Architecte wint prijs met woonproject voor schizofrene mensen; 'Als hij twee keer moet springen doet hij het niet'

DELFT, 12 NOV. Schizofrene mensen voelen zich in bestaande woningen en ziekenhuizen zelden veilig en thuis. Kleine aanpassingen zouden hierin al verandering kunnen brengen, meent architecte Birgit de Bruin (30). Vandaag krijgt zij van de Technische Universiteit Delft een prijs voor haar afstudeerscriptie 'De gekte van een gebouw: wonen en schizofrenie'.

In haar afstudeerproject doet De Bruin suggesties voor een andere indeling en aanpak van een gebouw waar schizofrene mensen beschermd kunnen wonen. Het bestaat uit twee woonlagen waarin zes groepen van zes, acht of tien personen gehuisvest kunnen worden. Zij hebben ieder een eigen kamer maar maken wanneer zij willen deel uit van een groep. De architecte ziet deze wijze van samenleven niet als een vorm van therapie want, zegt ze met nadruk, “een gebouw kan niet genezen”. Zij wil schizofrene mensen een plek bieden waar ze rust kunnen vinden en bewegingsvrijheid hebben als zij daar behoefte aan hebben.

Zij begon te puzzelen, om uiteindelijk plannen te ontwikkelen voor een gebouw.

De inspiratie kreeg Birgit de Bruin door een gebeurtenis in haar privé-leven. Haar vader werd een paar jaar geleden schizofreen. Hij werd opgenomen en zij zag hem in zijn nieuwe leefomgeving nog meer wegkwijnen. Dat het daar niet klopte was meteen duidelijk: de trappen waren zo hoog en steil dat zij zelf de neiging kreeg om naar beneden te springen. De inrichting was zo chaotisch dat zij zelf de weg niet eens kon vinden, laat staan iemand die een beetje in de war is. “Dat deed pijn. Ik kon het niet aanzien. Mijn vader woonde daarvoor in een groot huis met zijn gezin en dan opeens in een kamertje van twee bij drie in een omgeving die zijn ziekte niet ten goede kwam”, zegt De Bruin geëmotioneerd. Ze vertelde haar vader niet dat ze met het ontwerp bezig was. “Het was een heel moeilijke tijd. Ik moest ook tot een soort acceptatie zien te komen. De psycholoog die mij hielp werd uiteindelijk ook een van mijn scriptiebegeleiders. Tijdens de sessies was ik vaak in een droomtoestand en daarin vorm je eigen beelden. Dat is - kan ik nu achteraf zeggen - eigenlijk heel leuk, want je stuit op ideeën waar je anders geen aandacht aan schenkt.”

Zo ontstond het huis. Alle droombeelden werden uitgeschreven en een plan van opzet was klaar. De eerste presentatie was meteen een succes. Een terugweg was er niet meer. Een groepje mentoren om haar heen hield haar goed in de gaten. Ze mocht niet afzakken en zelf wilde zij ook een zeer kritisch klankbord.

Wat is nu een schizofreen-vriendelijk ontwerp? Het duidelijkste voorbeeld is volgens De Bruin het balkon. Voor de gemiddelde mens is een balkon een plaats om te zonnen. Voor schizofrene mensen nodigt het gemakkelijk uit tot zelfdoding. De architecte stelt daarom voor onder de balkons bij voorbeeld pergola's te zetten. “Dan moet de bewoner in ieder geval twee keer springen en dat weerhoudt hem misschien.” Bewoners zouden ook zelf hun deurknop, het hang- en sluitwerk moeten mogen uitzoeken. “Dan voorkom je dat zij achterdochtig worden - een vorige bewoner heeft immers misschien nog een sleutel van de kamer.”

Zij ontwierp het huis meer voor de patiënten dan voor de hulpverlening. “Niet dat de verzorging er last van heeft, maar alles is afgestemd op de schizofrenie. Twee soorten w.c.'s en twee soorten gangen. Door de ene, brede open gang loop je als je je zeker voelt, door de smalle gang, die ernaast loopt, kun je je aan pilaren vasthouden of je erachter verschuilen.” Dat blijven steeds belangrijke thema's in haar werk: openheid en geborgenheid. De dikke betonnen voorgevel vertoont grote gaten die van buiten af gezien een kunstzinnig beeld geven, maar binnen blijken er nisjes te zijn waarin de bewoner de mogelijkheid heeft zich terug te trekken.

Wisselende stemmingen veroorzaken wisselende inzichten om de eigen kamer in te richten en om dat mogelijk te maken is er rekening mee gehouden dat hetgrootste meubel, dat is meestal het bed, overal kan staan. Alle kamers zijn anders van afmeting omdat geen mens hetzelfde is. De Bruin: “Tja, als twee mensen dezelfde kamer willen bewonen, hebben ze gewoon pech.”

Haar vader bleef vragen naar de dag van haar afstuderen. In oktober 1992, een dag voordat zij zou afstuderen, heeft zij hem uitgebreid verteld over haar project en hem gevraagd bij haar eindpresentatie aanwezig te zijn. Voor de vijf verschillende onderdelen behaalde De Bruin vier tienen en een negen. De examencommissie sprak van een “uitmuntende integratie van functie, ruimte en materiaal die zij bereikt heeft in een voorbeeldig ontwerpproces ten behoeve van een woongebouw voor een bijzondere groep bewoners”.

In psychiatrische kringen is al belangstelling getoond voor de ideeën van de architecte. De Nederlandse bevolking telt ongeveer 140.000 schizofrenen. Ongeveer 30 procent (45.000) komt in aanmerking voor de door De Bruin ontworpen woon- en leefruimten.

    • Margot Poll