Nota: betere humanitaire hulpverlening bij conflicten

DEN HAAG, 16 NOV. De Nederlandse regering wil beter kunnen reageren op humanitaire noodsituaties in de wereld.

Bovendien wil het daarbij meer aan nazorg doen voor vluchtelingen en andere slachtoffers van conflicten en zal het zijn inspanningen vaker richten op het voorkomen van noodsituaties.

De ministers Kooijmans (buitenlandse zaken) en Pronk (ontwikkelingssamenwerking) presenteerden vanmorgen, mede namens minister Ter Beek van defensie, een nota aan de Tweede Kamer, waarin dit staat. De nota, waar de Kamer vorig jaar om vroeg, is getiteld 'Humanitaire hulpverlening tussen conflict en ontwikkeling'.

Humanitaire hulpverlening, aldus minister Kooijmans vanmorgen, “is helemaal uit de 'do-goodie' sfeer van vroeger gekomen; het heeft belangrijke politieke aspecten gekregen, zo sterk zelfs dat er al sprake is van 'humanitaire diplomatie', een begrip waaraan we een paar jaar geleden nog niet hadden durven denken”.

Veel meer dan een paar jaar geleden, toen humanitaire hulp vooral na natuurrampen werd gegeven, moet nu hulp worden verleend aan slachtoffers van binnenlandse conflicten, aldus Pronk. Bovendien moet er veel meer hulp worden gegeven: in 1988 nog 150 miljoen, het vorige jaar al 504 miljoen.

Pronk en Kooijmans willen een vaste departementale groep in het leven roepen, die deze hulp gaat coördineren. Daarnaast moet er een 'poule' van deskundigen komen, die voor elke denkbare soort van rampen onmiddellijk voor advies en analyse beschikbaar is.