Tilman Spengler

Tilman Spengler: Der Maler von Peking. Uitg. Rowohlt, 206 blz. Prijs: ƒ 41,90.

In de zeventiende eeuw trachtten Portugese jezuïeten de keizer van China te winnen voor het christendom. De schilderkunst was daarbij hun belangrijkste wapen. Een jonge schilder moest de keizer ervan overtuigen dat het hanteren van een centraal perspectief de ontwikkeling van de Chinese schilderkunst zou stimuleren. Dan zou de keizer ook inzake het geloof wel een centraal perspectief ontwikkelen, dacht men. Men verheugde zich al bij voorbaat op de geur van brandstapels die dit kersteningsproces zou begeleiden.

De Chinese keizer voelt echter weinig voor de leer van het Nieuwe Testament. Wie wel verandert, dat is de jonge schilder. Hij neemt de gewoontes van zijn Chinese omgeving over en verbreekt de banden met de jezuïeten.

Het aardigste aan deze ietwat gekunstelde roman is dat Europa de trekken van een exotisch continent krijgt, waar woeste oorlogen worden uitgevochten omwille van zoiets onbewijsbaars als een religie. China komt in deze roman niet dichter bij Europa te liggen. Spengler koos namelijk het perspectief van een marsmannetje dat alles op aarde even vreemd vindt.

    • Peter Veldhuisen