Koers van Nutricia keldert; Grote schade door besmet babyvoedsel

ROTTERDAM, 17 NOV. Voedingsmiddelenconcern Nutricia verwacht een sterke winstval dit jaar en in 1994 door de verontreiniging van Olvarit, zijn belangrijkste merk babyvoeding. De kosten, gemoeid met het terughalen van één miljoen potjes babyvoeding en de vernietiging van voorraden, zullen een “duidelijke invloed” hebben op de winst.

De onderneming heeft er volgens eigen zeggen nog geen enkel zicht op hoe groot de schade wordt en op wie die zal moeten worden verhaald.

Nutricia maakte gisteren bekend dat in een deel van de potjes Olvarit een stof afkomstig van een desinfectiemiddel is aangetroffen. Het concern besloot babyvoeding terug te halen uit Nederland, België, Griekenland en Portugal. Op een 06-informatienummer van Nutricia waren omstreeks het middaguur meer dan 9.000 telefoontjes van verontruste consumenten binnengekomen.

Op de Amsterdamse effectenbeurs werd de handel in het fonds vanmorgen stilgelegd, in afwachting van nadere mededelingen. Na hervatting van de handel kelderde de koers van de certificaten Nutricia, die gisteren sloot op 151,40 gulden, met circa 11 gulden. In mei van dit jaar kreeg de koers van Nutricia al een tik, toen in de VS potjes babyvoeding werden teruggehaald na geruchten over een salmonella-besmetting.

Bij de bekendmaking van de halfjaarresultaten in augustus zei Nutricia voor geheel 1993 te rekenen op een “duidelijke stijging” van de netto winst vergeleken met die van 1992 (87,2 miljoen gulden). Beursanalisten verwachten dat de winst van Nutricia dit jaar “vele miljoenen guldens” lager zal uitkomen als gevolg van de affaire. Circa 16 procent van de omzet van Nutricia (1,25 miljard gulden in 1992) is afkomstig van de verkoop van babyvoeding.

De eerste potjes met verontreinigde babyvoeding werden waarschijnlijk al in juni geproduceerd. Dat Nutricia de produktie pas gisteren heeft stilgelegd, komt omdat het bedrijf niet eerder door de keuringsdienst voor waren werd geïnformeerd. Nutricia kreeg eind vorige week de eerste signalen dat er iets mis was met de babyvoeding.

Volgens Nutricia was de verontreiniging aanwezig in vlees dat door externe fabrikanten aan het concern wordt geleverd. Uitvoerige controles samen met de keuringsdienst van waren wijzen erop dat het gaat om het schoonmaakmiddel p-TSA dat in slagerijen wordt gebruikt. Het vlees in de Olvarit-potjes is afkomstig van Nederlandse slagers. Gedacht wordt daarbij aan middelen waarmee slagersmessen en vleesplanken worden schoongemaakt.

Voor de betrokken stof p-TSA hanteert de Hoofdinspectie Gezondheids Bescherming een grenswaarde van 1 milligram per kilogram. Deze grenswaarde is een zogeheten veiligheidsgrenswaarde, dat wil zeggen dat men er niet meteen ziek van wordt maar dat men er niet te veel van moet eten. In de potjes van Nutricia werd 4 à 5 milligram p-TSA per kilogram aangetroffen.

Pag.23: Groot deel besmette potjes nog in magazijn

De produktie van Olvarit is in december 1992 verhuisd van Zoetermeer naar het Britse Wells. Daar wordt het vlees verwerkt met de groenten tot babyvoeding. Volgens een voorlichter staat het grootste deel van de besmette potjes op dit moment nog opgeslagen. “Het gaat om seizoensprodukten met verse groenten.”

Nutricia sluit overigens uit dat bij deze besmetting sprake zou zijn van afpersing. Eerder dit jaar arresteerde Justitie een majoor van de landmacht wegens een poging tot afpersing van Nutricia. Ook in dit geval ging het om babyvoeding.

Het beleid van het ministerie van WVC in de Nutricia-zaak is conform artikel 21 van de Warenwet. Dit betekent dat als er iets niet in orde is met het voedsel, het betreffende bedrijf de gelegenheid krijgt om op korte termijn de afnemers van het produkt te informeren, dit “onder nauwlettende controle” van de Hoofdinspectie Gezondheids Bescherming (HGB), die onder het ministerie van WVC valt. De Keuringsdienst van Waren is een andere naam voor deze Hoofdinspectie. Als een bedrijf de informatie niet binnen één of twee dagen naar buiten brengt, dan doet het ministerie dat door het plaatsen van advertenties. In dit geval was dat niet nodig. Volgens een woordvoerder van het ministerie heeft een bedrijf er belang bij de informatie zelf naar buiten te brengen, omdat op die manier invloed op de berichtgeveing kan worden uitgeoefend.

Voor de betrokken stof p-TSA hanteert de Hoofdinspectie Gezondheids Bescherming een grenswaarde van 1 milligram per kilogram. Deze grenswaarde is een zogeheten veiligheidsgrenswaarde, dat wil zeggen dat men er niet meteen ziek van wordt maar dat men er niet teveel van moet eten. In de potjes van Nutricia werd 4 à 5 milligram p-TSA per kilogram aangetroffen.