'Geen hogere kindersterfte door boycot'

WASHINGTON, 11 NOV. De Amerikaanse regering bestrijdt dat het handelsembargo tegen Haïti de kindersterfte op het eiland met eenderde heeft verhoogd, zoals onderzoekers van de Amerikaanse universiteit van Harvard in een recente studie hebben geconcludeerd.

Een woordvoerster van het Witte Huis erkende gisteren dat de door de Verenigde Naties afgekondigde handelsboycot niet alleen het militaire bewind treft, maar ook gewone Haïtiaanse burgers. Zij zei echter te twijfelen aan de methode die de Harvard-deskundigen hadden toegepast, omdat dezen slechts een klein gebied op Haïti in hun onderzoek zouden hebben betrokken en de resultaten hiervan hebben geëxtrapoleerd voor het gehele land.

Het rapport - uitgevoerd door het instituut voor bevolkings- en ontwikkelingsonderzoek van Harvard, op grond van door hulporganisaties verzamelde gegevens - concludeert dat sinds de boycot per maand 4.000 kinderen jonger dan vijf jaar sterven, vooral door ondervoeding. Vóór de boycot waren dat 3.000 kinderen.

De boycot werd vorige maand opnieuw ingesteld, nadat het militaire bewind op Haïti de terugkeer van de in 1991 verdreven president Jean-Bertrand Aristide onmogelijk had gemaakt. Een eerdere boycot was kort daarvoor opgeheven, nadat het militaire bewind leek mee te werken aan een herstel van de democratie.

De nieuwe handelsboycot heeft geleid tot schaarste, onder meer aan brandstof en elementaire levensbehoeften. Hoewel medicijnen en voedsel van de boycot zijn uitgezonderd, wordt de hulpverlening thans ernstig belemmerd, verklaarde de leider van het onderzoek Lincoln Chen in The New York Times, waarin het rapport eerder deze week werd besproken. “De menselijke tol van de stille tragedie van humanitaire verwaarlozing is veel groter dan die van het geweld of van de mensenrechtenschendingen”, aldus het rapport. Het stelt onder meer vast dat vaccinatieprogramma's slechts voor een fractie kunnen worden uitgevoerd, omdat de brandstofschaarste het transportsysteem van Haïti vrijwel heeft verlamd.

Een woordvoerder van het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken ontkende gisteren dat de noodhulp in Haïti in gevaar is gebracht door het embargo. Volgens hem is nog voor zeker drie maanden voedsel en medicijnen in voorraad. (AFP, Reuter)