Katholieke veehouders in verweer tegen mestbeleid

's-HERTOGENBOSCH, 16 NOV. Helser kabaal konden naar de slachtbank geleide koeien of varkens niet maken dan gisteren in de Bossche Brabanthallen hun melkers en mesters: de naar schatting 9000 voornamelijk Brabantse veehouders. En daar het over het mestbeleid na 1995 van de ministers Alders (milieu) en Bukman (landbouw) ging, waren toespelingen op uitwerpselen en aanverwanten niet van de lucht. “Bukman kakt er niks van”, “Hier zakt onze broek vanaf” en “Strontbeleid” stond er op spandoeken. De man die de tuba beroerde vlak voor de perstribune wist er een geluid aan te ontlokken als van een koe in barensnood.

Maar voor de rest hielden ze zich keurig aan de afspraken door niet met tractoren te komen en door niet met eieren te gooien. “Als jullie in de kerk ook altijd zo op tijd komt dan is dat prima”, probeerde algemeen secretaris drs. A. Heijmans van de Noordbrabantse Christelijke Boerenbond NCB aan het begin van de protestbijeenkomst de lachers op z'n hand te krijgen. Want het waren gisteren immers voornamelijk katholieke boeren, die voor het merendeel lid zijn van de NCB en van het CDA. En al werd het CDA-Tweede Kamerlid J. van Noord uitgejoeld, had CDA-minister Bukman (evenals trouwens PvdA-minister Alders) het op aanraden van de organisatie af laten weten en stond er op een spandoek dat CDA staat voor Collectieve Destructie Agrariërs, de overwegende kleur in de hal was niettemin het groen in de aan het plafond opgehangen paraplus en de lach verdween slechts zelden van de doorgroefde koppen.

De enige wanklank was na afloop te noteren toen een 16-jarige jongen uit Schaijk, die met een aantal collega's met tractoren de A-50 wilde blokkeren, inreed op een politieman en wegens poging tot doodslag werd aangehouden.

Jos van Hoof was een van de demonstranten. Hij is 29 jaar en heeft samen met zijn vader in het Gemertse gehucht Mortel een varkensbedrijf. “Dat we aan het milieu moeten betalen, geeft allemaal niets als het maar een keertje ophoudt. Er is geen bedrijfstak die zoveel geld moet investeren in het milieu. Met dit mestbeleid gaan we failliet”. Toen een van zijn collega's per microfoon de aanwezige Kamerleden liet weten dat hij strontzat was van het bla-bla, duwde de jonge Jos nog eens een extra stootje op zijn hoorn. “In het CDA zitten van die overlopers, daar heb je niks meer aan, die laten ons boeren mooi stikken”.

Voor voorzitter ir. A. Latijnhouwers van de NCB was de vijftiende november een historische datum: “De dag dat de aanzet werd gegeven tot een ook door de agrariërs breed gedragen mestbeleid”. Maar dan moesten de Kamerleden, die begin december de door de beide ministers gemaakte notitie Mest- en Ammoniakbeleid derde fase gaan bespreken, voor een keertje wel eens goed luisteren naar de eisen. Die kwamen er op neer dat het afgelopen moest zijn met het verder terugdringen van de mestnormen omdat dan de mestoverschotten nog verder zullen toenemen en dat de boeren in staat moeten worden gesteld ervaring op te doen met een zogenoemde mineralenboekhouding voordat de overheid komt met een stelsel van heffingen op teveel geproduceerde mest.

De wat werd genoemd technisch woordvoerder van de actiegroep “Beter Mestbeleid”, varkenshouder F. Meulenmeesters, organisator van de manifestatie: “Met dit kabinetsvoorstel wordt het hoe je het ook bekijkt stoppen. Dan verdwijnen er 70.000 banen. Een gewoon melkveebedrijf krijgt 60.000 gulden extra kosten per jaar”.

Zelfs, zo zei een andere spreker, wordt met de door de beide bewindslieden beoogde mestnormering “ons grasland met koeien een woestijn met kamelen, dan groeit er namelijk niks meer”.

De Kamerleden viel slechts hoon ten deel. Woordvoerder P.M. Blauw van de VVD, die zich nochtthans verzette tegen de mestnotitie, “want die deugt niet”, werd niettemin uitgemaakt voor een slijmbal. PvdA-woordvoerder J.S. Huys moest de verdediging van het mestbeleid bekopen met een langdurig gezongen “Hij is een hondelul”. En CDA'er J. van Noord, die notabene zei dat de normvaststelling niet kan zo lang er naar de effecten ervan nog onderzoek liep, was niet meer te verstaan toen hij uitriep: “In deze hal doen we vandaag geen zaken, want wij doen zaken met het kabinet”.

Veel kritiek was er op de wijze waarop Bukman en Alders het in mei met het Landbouwschap gesloten mestakkoord hadden vertaald in de Mest- en Ammoniaknotitie derde fase. Voorzitter Varekamp van het Landbouwschap sprak van “de mist die rond de mest is gemaakt. De regering heeft in de notitie allerlei voorstellen opgenomen waarover we geen overeenstemming hebben bereikt”. Dat gold volgens hem onder meer de door de ministers voor het jaar 2005 vastgestelde verliesnorm van 5 kilogram fosfaat per hectare en voor de ammoniakdoelstellingen. “We moeten ons niet laten belazeren”, aldus Varekamp.

Meulenmeesters dreigde met hardere acties mocht de notitie ongewijzigd door de Tweede Kamer worden aangenomen. Veel fiducie zei hij niet te hebben in de politici: “Het boerenbelang daar hebben ze schijt aan”.

    • Max Paumen