boven op de kast is Marokkaans, en de spreuk uit de Koran boven de bank. Die porseleinen duifjes hebben we gekregen op de bruiloft van een familielid, zijn naam staat er in gouden letters op geschilderd. Dat mandje ook, met tule en - hoe heten ze? - ja, bruidsuikers.

Neem nog wat lekkers, ik heb ze gisteren zelf gemaakt. Loempia's zijn het, gevuld met gehakte amandelen en honing.

De meeste van deze meubels hebben we drie jaar geleden gekocht, toen we uit onze flat weggingen en hier naar toe verhuisden. Alles in Nederlandse stijl. Als we gaan verhuizen wil ik het anders. Niet donkerbruin zoals nu, maar met kleuren. Een witte vitrinekast in plaats van het wandmeubel. En geen bank met kussens meer, maar van leer, dat is beter voor mijn allergie. Het kleed ga ik wel in België halen, ze zijn daar goedkoper.

Maar we hebben niet zo veel geld daarvoor nu. Mijn man heeft gewerkt in een slagerij en een kwekerij, maar nu is hij werkloos. Hij volgt een cursus Nederlands. Het is wel grappig, hij en onze dochter van negen zitten op hun verschillende scholen allebei in groep vijf. Zij moet vaak lachen om zijn Nederlands. Ze zegt ook dat ik het beter spreek dan hij. Het Nederlands vond ik nooit zo moelijk, ik heb het gewoon door de kinderen opgepikt. Ik vind het wel jammer dat ik na mijn vertrek uit Marokko nooit in Nederland naar school heb kunnen gaan. Mijn ouders wonen ook hier in Hoofddorp. Het ziet er bij hun ook zo uit, ja, alleen hebben ze een mooie lamp. Honderdvijftig gulden kostte die.

Mijn man zou graag teruggaan naar Marokko. Hij zegt: als ik alleen was ging ik meteen. Twee van zijn broers zijn hier in de jaren zeventig geweest en zijn teruggegaan. Maar de kinderen willen niet, die zijn hier geboren en de twee oudsten zitten hier op school. Na twee jaar twijfelen heeft hij toch een Nederlands paspoort aangevraagd. Ik wil ook niet terug. In Marokko mag je als vrouw niet naar buiten, je mag dit niet, dat niet. Mijn schoonzusje leeft hier net zo streng als daar. Rokken tot op de enkel, altijd een handdoek op het hoofd - wat? ja, natuurlijk, hoofddoek bedoel ik -, ze mag nooit mannen een hand geven. In Nederland draag ik alleen een djelleba als ik op bezoek ga, en ook geen hoofddoek. Alleen als het regent.''