ATP-finale afspiegeling van gewijzigde hiërarchie tennis

FRANKFURT, 17 NOV. Twee Amerikanen, de ene van Chinese afkomst, de andere roodharig. De eerste droeg bij de loting van de ATP-finale (het wereldkampioenschap tennis) een afwijkende blazer, omdat zijn maat niet in de vereiste kleur leverbaar was. De tweede negeerde de voorschriften door in een kapot trainingspak te verschijnen. De een klein, de ander bot. Michael Chang (21) en Jim Courier (23) lijken niet op elkaar.

Hun tennisloopbaan evenmin. In de onderlinge partijen was Courier de laatste jaren steevast de sterkste. Ook de wereldranglijst gaf het krachtsverschil aardig weer: Courier bovenaan, Chang schommelde rond de tiende plek. De pijnlijke nederlaag die Courier gisteren leed op de openingsdag in Frankfurt tegen Chang (6-4, 6-0), was natuurlijk verrassend maar staat niet op zichzelf. De zege van Chang hing in de lucht.

De hiërarchie in de tennistop is gewijzigd. Sampras passeerde Courier, Edberg en Becker vielen terug. Stich is herboren. En Michael Chang kruipt langzaam naar voren, hij staat nu zevende. De laatste twee jaar had hij zich net weten te plaatsen voor Frankfurt. Hij verloor al zijn zes partijen. Vandaar de opluchting? “Nee, de statistieken doen mij niet veel. Wel is het zo dat ik niks te verliezen had.”

Beiden verwierven faam op Roland Garros. Chang door in 1989 als ongeplaatste speler op zeventienjarige leeftijd de Franse titel te winnen. Nog steeds een record. Hij maakte Lendl horendol in de kwartfinale, door zijn opslag onderhands te slaan. De toenmalige Tsjech sloeg van ontzetting de bal buiten de lijnen. Chang was te moe om gewoon te serveren, beweerde hij na afloop. Anderen hielden het op irritant, psychologisch gedrag. Hij hield de bal in het spel met slagen die meters over het net gingen. In de finale versloeg hij favoriet Edberg.

Jim Courier won twee jaar later in Parijs. Tot juni 1991 was hij een gedegen subtopper. Hij hanteert het racket als een matteklopper. Onconventioneel, maar zeer effectief. Na de overwinning op Agassi is Couriers ster gerezen. Hij prolongeerde zijn Franse titel en won ook tweemaal in Melbourne, het vierde Grand-Slamtoernooi. De criticasters vonden het een schande voor het edele tennisspel en hopen nu maar dat Couriers terugval definitief is. Zelf houdt hij het op vermoeidheid. “Gewoon een mindere periode.” Het toeval wil dat hij in de loop van het kalenderjaar steevast minder presteert. “Ik weet echt niet hoe dat komt. Het hoeft geen indicatie te zijn, want vorig jaar overkwam me hetzelfde.”

Het onderlinge krachtsverschil werd de laatste tijd al minder. Couriers krachttennis lijkt toch minder effectief dan voorheen. Het oogt voorspelbaar wat hij doet. Bijna plichtmatig. Zijn tegenstanders lijken vat te krijgen op het gebeuk vanaf de achterlijn. Steeds meer krijgt hij de ballen op zijn minder sterke backhand. Het nieuwtje is eraf. De Spanjaard Bruguera deed wat niemand verwachtte: Courier kloppen op Roland Garros. Het gravel leek zijn ondergrond, maar Bruguera sloeg met nog meer topspin, met nog meer snelheid. En de Fransman Pioline bestreed Courier met succes op de US Open. Hij vertraagde en versnelde op een manier die de Amerikaan niet aanstond. Zijn nederlaag op Wimbledon tegen Sampras was minder verrassend. Op gras had Courier nooit eerder in de finale gestaan. Het afstaan van de nummer één positie aan Sampras, doet Courier niet zoveel. “Die ranglijst interesseert me niet. De Grand Slams, daar gaat het om. Ik heb er een gewonnen en stond tweemaal in de finale. Niet slecht toch?”

De lichte terugval van Courier loopt parallel met de stevige vooruitgang die Chang boekte. Hij heeft hard gewerkt aan zijn service, vroeger een veredelde boogbal waar de retourneerder wel raad mee wist. “Het was frustrerend telkens te moeten knokken mijn eigen service game te winnen.” Tegenwoordig slaat Chang zijn opslag met een gemiddelde snelheid. Tegen Courier sloeg hij gisteren drie aces, zijn tegenstander niet een. Het heeft ook met de vorm van de dag te maken. En met Changs reactiesnelheid. Daar hoefde hij niet aan te sleutelen, die heeft hij van nature.

De elfde onderlinge partij (Courier won er zeven) duurde nauwelijks anderhalf uur. Chang speelde zijn beste tennis. Zo snel, zo lichtvoetig, zo krachtig ook. Wat een verschil met 1989, toen hij de bal alleen maar terugsloeg. Die tactiek brak hem daarna op. Hij werd domweg omvergeslagen. Sinds die ene Grand-Slamtitel presteerde Chang weinig meer. De sensatie werd een normaal verschijnsel. Nu durft de kleine Californiër wel druk uit te oefenen, het spel zelf te maken. Zo'n iel mannetje dat zo hard slaat, het is even wennen. De theorie dat kleine spelers kansloos zijn in het moderne tennis, hoopt Chang (1.73 meter) aan diggels te slaan. Hij won dit jaar vijf toernooien, waarvan vier in Azië.

Courier zei niet verbaasd te zijn over Changs spel. “Je weet van tevoren dat de onmogelijkste ballen terugkomen. Mijn eigen spel was zeker niet slecht, alleen mijn service-return liep niet.” De winnaar was tevreden, maar met reserves. “Het was goed, maar niet uitmuntend. Ik moet nog veel verbeteren aan mijn spel, elke slag kan nog beter.”

    • Jaap Bloembergen