Van Binnen

“Oh, daar komt je familie weer opzetten!”

“Inderdaad, dit heb ik van mijn oom geërfd. Hij was erg op Frankrijk, net als ik, en hij wist dat deze roze marmeren klok helemaal mijn smaak was. Mooi hè, zelfs op de wijzerplaat zitten guirlandes van email. En hij doet het ook nog goed. Van de twee bijbehorende kandelaren stond toen één bij een ander familielid. Gelukkig hebben we een ander object uit de erfenis ervoor kunnen ruilen, want zoiets moet natuurlijk wel compleet zijn.”

“Toen ik hier introk had ik er wel moeite mee om in het interieur van een ander te leven. Er lag ook donkerbruine vloerbedekking en, als ik eerlijk ben, minder mooie spullen. Die witte theetafel van je moeder, weet je nog? Met een gouden randje erop geschilderd! Maar ja, ik kon moeilijk zeggen: weg ermee.”

“Toen we de inrichting grondig gingen vernieuwen hebben we alles zolang opgeslagen. Het was een schok om de oude meubels in het heel ander, lichter interieur te zien. Alles viel weg! De mahoniehouten kast in de woonkamer is wel twee keer zo groot als de kast die er eerst stond. We hebben de decorateur van hier aan de overkant gevraagd bij ons te komen kijken en zijn gedachten erover te laten gaan. Toen we die cretonnen gordijnen met het grote bloemendessin hadden uitgezocht voor de eetkamer was het zijn idee om dezelfde stof te laten terugkomen op een fauteuil en een kussen met ruches voor op de bank. Onze eerste reactie was: o nee. Maar ik moet zeggen, het staat énig.”

“Vind ik ook. Het behang met streepjes was net zoiets. Eindeloos hebben we stukken ervan met punaises tegen de muur geprikt om te kijken hoe het zou staan. Onze decorateur had al eerder het ruitenpatroon voorgesteld voor de hal, een beetje het idee van een Franse pergola, en met het streepjesbehang had hij weer gelijk. Hij voelt onze smaak precies aan.”

“Het verhaal van de eettafel was helemààl sterk. We dachten aan een glazen tafel, totdat ik op een dag tijdens de lunchpauze een mooie antieke Franse tafel in de Spiegelstraat zag. Ik was alleen bang dat zij het een beetje tè zou vinden, met die grijze finish en het blad van groen leer met gouden stempelranden. De volgende dag belde onze decorateur om te zeggen dat hij een stoel had staan die bij een tafel hoorde die ons wel zou bevallen. Laat hij nu precies dezelfde tafel in de Spiegelstraat hebben gezien en voor ons er een optie op hebben genomen!”

“Inmiddels hebben we veel geërfd of via de familie gekregen, bijvoorbeeld het kristal en de zilveren bakjes en schalen. Die zilveren broodschaal was bedoeld als verlovingsgeschenk, maar toen ik 25 was ging ik weg uit Den Haag om in Amsterdam op kamers te gaan wonen en op mijn dertigste was ik nog steeds niet verloofd. Toen zei mijn moeder: meid, waarom zou je op een man zitten wachten, en gaf mij zelf die schaal. Ik ben er erg vóór de dingen echt te gebruiken. Op zondag staat de zilveren koffiepot op een lichtje hier op tafel, en de zilveren koektrommel die ik kreeg bij mijn 25-jarig jubileum in het bedrijf staat elke dag op tafel. Als we een diner geven staat het kristallen pièce de milieu op tafel, soms ook met de vazen erbij met rozen. Het zijn geen museumstukken, maar ze zijn met een zekere zorg uitgezocht.”

“Van bijna elke reis nemen we zilveren fotolijstjes mee voor op het ronde tafeltje naast de bank. Het raakt er nu een beetje vol, maar we mogen graag rondkijken op antiekmarkten. Toen we gingen samenwonen, jaren geleden alweer, bleek dat we ieder een zilveren fotolijstje van Tiffany hadden - ik een strakke, zij een drukke. Dat vonden we een mooie symboliek.”

“Er is één hoek van de eetkamer waar ik nog steeds niet helemaal tevreden over ben. Die kleine mahoniehouten tafel met wat familieportretjes erop en erboven een schilderij van bloemen. Ik weet niet wat het is, er is daar iets nog niet af.”

“Jij vindt die tafel lelijk.”

“Nee, niet echt lelijk. Iets in de verhoudingen zint me niet. Maar jij vond dat halfronde kastje op de antiekbeurs toch ook mooi? Mooier dan dit tafeltje. Jammer alleen dat het zesenhalfduizend gulden moest kosten.”