Nederlander vrij na vier weken gijzeling in Turkije

Dit weekeinde is een Nederlander vrijgelaten die door de Koerdische Arbeiders Partij (PKK) in de bergen in Zuid-Oost Turkije was gegijzeld.

ANKARA, 15 NOV. Jan-Maarten Mos (25) klinkt opgewekt. Na ruim vier weken in gijzeling te zijn gehouden, heeft hij voor het eerst de nacht weer in een echt bed doorgebracht. Het hotel in Bingöl, in de Koerdische regio van Turkije, ligt op loopafstand van de plek waar hij in de nacht van zaterdag op zondag werd vrijgelaten. In de vroege morgen meldde Mos zich bij de receptie, waarna de plaatselijke para-militaire politie werd gewaarschuwd. Mos werd voor verhoor naar het bureau overgebracht, waar hij te horen kreeg dat de militaire autoriteiten vanaf de eerste dag geweten hebben waar hij zat.

“Het is bijna niet te geloven, maar een half uur nadat ik bij een wegblokkade door PKK-guerrillastrijders uit de bus werd gehaald, kwamen we in een gevecht terecht tussen de Koerdische separatisten en de Turkse veiligheidstroepen”, zegt Mos. “Vanuit helikopters werd de regio gebombardeerd, terwijl grondtroepen het PKK-kamp tot op 30 meter afstand naderden. Althans, dat is het verhaal dat ik gisteren te horen heb gekregen. De Turkse autoriteiten zeiden dat ze bang waren dat mij iets zou overkomen als ze de militaire aanval hadden doorgezet.”

Mos heeft de eerste weken met de Koerdische guerrillastrijders in de openlucht gebivakkeerd. “We sliepen rond kampvuren in bosachtige omgevingen. De laatste tijd werd het steeds kouder, zodat we ons 's nachts ingroeven of beschutting zochten in berggrotten.” Door de militaire operaties van het Turkse leger in de regio waren ze gedwongen regelmatig van verblijfplaats te wisselen. “Dat had tot gevolg dat er dagen zijn geweest dat ik 20 uur lang in de bergen heb gelopen”, aldus Mos die op vier, vijf verschillende plaatsen in Zuidoost-Turkije heeft 'gekampeerd'. Aan direct gevaar van militaire operaties heeft hij niet meer blootgestaan: “Slechts één keer heb ik van een afstand een bombardement meegemaakt.”

De vrijlating van Mos, die eerder deze maand al was aangekondigd door het Koerdische persbureau Kurd-ha in verband met de zestiende verjaardag van de PKK op 27 november, werd bespoedigd doordat de vader van Mos het afgelopen weekeinde naar de Koerdische regio reisde. Gistermorgen arriveerde hij in de Koerdische stad Diyarbakir, waar hij te horen kreeg dat zijn zoon inmiddels in de buurt van Bingöl was vrijgelaten.

De PKK houdt nog drie toeristen vast, twee Nieuw-Zeelanders en een Amerikaan. Mos zegt dat hij de drie gedurende zijn verblijf bij de PKK nooit heeft gezien. Buitenlanders die de Koerdische regio van Turkije bezoeken moeten de PKK, die strijdt voor een onafhankelijk Turks-Koerdistan, daar van tevoren van op de hoogte stellen. Doen ze dat niet, dan lopen ze de kans door de organisatie te worden gegijzeld.

Mos, die na een vakantie van vier weken in Pakistan via Turkije naar Nederland wilde terugkeren, zegt dat hij op de hoogte was van deze maatregel. “Maar mijn bezoek betrof niet zozeer de Koerdische regio, maar de stad Erzurum in Oost-Turkije. Van daaruit wilde ik naar Adana aan de Middellandse-Zeekust doorreizen. Voordat ik een buskaartje kocht, heb ik verschillende mensen in Erzurum gevraagd of dat veilig was. Toen bleek dat er relatief weinig gevaar te duchten viel, ben ik in de bus gestapt.” Maar de busreis was van korte duur. In de omgeving van Bingöl werd hij, zoals de officiële verklaring luidt, “onder toezicht van de PKK gesteld, omdat hij zich zonder toestemming in Koerdistan ophield”.