Kamerlid Vermeend voorziet versterking concurrentiepositie belastingparadijs; Strenger beleid voor Antillenroute

DEN HAAG, 13 NOV. De positie van de Nederlandse Antillen en Aruba als belastingparadijs zal veranderen door nieuwe, strengere wetgeving. Dat maakt de Antillen misschien tijdelijk wat minder aantrekkelijk voor ondernemers en particulieren die legaal winsten naar een gebied overhevelen waar de belasting laag is. Maar op langere termijn zullen de eilanden juist beter kunnen concurreren met andere belastingparadijzen.

Dat zegt dr. Willem Vermeend, belastingexpert van de PvdA-fractie in de Tweede Kamer, en kenner van de Antillen. “De financieel-economische positie van met name Curaçao zal, hoe je het ook wendt of keert, mede worden bepaald door de financiële offshore”, aldus Vermeend. Deze sector, die buitenlands geld - op zoek naar lage belastingtarieven - aantrekt en beheert, bezorgt de Antilliaanse overheid circa 180 miljoen gulden aan inkomsten per jaar, eenvijfde van de begroting. “Ze geeft daarnaast direct en indirect werk aan meer dan 1.500 mensen, van wie een belangrijk deel hoger opgeleiden: notarissen, accountants, verzekeraars en medewerkers van banken, trustkantoren en andere financiële instellingen”, aldus Vermeend.

De Antillen hebben als belastingparadijs enkele jaren geleden aan betekenis ingeboet doordat de Verenigde Staten het bilaterale verdrag met de eilanden opzegden. Met lede ogen zagen de Amerikanen jarenlang in de VS gemaakte winsten naar 'tax havens' als de Antillen verdwijnen, waardoor de fiscus veel geld misliep. Het gevolg aan Antilliaanse kant van die opzegging was dat de inkomsten werden gehalveerd en de offshore-sector op Curaçao fors moest inkrimpen.

Voor Nederlandse ondernemingen, die bijvoorbeeld een dochteronderneming op Curaçao vestigen, bestaat de 'Antillenroute' nog steeds. Wel zag Nederland zich in de onlangs afgeronde onderhandelingen over zijn belastingverdrag met de Verenigde Staten genoopt tot aanscherping van de voorwaarden. Een voorontwerp van wet, dat staatssecretaris Van Amelsvoort (belastingen) in juli publiceerde, handhaaft het systeem van vrijstelling van belastingplicht voor winsten van Nederlandse concerns die in het buitenland zijn gevestigd. Maar winsten van concernonderdelen die in belastingparadijzen zijn behaald wil Van Amelsvoort niet langer 'zonder meer' vrijstellen. Er moet sprake zijn van een reële vestiging met echte economische activiteiten, niet van een 'postbusmaatschappij'. Ook de aftrekbaarheid van rente, betaald aan concernonderdelen in belastingparadijzen, wordt beperkt.

Vele honderden miljarden dollars vinden al sinds jaar en dag hun weg naar belastingparadijzen. De Antillen vervullen als zodanig een bescheiden rol, maar voor Nederland bestaat in dit deel van het koninkrijk een extra motief voor voorzichtigheid en scherp toezicht. De eilanden liggen dichtbij de Zuidamerikaanse bronnen van drugsexport en trekken de aandacht van syndicaten die drugswinsten willen 'witwassen'. De Antilliaanse regering heeft, mede op aandrang van Nederland, gezorgd voor wetgeving om dat verschijnsel te kunnen aanpakken.

Maar Nederland wil meer. De Antillen is dringend verzocht mee te werken aan ondertekening door het hele koninkrijk van het verdrag van Straatsburg. Dat voorziet in uitwisseling van informatie tussen de ondertekenaars en hulp aan buitenlandse belastingdiensten bij onderzoek van de boekhouding van particulieren of ondernemingen waarvan wordt vermoed dat ze belasting ontduiken of ontgaan of inkomsten hebben uit criminele activiteiten. De Antillen hebben zich scherp tegen ondertekening verzet, uit vrees dat ze klanten kwijtraken aan minder strenge belastingparadijzen.

Willem Vermeend vindt dat de eilanden in de West in hun eigen belang aansluiting moeten zoeken bij Europese verdragen op dit terrein waarbij Nederland partij is. “De Antillen hebben in vergelijking met andere paradijzen een goede naam, ze beschikken over een kwalitatief goede offshore-sector, met een uitstekende infrastructuur in de vorm van betrouwbare trustkantoren en administraties. Door zoveel mogelijk met ons mee te doen, zullen ze hun naam als betrouwbaar belastingparadijs verder versterken, elke verdenking van illegale praktijken uitbannen en hun concurrentiepositie verstevigen.”

Voor Curaçao is dat ook essentieel om zijn ambitie centrum voor financiële dienstverlening te worden te realiseren, zegt het Kamerlid. Als bron van inkomsten ziet hij daarin meer perspectief dan in het conjunctuurgevoelige toerisme. “In die sector zijn de risico's groot. Kijk maar naar de aantrekkingskracht van Cuba als dat eiland ècht wordt opengesteld.”

Vermeend kent de Antillen op zijn duimpje. Hij heeft er in allerlei functies gewerkt en belastingplannen voor Curaçao en Aruba ontwikkeld. Nog steeds adviseert hij de eilandbesturen als ze hulp nodig hebben. Minister Hirsch Ballin krijgt van hem alle steun voor zijn beleid om de kwaliteit van het bestuur op de eilanden en de strijd tegen de grensoverschrijdende criminaliteit te versterken. Daarin vervult ook het belastingbeleid een rol. Hirsch Ballin wil in een nieuw Statuut voor het Koninkrijk de fiscale autonomie van de landen in de West koppelen aan de voorwaarde dat de regelingen die daar worden bedacht niet in strijd komen met de belangen van het koninkrijk.

Ook de internationale fiscale verplichtingen van Nederland spelen daarbij een rol. Een Antilliaanse of Arubaanse fiscale regeling is in strijd met die belangen als zij “internationaal niet breed aanvaardbaar kan worden geacht” of een “onevenredige benadeling inhoudt van de belangen van een of meer van de overige landen van het koninkrijk”, zo werd onlangs in onderhandelingen met Aruba vastgelegd. Om de belangen van het koninkrijk te waarborgen worden in een rijkswet nadere regels gesteld. Daarmee krijgt Nederland een betere mogelijkheid om corrigerend op te treden. Vermeend vindt, met de minister, dat in dit nieuwe beleid prioriteit moet worden gegeven aan bestrijding van fraude en het ontgaan van belasting, in het belang van de Antillen zelf.

Uit het verhaal van Vermeend blijkt dat de offshore dit zelf ook al heeft ingezien. Experts van Curaçao hebben bij staatssecretaris Van Amelsvoort een plan op tafel gelegd om de Antilliaanse fiscale wetgeving te 'Europeaniseren', waarmee aan de verlangens van Nederland tegemoet wordt gekomen.

“Dat biedt aantrekkelijke voordelen voor de eilanden”, zegt Vermeend. “De vrees van Curaçao was tot nu toe dat Nederland de financiële offshore daar de nek wilde omdraaien. Maar het gaat ons om een evenwichtig pakket, waarbij de Antillen best een laag belastingtarief kunnen handhaven. We kunnen als onderdeel van de nieuwe fiscale afspraken ook in de Belastingregeling voor het Koninkrijk (BRK) overeenkomen dat de belasting wordt verlaagd op dividenden die naar de Antillen gaan. Op die manier blijft de Antillenroute zowel voor Curaçao als Nederland aantrekkelijk. Ik bekijk dat heel pragmatisch mede vanuit Nederlandse belangen, want ik heb liever dat een bedrijf een vestiging opent op de Antillen dan in België, Luxemburg, op Jersey of de Kaaimaneilanden.”

Het fiscale beleid past perfect in het streven dat Vermeend tegenover minister Hirsch Ballin verdedigt om de economie van de Antillen te versterken. “Nederland zou zijn beleid veel meer moeten richten op een gezonde economische structuur en vergroting van de financiële draagkracht van de eilanden. Daarin moeten ook de ontwikkelingsprojecten een duidelijke rol spelen. Als Kamercommissie voor de Antillen hebben we de minister ervan overtuigd dat Nederland zelf de controle op de besteding van ontwikkelingsgeld op de eilanden ter hand moet nemen en dat bepaalde vormen van 'technische bijstand' structureel worden gemaakt. We moeten Nederlandse deskundigen op allerlei gebied beschikbaar blijven stellen als blijkt dat de Antillen onvoldoende aanbod hebben van lokale mensen die voor deze functies kunnen worden opgeleid.”