Stagnatie Duitse economie leidt tot 4 miljoen werklozen

BONN, 15 NOV. De Duitse economie heeft het dieptepunt van de recessie bereikt, maar het zal toch tot 1995 duren voor er een werkelijk opwaartse beweging komt. In 1994 wachten in West-Duitsland stagnatie en een groei van 7,5 procent in de (kleine) Oostduitse economie.

De werkloosheid zal van 3,5 miljoen nu oplopen tot een na-oorlogs record van ruim 4 miljoen: 1,27 in Oost- en 2,75 miljoen in West-Duitsland (11,5 procent van de beroepsbevolking). In West-Duitsland daalt de inflatie van 4 tot 3 procent, maar in Oost-Duitsland zal zij “ruim boven 4 procent” blijven.

Dit is de prognose die de vijf vaste economische adviseurs van de Duitse regering vandaag zouden bekendmaken. De zogenoemde Vijf Wijzen hebben hun rapport vrijdag al overhandigd aan kanselier Helmut Kohl, die gisteren met een zware handelsdelegatie naar China is vertrokken om daar onder meer voor de Duitse export te werven. Op reis daarheen kon de kanselier bijvoorbeeld lezen dat zijn adviseurs het economische herstel in gevaar achten door “de slingerkoers” van de Duitse regering.

De Vijf Wijzen zijn somberder dan de grote Duitse economische instituten twee weken geleden. Die voorspelden voor '94 een groei van één procent in West- en 7 procent in Oost-Duitsland, al voorzagen ook zij werkloosheidsgroei (zij het tot 3,7 miljoen). Door die eerdere prognoses voor 1994 was Kohl nog “aangenaam verrast”. Nu is er, vooral op de nadere werkloosheidsprognoses, door politici geschrokken gereageerd. De conclusie van de Vijf Wijzen dat het “in 1994 moeilijk zal worden om uit het dal van de recessie te komen” is hard aangekomen, net als hun waarschuwing aan de Duitse overheden dat zij meer moeten bezuinigen en dat het totale beeld verslechtert als in nieuwe CAO's geen daling van koopkracht wordt aanvaard.

SPD-voorzitter Rudolf Scharping, premier van Rijnland-Palts, ziet in de voorspelde werkloosheidsontwikkeling “grote risico's voor de interne (sociale) vrede in Duitsland”. Hij vraagt om “een groot nationaal werkgelegenheidsplan”, dat door de grote politieke partijen en de sociale partners gedragen moet worden. Zijn in de Bondsdag oppositionele SPD verwijt de regering, met name Kohl en de ministers Rexrodt (FDP, economische zaken) en Waigel (CSU, financiën), dat zij veel te lauw reageert op de gevolgen van de recessie en het gevaar van sociale spanningen en politieke radicalisering op de koop toe neemt.

Pag.13: Woede bij vakbonden groot

Bondspresident Richard von Weizsäcker waarschuwde er zaterdag voor de op zichzelf noodzakelijke bezuinigingen “te zwaar af te wentelen op de sociaal zwakkeren”. Dat zou de onmisbare maatschappelijke consensus bedreigen en moedeloosheid en wanhoop bevorderen, zei hij.

Tot de politieke schrik heeft ook bijgedragen dat vakbondsbestuurders zaterdag in Bonn op een grote SPD-conferentie over werkloosheid duidelijk maakten dat de woede onder hun leden, vooral in zwaar door de recessie getroffen sectoren als kolen, metaal en chemie, zó groot is dat zij niet weten hoe lang die “nog in de hand te houden is”. Scharping reageerde daarop door te zeggen dat hij, als de SPD in oktober 1994 de Bondsdagverkiezingen wint, van halvering van de werkloosheid zijn eerste doelstelling zal maken.

Overigens heeft de SPD-top gisteren ook, aan de vooravond van een vierdaags programmacongres in Wiesbaden, een aparte verklaring uitgegeven waarin zij vasthoudt aan de voor eind 1995 voorziene gelijktrekking van lonen en uitkeringen tussen Oost- en West-Duitsland. Tot ergernis van Oostduitse partij-afdelingen had Scharpings 'schaduwminister' voor economie en financiën, de Saarlandse premier Oskar Lafontaine, de afgelopen weken bepleit die gelijktrekking te vertragen omdat zoiets wegens de nog lage produktiviteit in de vroegere DDR slechts tot méér werkloosheid en minder investeringen zou leiden. Ook minister Rexrodt, die in de prognoses van de Vijf Wijzen een ondersteuning van het regeringsbeleid zag, kritiseerde het zaterdag dat “de lonen in Oost-Duitsland totnutoe veel te sterk gestegen zijn”.

Hoe sterk de spanningen tegen de achtergrond van de recessie en vele naderende verkiezingen in 1994 (negentien in totaal - lokale, regionale, Europese en die voor de Bondsdag) nog kunnen oplopen, blijkt uit aanbevelingen/voorwaarden bij de prognoses Vijf Wijzen. Zij wijzen erop dat Waigels financieringstekort door tegenvallende belastingopbrengsten in 1994 zonder extra bezuinigingen zeker tot boven 80 miljard mark zal klimmen (nu ligt de raming nog iets onder 70 miljard). Noodzakelijk zijn meer 'reële' bezuinigingen. Lagere overheden, subsidies en de sociale sector mogen daarbij niet buiten schot blijven en Waigel mag in geen geval (verder) aan de belastingschroef draaien, waarschuwen zij. Bonn en de regionale en lokale overheden zouden liefst een contract over 'echte' bezuinigingen moeten sluiten, vinden zij. Waigel herhaalde gisteren prompt dat hij belastingverhogingen tot 1996 uitsluit en over meer kortingen graag afspraken met de Länder en gemeenten zou maken.

Ongeacht het conjuncturele gevaar van (toch al) teruglopende consumptieve bestedingen - voor '94 wordt een daling met 1,5 procent geraamd - moeten nieuwe CAO's volgens de Vijf Wijzen onder drie procent uitkomen, wat, mede door de hogere overheidstarieven,) een reële inkomensachteruitgang voor zeer grote inkomensgroepen meebrengt. In sommige gevallen, vinden de regeringsadviseurs (net als de Duitse werkgevers), moeten desnoods ook bestaande CAO's worden opengebroken om tot kostenverlaging te komen. Flexibelere werktijden zijn in Duitsland nodig, maar voor generieke arbeidstijdverkorting, zoals naar het veelbesproken model van de door Volkswagen voorgestelde vierdaagse werkweek, voelen de Vijf Wijzen niet veel.