Amsterdam wil wildgroei interimmanagers voorkomen

AMSTERDAM, 12 NOV. Elk stadsdeel, gemeentelijke dienst of gemeentelijk bedrijf van Amsterdam kan naar eigen goeddunken externe deskundigen aantrekken. Hoeveel er precies voor de gemeente Amsterdam werken staat nergens geregistreerd. Controle over het aanstellen van interim-managers ontbreekt, constateerde de gemeentelijke rekeniningencommissie in haar jaarverslag. Bovendien vindt de commissie de beloning “buitensporig hoog”.

Onzin, vindt het bureau voor interimmanagement W & S. “De rekeningencommissie overdrijft. Interimmanagement is mischien duur, maar het brengt uiteindelijk wel zijn geld op”, zegt J. van Duijn, coördinator van de sector overheid bij W & S. Hij is voormalig wethouder van economische zaken in Amsterdam en nog politiek actief als CDA-gemeenteraadslid. Al tweeënhalf jaar levert zijn bureau de directeur van GECEI, het computercentrum van de gemeente Amsterdam.

Het personeelsverloop bij dat centrum was zo groot dat klanten en gemeentelijke diensten niet meer wisten bij wie ze moesten aankloppen. W & S werd ingeschakeld om een interimmanager te leveren die orde op zaken kon stellen. “Die man heeft daar in zeer korte tijd de rode cijfers omgezet in zwarte”, zegt Van Duijn. “De gemeente wil hem nog lang niet kwijt.”

Dat het de gemeente niet lukt de interimdirecteur te vervangen door een vaste kracht heeft volgens Van Duijn te maken met de salarisschalen van de gemeente. “Onze man is ex-directeur van Philips. Aan iemand met dat niveau en die ervaring hangt nu eenmaal een prijskaartje.”

De rekeningencommissie wil best geloven dat het geld voor interimmanagement goed besteed is. “Maar als een extern deskundige zolang ergens zit, is er toch iets mis. Een interimmanager is er om puin te ruimen, dat mag hooguit een paar maanden duren”, aldus A. Hooijmaijers van de rekeningencommissie en raadslid voor de VVD.

Het grondbedrijf van de gemeente Amsterdam werkt al meer dan drie jaar met een financieel interimdirecteur. “We hebben één keer intensief geprobeerd een vaste kracht te vinden”, zegt directeur J. Gerson. “Maar dit soort functies is lastig in te vullen. De eisen zijn hoog. Het grondbedrijf zit midden in een veranderingsproces. Met het oog op de regionalisering gaat hier nogal wat gebeuren.” Voorlopig wil het grondbedrijf met de huidige interimmanager doorgaan. “Die man verdient zijn geld dubbel en dwars terug. Hij doet zijn werk uitstekend.”

Niemand weet precies hoeveel interimmanagers er bij de gemeente Amsterdam werken. De rekeningencommissie van de gemeenteraad niet, de afdeling personeelszaken van het stadhuis niet, een woordvoerder van het college van B en W niet.

“Ik weet toch ook niet hoeveel uitzendkrachten de gemeente in dienst heeft”, zegt een woordvoerder van de gemeente. “Als een secretaresse ziek wordt, huur je ook een uitzendkracht in. Interimmanagers zijn in wezen gewoon uitzendkrachten.”

Maar dan wel heel dure, vindt de rekeningencommissie, die bovendien vaak te lang blijven hangen. Er moet een centraal meldpunt komen, vindt de commissie. Nu wordt er te veel langs elkaar heen gewerkt en heeft niemand zicht op het aantal interimmanagers. “Er gaat geen week voorbij of er wordt weer een nieuwe aangesteld”, zegt Hooijmaijers.

Om wildgroei te voorkomen wil de rekeningencommissie dat gemeentelijke diensten voortaan alleen met toestemming van B en W externe deskundigen aantrekken. Ook moet een maximale periode worden afgesproken. “Een interimmanager verdient tweeduizend gulden per dag”, zegt Hooijmaijers. “Zo iemand kan niet ongelimiteerd blijven zitten. Voor dat geld kun je ook vaste krachten in dienst nemen.”

De kracht van een tijdelijke bestuurder zit hem juist in de tijdelijkheid, zegt M. van Dijk van het bureau Prime Executives. Sinds september werkt hij twee dagen per week voor stadsdeel Buitenveldert als interimhoofd van de sector wonen en werken. “Als een interimmanager te lang blijft, verliest hij zijn objectiviteit”, zegt Van Dijk. “Hij raakt dan te veel betrokken bij het bedrijf om nog langer als onafhankelijke autoriteit op te treden.”

Interimwerk is per definitie tijdelijk, zegt ook Van Duijn van W & S. “Maar er zit nogal wat kaf tussen het koren. Op de markt voor interimmanagement opereren veel zelfstandigen. Zo'n eenpitter kan niet terugvallen op een bureau. Als zijn volgende opdracht nog niet in het verschiet ligt, heeft hij misschien geen haast om weer te vertrekken. En als hij ook maar even de gedachte heeft bij de opdrachtgever in dienst te treden, blijft er van zijn daadkracht ook weinig over.”

Het college van B en W zal volgende week dinsdag reageren op de bevindingen van de rekeningencommissie.