Zuid-Afrika wordt een Babel met elf talen

JOHANNESBURG, 12 NOV. In een adembenemend tempo handelen Zuidafrikaanse politici dezer dagen de meest gevoelige dossiers af. Of het nu de taalkwestie is, de afschaffing van apartheidswetten of staatspensioenen voor voormalige 'terroristen' c.q. 'vrijheidsstrijders': in onderhandelingen van vijf uur 's morgens tot in de nachtelijke uren maken de regering en het Afrikaans Nationaal Congres (ANC) een eind aan jarenlange verhitte debatten. De klok dwingt ze ertoe, want maandag moet de nieuwe grondwet voor een non-raciaal Zuid-Afrika klaar zijn.

De onderhandelaars komen tot verrassende oplossingen, waarvan nog moet blijken of ze in praktijk uitvoerbaar zijn. Zo rondden de regering en het ANC het hyper-emotionele debat over de landstaal af met het besluit dat het nieuwe Zuid-Afrika elf officiële talen krijgt. In ruil voor behoud van het Afrikaans, dat nu met Engels een van de twee officiële talen is, moest de regering toestaan dat alle zwarte talen dezelfde status krijgen. Daardoor komen er na de verkiezingen elf landstalen: Engels, Afrikaans, Zoeloe, Xhosa, Ndebele, Pedi, Sotho, Swazi, Tsonga, Tswana en Venda.

De twee partijen hebben in hun overeenkomst vastgelegd dat de burger “waar praktisch mogelijk” het recht heeft in de communicatie met de overheid de taal naar zijn keuze te gebruiken. Volgens de overeenkomst, waarop het dagblad Beeld beslag heeft gelegd, kunnen de parlementen van de negen provincies met een tweederde meerderheid besluiten welke taal ze in hun gebied gebruiken. Zo kan de Zoeloe in Natal Zoeloe spreken en schrijven, en de Xhosa in de Oostelijke Kaapprovincie Xhosa. De vierhonderd leden van de Nationale Assemblee mogen kiezen in welke Zuidafrikaanse taal ze het Huis willen aanspreken.

Dit is het bouwplan voor een nieuwe Toren van Babel, menen critici. Het compromis zal een enorme bureaucratie van vertaaldiensten in het leven roepen, en Zuidafrikaanse parlementariërs zullen gekluisterd zijn aan hun oortelefoons, alsof ze een internationaal forum bijwonen in plaats van hun eigen wetgevende vergadering. De leider van de Democratische Partij, Zach de Beer, waarschuwde voor de bureaucratische gevolgen en de enorme kosten: “Men hoeft zich alleen maar voor te stellen dat de notulen van het parlement en de rechtbanken in elf talen moeten worden bijgehouden. Het is nauwelijks te bevatten”. Anderen verwachten dat Engels op den duur langs natuurlijke weg uitgroeit tot de hoofdtaal, met de tien andere talen als alternatief in de verschillende provincies.

Al even omstreden als het talenbesluit is het akkoord over de staatspensioenen. Het ANC heeft de regering zover gekregen de strijders van zijn legertje Umkhonto we Siszwe, die in het verleden terroristische aanslagen hebben gepleegd in Zuid-Afrika, ook het recht te geven op staatspensioen. De clausule luidt dat niet-ambtenaren in aanmerking komen voor een uitkering als ze zich “opofferingen hebben getroost of...het algemene belang hebben gediend bij de stichting van een democratisch grondwettelijk bestel”. Arbeid en pensioen van het huidige (voornamelijk blanke) ambtenarenkorps worden gegarandeerd.

De Onderhandelingsraad maakte gisteren tevens een einde aan een van de meest omstreden staaltjes van apartheidswetgeving: artikel 29 van de Wet op de Binnenlandse Veiligheid, die detentie zonder proces mogelijk maakt. De politie kan iemand tien dagen vasthouden voor ondervraging, zonder dat de rechtbank eraan te pas komt. Op aanvraag van de politie kan de rechter deze periode telkens verlengen. Tot 1992 maakte de wet een periode van 180 dagen detentie zonder tussenkomst van de rechter mogelijk. Sommige gevangenen werden meer dan twee jaar zonder proces vastgehouden. Onder de leden van het onderhandelingsforum, dat het artikel schrapte, waren er die in het verleden op grond hiervan hebben vastgezeten.