Van Rooy hekelt beleid Indonesië

JAKARTA, 10 NOV. Staatssecretaris Van Rooy van economische zaken heeft Indonesië vanochtend gewaarschuwd snel het investeringsklimaat te verbeteren, omdat anders investeerders zullen uitwijken naar omliggende landen.

“Het is belangrijk voor Indonesië zorgvuldig te luisteren naar de signalen van het internationale bedrijfsleven. Indonesië zou zijn eigen investeringsklimaat eens moeten vergelijken met de mogelijkheden die andere landen in Zuidoost-Azië bieden aan investeerders”, aldus Van Rooy. Zij staat aan het hoofd van een handelsmissie die deze week een bezoek brengt aan Indonesië.

Van Rooy deed haar uitspraken over het Indonesische investeringsklimaat vlak na een ontmoeting met president Suharto. Suharto had er juist bij haar op aangedrongen dat Nederland de economische banden met Indonesië aantrekt.

In een gesprek met journalisten zei VAn Rooy dat het Nederlandse bedrijfsleven Indonesië nog steeds ziet als een interessant land voor nieuwe investeringen. Ze hield een pleidooi voor het afschaffen van de Indonesische regeling dat buitenlandse ondernemingen na twintig jaar hun meerderheidsbelang in grote ondernemingen moeten aanbieden aan een lokale partij. Volgens Van Rooy wordt dit gezien als een belangrijke belemmering voor buitenlandse investeerders.

Uit gegevens van bankiers blijkt dat de buitenlandse investeringen in Indonesië sterk onder druk staan. De buitenlanders investeringen in Indonesië bedroegen dit jaar tot en met medio september 5,5 miljard dollar. Dat is 29 procent minder dan in dezelfde periode vorig jaar.

Volgens Van Rooy is het doel van haar handelsmissie de economische relaties tussen Nederland en Indonesië te verdiepen. Die relatie is niet hecht. Vorig jaar weigerde Indonesië alle verdere ontwikkelingshulp, omdat Indonesië zich had geërgerd aan wat het land zag als inmengingen in binnenlandse aangelegenheid van een oud-koloniaal. Nederland had gereageerd toen Indonesiche militairen op Oost-Timor 180 mensen doodschoten.

De Nederlandse ontwikkelingshulp aan Indonesië was over 1992 begroot op 91 miljoen dollar. Dat was 1,9 procent van de totale buitenlandse steun van 4,75 miljard dollar die Indonesië over dat jaar zou ontvangen. Het stopzetten van de ontwikkelingshulp had tot gevolg dat Nederland de voorzittersplaats verloor in de IGGI, de Inter-Governmental Group on Indonesia, een groep van een aantal landen die Indonesië verder willen ontwikkelen.