China en Rusland gaan militair samenwerken

PEKING, 11 NOV. China en Rusland hebben aan het slot van het bezoek van de Russische minister van defensie, generaal Pavel Gratsjov, aan Peking een militaire samenwerkingsovereenkomst getekend, maar over de inhoud ervan bestaan uiteenlopende versies en speculaties.

Gratsjov zei gisteren tegen Russische journalisten dat een van de punten een uitbreiding van het aantal militaire attachés op de beide ambassades met drie was en dat er een tweede protocol over uitwisselingen zou worden getekend. De woordvoerder van het Chinese ministerie van buitenlandse zaken zei vandaag dat de akkoorden de uitwisseling van personeel, delegaties en kennis bevatten, maar geen militaire coproduktie noch wapenleveranties.

Over wapenleveranties zei Gratsjov eerder dat die de verantwoordelijkheid van het Russische ministerie van buitenlandse economische betrekkingen waren en dat vice-premier Aleksandr Sjochin binnenkort China zal bezoeken om daarover akkoorden te sluiten. De Chinese minister van buitenlandse zaken, Qian Qichen, bevestigde enige dagen geleden tegenover Amerikaanse journalisten eveneens dat wapenleveranties niet op de agenda van Gratsjov stonden.

Niettemin is er sterke speculatie dat er belangrijke gezamenlijke militaire projecten op stapel staan. President Boris Jeltsin zei tijdens zijn bezoek aan China eind vorig jaar dat er een zeer groot potentieel voor dat soort samenwerking, wapenleveranties inbegrepen, bestond. De Japanse krant Yomiuri Shimbun berichtte gisteren uit Moskou dat Gratsjov een overeenkomst zou tekenen voor de gezamenlijke Chinees-Russische ontwikkeling van een nieuw gevechtsvliegtuig. De Chinezen zouden het vliegtuig, de 'Super-7', gebaseerd op de MiG-21, ontwerpen en de Russen zouden de motorentechnologie en elektronica leveren. Russische bronnen in Peking zeggen dat het niet moeilijk is dit soort geheime informatie in Moskou tegen betaling te krijgen.

China was vóór 1989 voornemens om Amerikaanse motorentechnologie voor het project te verwerven. Het moest echter een andere partner zoeken, omdat de Verenigde Staten na de repressie die in juni 1989 in China begon, een embargo op alle militaire contacten afkondigden. De VS hebben pas vorige week de militaire contacten hervat, maar het wapenembargo blijft voorlopig gehandhaafd.

De Amerikaanse geheime dienst CIA liet vorige maand uitlekken dat er zeker 1.000 en wellicht 3.000 militaire wetenschappers en technici van de zeer geheime voormalige Sovjet-laboratoria en wapencomplexen tegen hoge salarissen en aantrekkelijke bijkomende voorwaarden in China werken. Een internationaal programma, waarvoor 100 miljoen dollar bijeen was gebracht om de Russische experts alternatief civiel werk te bieden, is volledig mislukt. De Russische ambassade in China heeft geen enkele vat op de activiteiten van de experts en zegt niet eens te weten waar ze zijn.