Voor de vorm

DE LIJDENSWEG van commissaris Van den Broek is niet ten einde. Hij heeft destijds Den Haag verlaten, door zijn ambtgenoten nagewuifd als de man die in Brussel een zeer belangrijke post ging bekleden.

Niet minder dan de Europese buitenlandse politiek zou door Van den Broek worden vormgegeven. Sindsdien is de voormalige Nederlandse minister van buitenlandse zaken hoofdzakelijk bezig geweest om te worden opgemerkt door zijn nieuwe collega's. Een tweetal had de externe betrekkingen van de Gemeenschap al onderling verdeeld en aan een derde eend in de door hen uitgehakte bijt hadden zij allesbehalve behoefte. Daarbij kwam dat, hangende de aanvaarding van 'Maastricht' met zijn beloftevolle passages over een gezamenlijke Europese buitenlandse en defensiepolitiek, Van den Broek bureaucratisch een zwevend bestaan was toebedeeld.

Het verdrag van Maastricht is nu geratificeerd en de commissaris voor buitenlandse betrekkingen heeft die gelegenheid aangegrepen om de zaak op scherp te stellen. Het compromis dat gisteren werd bereikt, geeft hem meer dan hij had, maar nog lang niet waarop hij recht meende te hebben. Gespecialiseerde medewerkers bij de Europese vertegenwoordigingen, zeg: de missionarissen van Van den Broeks concurrenten, vallen weliswaar formeel onder zijn gezag, maar bij de afwikkeling van hun zaken richten zij zich tot hun feitelijke opdrachtgevers. Bovendien, de externe relaties van de Gemeenschap blijven het jachtgebied van de nationale staten, zeker dat deel waarvoor Van den Broek heeft getekend.

Van den Broek is een man van courage en consistentie, twee eigenschappen die hij in zijn tegenwoordige bestaan hard nodig heeft. Maar de 'glamour' die hij in Brussel dacht te vinden, zal hem worden onthouden. Zijn functie is er helaas meer voor de vorm dan de inhoud.